Le va et vient à Pierrefonds

Le va et vient à Pierrefonds


Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), Het binnenplein van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto bvhh.nu (2008). Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), Het binnenplein van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto bvhh.nu (2008).

Le va et vient …
het plein van Pierrefonds
lost op in een markt
waar mensen slenteren …
Iedere gevel
als een apart gebouw
organisch gegroeid
tous les temps, tous les lieux
ogenschijnlijk lukraak
maar au fond
resultaat
van een
tekentafel
waar de meester van het werk
zich fronsend over buigt
en ziet dat het goed is.

Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), De bouwvakker in een van de sluitstenen van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto Poul de Haan (2008).

______________________________________________________________________

Postscriptum | La va et vient

Dit gedicht met de uitleg in het citaat hieronder komt uit mijn eerste bundel met Kunst der Vormen in de Picardie – Assez de place (2008)* – en is hier geplaatst in het kader van het initiatief Gedicht op maandag | #Gom. Toen ik met deze groep op excursie ging, realiseerde ik me helemaal niet dat we zo dicht bij Pierrefonds zouden zijn.* En dat stond al zo lang op mijn verlanglijstje. Op het notebook dat ik bij me had, had een lezing staan over Pierre Cuypers die ik aanvulde met wat foto’s die Poul de Haan, Marja Langenberg en ik bij een verkennend bezoek hadden gemaakt. En zo kon ik een presentatie geven, voordat we er met het hele gezelschap naar toe gingen. Dat was ook wel nodig: we schrijven 2008, het Rijksmuseum was nog niet herontdekt (dat gebeurde pas na de opening in 2013) en in de groep heerste de nodige argwaan jegens de neostijlen. Er was dan ook geen onverdeeld enthousiasme over dit meesterwerk van Cuypers’ grote voorbeeld, Eugène Viollet-le-Duc. Min of meer schoorvoetend gaf men zich over …

Dit thema dank ik aan Maarten* wiens eerste reactie op het binnenplein van Pierrefonds was dat het zo van de tekentafel kwam. Die opmerking activeerde een paradox die tekenend is voor dit soort complexen: Viollet-le-Duc had als opdracht om in Pierrefonds een microcosmos van het Franse rijk en zijn verleden te tonen, waarvan de organische groei in de verschillende bouwvolumes en geveldelen tot uitdrukking moest komen. In het spoor van Lodewijk XIV wilde keizer Napoleon III zichzelf in het midden van dit rijk plaatsen: het was zijn Versailles. Analoog aan de al wat oudere landschapsparken moesten hier ‘tous les temps et tous les lieux’ verbeeld worden. Marja herkende dan ook direct tijdens de voorexcursie nagenoeg rechtstreekse stijlcitaten van de Sainte Chapelle en van kastelen als Blois en Chambord.

In het spoor van de microcosmos onthult het plein nog een favoriet thema uit deze tijd: architectuur als stad in het klein. Algemeen werd die ‘stad’ alleen als silhouet getoond, zoals Cuypers met name laat zien bij het Centraal Station. Door de bijzondere opgave van Pierrefonds was Viollet-le-Duc hier in de gelegenheid om de stad in het klein ook van binnen te tonen door het plein het aanzien te geven van een markt met verschillende gebouwen.

Van de middeleeuwse bouwkunst hadden Viollet-le-Duc en Cuypers het thema van de recursie overgenomen, dat vergelijkbaar is met het Droste Cacao-effect.* De grote kathedralen zijn een verbeelding van het hemelse Jeruzalem dat ik hiervoor heb aangestipt en bevolkt met heiligenbeelden wier baldakijnen opnieuw een hemels Jeruzalem vormen. Heel fraai zien we dat bij ons broddellapje in het frontispies, waar een prachtig gedetailleerd gotisch Jeruzalem is neergedaald.*

Dit thema werd op verschillende manieren uitgewerkt in Pierrefonds, waar het grote kasteel onder meer een recursie krijgt in de bekroning van de beren van de loge naar de keizerlijke vertrekken. Bij haar speurtocht naar een detail om zich op te concentreren attendeerde Janke me hierop. We zien het dan ook terug in de tekening die zij maakte.

Le va et vient | Janke de Boer, Een van de steunberen van Pierrefonds, bekroond door een miniatuur kasteel. Foto Marjan van den Bos, 2008.
Janke de Boer, Een van de steunberen van Pierrefonds, bekroond door een miniatuur kasteel. Foto Marjan van den Bos, 2008.

Over de foto’s nog het volgende: de twee in de kop zijn van mijn hand. Wat ze bijzonder maakt is dat ze genomen zijn met mijn eerste GSM met fotocamera, een Nokia. Vergeleken met de iPhone die ik nu heb, was het een soort stoommachine, maar wat was ik destijds blij met dit hulpmiddel. Ik heb toen ontdekt hoe gemakkelijk het is om een fototoestel direct bij de hand te hebben.

De foto van de bouwvakker in een van de sluitstenen van Pierrefonds is van Poul de Haan, wiens werk ik voor nagenoeg alle bundels heb mogen gebruiken die ik met Kunst der Vormen maakte. Het was delen in de overvloed wat ook gold voor de andere fotografen en de tekenaars in het gezelschap. Dat maakte het bundelen van de gedichten een dankbaar werk.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen

  • Hubar, Bernadette van Hellenberg. Assez de place pour être heureux. Art des formes visite la Picardie. Gedichten op locatie. Ohé en Laak: VanHH.org, 2008. http://bit.ly/2yS3tYj-Assez, pp. 16-17.
  • Voor zie dit lemma op Wikipedia.
  • Maarten Ruijters, architect en begenadigd topografisch tekenaar. Van hem is ook de tekening op de omslag van Hubar, Assez de place.
  • Voor het Droste-effect of de recursie zie dit lemma op Wikipedia.
  • Het broddellapje slaat op de kerk van Saint Martin au Montigny Lengrain, een onvoltooide symfonie par excellence. Van het frontispies is een foto van Poul de Haan te zien in Hubar, Assez de place, p. 17.
  • Wat betreft de achtergrond van mijn observaties, zie Hubar, Arbeid en Bezieling, zoektermen: microcosmos; Louis de Carmontelle in verband met ‘tous les temps et tous les lieux’; Aart Oxenaar voor de stad in het klein. Het thema van de recursie heb ik verder uitgewerkt in mijn monografie over de nieuwe Bavo.

Ben je in de buurt van Pierrefonds, ga dan zeker kijken!

Verkorte link van dit item: bit.ly/2Iyqt70-VanHH2Org

Theo Vogels (1919-1945) | Dodenherdenking 2018

Theo Vogels (1919-1945), student in verzet, gedreven door geloof.* 

Het item over het boek van Joep Vogel over Theo Vogels op if then is now (http://bit.ly/2FF6QUy). Screenshot bvhh.nu 2018.

Vandaag plaatste ik dit bericht op de sociale media: ‘Wie herdenk jij vandaag op #4mei? Ik mijn oom Theo Vogels, de broer van mijn moeder. Dankzij het boek van mijn neef Joep Vogels, ‘Student in verzet’, is eindelijk duidelijk geworden wat hem overkomen is. #JaarVanVerzet bit.ly/2FF6QUy-ITIN via @ifthenisnow’.

Ik vind het een bijzonder verhaal, dat mijn neef geschreven heeft. Bijzonder omdat het laat zien wat een steun het geloof kan bieden aan iemand die in de positie verkeerde van mijn oom: in een Duitse gevangenis in Siegburg, waar vlektyfus uitbrak als gevolg van vervuiling, waartegen de uitgehongerde mannen nauwelijks kans maakten. Zelf van de generatie die meer en meer van de kerk is af komen te staan, maakt dit veel indruk. Maar de reconstructie van Joep is ook bijzonder, omdat opnieuw blijkt hoe diep de sporen zijn die een oorlog in een familie trekt. Zelfs voor ons als nazaten is het belangrijk om eindelijk te weten hoe het zit. De behoefte aan closure laat zich duidelijk niet wegdringen. Daar kwam voor mij, behorend tot de groep jongste kleinkinderen van mijn grootouders, nog eens bij dat het een weldaad was om meer te weten van het gezin waarin mijn moeder opgroeide. Daar kom ik nog een keer op terug. De oorlogsherinneringen van mijn moeder hebben in de tijd dat ik opgroeide geleidelijk moeten wijken voor die van mijn vader die na zijn vijftigste geconfronteerd werd met zijn onverwerkte oorlogsverleden.* Dat is het ongeschreven boek, waaraan ik aan het slot van mijn blog op if then is now refereer.

Het lichaam van oom Theo is na 1950 overgebracht naar de erebegraafplaats van Loenen:
Ereveld ( graf nr 172 )
Groenendaalseweg 64
7371 EZ – Loenen.

Tijdens de dodenherdenking vandaag zal achterneef Arthur Vogels, zoon van Henk en Brigitte, namens de familie bij het graf van Theo Vogels staan.

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen

  • Joep Vogels, Student in verzet. Gedreven door geloof, Tilburg 2017, ISBN/EAN 978-90-9030354-3. Het boek kost 22 euro exclusief verzendkosten en kan besteld worden bij de auteur via: j.vogels@vogelvrij.nl
  • In het kader van haar boek over de Engelandvaarders heeft Pauline van Till een lemma over mijn vader geplaatst op Wikipedia.
    Volledige titel van het boek: Till, Pauline L. van, en Harald S. van der Straaten. Engelandvaarders en vluchtelingen: 1940-1945: de Noordzee-route. Den Haag: Uitgeverij Colorworks, 2015.
  • Lees mijn webartikel op @ifthenisnow over het boek van Joep Vogels over Theo Vogels onder deze link: http://bit.ly/2FF6QUy-ITIN

Op 4 mei om 13:00 uur vindt de bijzondere dodenherdenking in Loenen plaats: Ervaar Ereveld Vol Leven!

Verkorte link van dit item: bit.ly/2FHrfYQ-VanHH2Org

Duet voor Gerard | Tussen de hond en de kat

Duet voor Gerard — Vandaag gaan we verdrietig genoeg een dierbare vriend naar zijn laatste rustplaats begeleiden: Gerard van Wezel (1951-2018), mijn opdrachtgever bij De genade van de steiger.* Als ik zeg opdrachtgever, klinkt dat heel afstandelijk. En dat was onze werkrelatie die lopende het project uitgroeide tot een vriendschap, allerminst. Ik kom er nog op terug in een blog, die ik binnenkort zal plaatsen. Vandaag, in het kader van de serie ‘Gedicht op maandag’ (#Gom)*, haal ik twee items naar voren, die Marij en ik in beeld en woord maakten voor de jaarwisseling van 2012/2013 en 2016/2017. Gerard was namelijk een echt hondenmens die bij de eerste ontmoeting al vriendschap sloot met Dogle en ons later hielp toen we problemen hadden met haar opvolgster Frieda. Dankzij hem ontwikkelde de laatste zich tot een plezierige huisgenoot. Overigens was Gerard zo honds nog niet of er kon wel een kat bij. Zo kwam in huize Van den Akker/Van Wezel Pip de boxer Twinkel gezelschap houden. Vandaar dit duet voor een inspirerende vakgenoot en loyale vriend.

Duet voor Gerard | Onze Hovawart Dogle (2004) en Troef de kat die in 2012 zijn entree maakte. Collage van Foto's van Marij Coenen en bvhh.nu 2013.
Onze Hovawart Dogle (2004) en Troef de kat die in 2012 zijn entree maakte. Collage van foto’s van Marij Coenen en bvhh.nu 2013.

Vertrouwen (2013)

Stapsgewijs
naderden ze elkaar
het onbegrip in de genen
gebakken
de staart die
vreugdevol groet of
juist vervaarlijk zwaait
leidt tot een lik of een haal
en toch groeide vertrouwen
worden slaapplaats,
eten en drinken gedeeld
de tuin samen verkend
het spel samen gespeeld
als kat en hond
zonder woorden
vol vertrouwen
in elkaar, in ons
in het ongewisse
dat toch wel komen zal
maar gezamenlijk
genomen kan worden.

Kakafonie in rood en blond (2017)

De dag dat de koningen in Bethlehem kwamen
Wordt steevast gevierd met een boon
Nog altijd zijn wij in de bonen
Met onze nieuwe huisgenoot
hoe rood en blond elkaar hier raken
Soms in gekwispel,
dan weer een klauw
geblaas en geblaf als dissonanten
spel en jacht in één parcours
soms op het randje, maar …
nooit rancuneus
nooit langer dan een brok of kluif
nooit zonder ook in peis en vree
de bank te delen
Zou dat vaker passeren
in dit nieuwe jaar?
lam en leeuw, havik en duif?

Duet voor Gerard | Troef en zijn nieuwe huisgenoot Frieda de Hovawart (2016). Collage van Foto's van Marij Coenen en bvhh.nu 2017.
Troef en zijn nieuwe huisgenoot Frieda de Hovawart (2016). Collage van Foto’s van Marij Coenen en bvhh.nu 2017.

Rust zacht Gerard!

B & M

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Museumweek 2018 | Pronkstuk Cuyperszaal van Joseph Cuypers

Museumweek 2018 in het Cuypershuis te Roermond — Wie het Cuypershuis bezoekt en daar de ‘feestzaal’ in de zuidelijke vleugel binnenstapt, denkt dat hij te maken heeft met een ontwerp van Pierre J.H. Cuypers. Maar dat is niet het geval. Oorspronkelijk zaten in deze beuk de houtsnijders en meubelmakers die bij hun werk onder meer gebruik maakten van op stoom aangedreven draaibanken. Van 1907 tot 1908 vond een ingrijpende verbouwing plaats waarbij dit deel van het complex getrokken werd bij het woonhuis van de inmiddels tachtigjarige Pierre senior.* De volgende generatie in de persoon van zijn zoon, Joseph Cuypers, drukte hier een stevig stempel op door de ‘feestzaal’ te overdekken met een holle versie van de koepel van de nieuwe Bavo, die hij kort daarvoor had ontworpen (1906). Net als daar zijn ook in Roermond Moors aandoende motieven verwerkt.* Maar daarover een andere keer meer.

Deze diashow vereist JavaScript.

Museumweek 2018 in de Cuyperszaal van het Cuypershuis. Wil je rustig tussen de dia’s bladeren, druk dan op de pauzeknop en navigeer zelf met de cursor.

Het Roermondse museum beschouwt terecht het eigen gebouw als collectiestuk nummer 1. Daarbinnen heeft de ‘feestzaal’ het even terechte predicaat gekregen van ‘pronkstuk Cuyperszaal’.

Tijdens de museumweek 2018 staat in deze ruimte een tafelvitrine opgesteld met voorwerpen uit de collectie van Joseph Cuypers, die de familie in 2016 in bewaring heeft gegeven aan het gemeentearchief van Roermond. Er zit van alles in: een deel van zijn bibliotheek, dozen vol brieven, een flinke hoeveelheid half voltooide ontwerpen en – crème de la crème voor de echte liefhebber – zijn schetsboekjes vanaf zijn jeugd tot op hoge ouderdom. Behalve van Joseph zitten er ook stukken in van zijn vader, zijn zoons Pierre junior en Charles en van zijn vrouw Delphine.* Van haar wordt een aquarel van een bloemstuk getoond.

Daarnaast zijn enkele schetsboekjes te zien, het mooi vormgegeven jubileumalbum bij gelegenheid van het gouden huwelijksfeest van Joseph en Delphine, enkele publicaties van en over Joseph Cuypers, oude foto’s en ontwerpen, waaronder een 50 gulden biljet. Het moet gemaakt zijn voor 1890, want rechtsboven staat Willem III afgebeeld. Aan het handschrift te zien zijn de aantekeningen van Pierre senior. Of dat betekent dat hij het ontwerp heeft gemaakt, is de vraag, want het kan ook zijn dat hij opmerkingen heeft geplaatst bij het werk van zijn zoon. Alleen al de grafische productie van vader en zoon Cuypers is een aparte studie waard!

De collectie van Joseph Cuypers zal de komende jaren geordend worden als onderdeel van een biografie, waarmee ik binnenkort aan de slag ga.* Dit project wordt gekoppeld aan een tentoonstelling over Joseph Cuypers in het Cuypershuis. Er gaan mooie dingen gebeuren in de aanloop naar het volgende decennium!

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen en verdere informatie

De museumweek 2018  loopt van 9 april tot en met 15 april.

De * in de tekst hierboven verwijst naar de volgende bronnen:

  • Hubar, van Hellenberg, Bernadette C.M. De nieuwe Bavo te Haarlem: ad orientem – gericht op het oosten. Zwolle; Haarlem: Wbooks ; Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, 2016. Je kunt het boek bestellen via deze link.
  • In 2006-2007 heb ik voorafgaand aan de restauratie en verbouwing van het Cuypershuis diepgaand onderzoek verricht naar het complex. Dat mondde uit in een cassette van drie rapporten en een samenvatting. Jammer genoeg was er tot dusver tijd noch financiële ruimte om de ontdekkingen na de verbouwing te verwerken en – naar aanleiding daarvan – de conclusies bij te stellen. Hubar, Bernadette van Hellenberg. Rien de pareil, Cultuur- en bouwhistorische analyse Stedelijk museum ‘Het huis van Cuypers’ te Roermond, deel 1 De stad in het klein. Res nova, Ohé en Laak 2007. http://bit.ly/Cuypers4all
  • Hubar, Bernadette van Hellenberg. Rien de pareil, Cultuur- en bouwhistorische analyse Stedelijk museum ‘Het huis van Cuypers’ te Roermond, deel 2 Icoon van de natie. Res nova, Ohé en Laak 2007.  http://bit.ly/Cuypers4all
  • Hubar, Bernadette van Hellenberg.“De sortering van het verleden. De archiefcollectie van Joseph Cuypers bij het gemeentearchief van Roermond“. Spiegel van Roermond 25 (2017), pp. 100–107.
  • Hubar, Van Hellenberg. “Archief Joseph Cuypers naar het Gemeentearchief van Roermond”. VanHellenbergHubar.org (blog), 28 januari 2016. http://bit.ly/1SlJIwW.
  • Hubar, Bernadette van Hellenberg. “Joseph Cuypers in De Limburger”. VanHellenbergHubar.org (blog), 2016. http://bit.ly/1PHUJ7J.

Om terug te gaan naar je vorige positie, kun je omhoog scrollen.

Je bent van harte welkom in het Cuypershuis. Wil je weten wat er nog meer te doen is, volg dan deze link.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2HjDL3o-VanHH2Org

Verhalen en herbestemming

Verhalen en herbestemming van historische gebouwen, wat heeft dat nu met elkaar te maken? Dat vertel ik je in dit artikel voor MMNieuws.

Wil je het on line lezen met actieve links en er met de zoektoets doorheen gaan? Volg dan deze snelkoppeling.

Schrijf verhalen | De vergeten kant van herbestemming - MMNieuws

Hoe belangrijk verhalen zijn voor het duurzaam functioneren van een kerkgebouw – al dan niet in combinatie met een liturgische functie – kun je op deze site bij de volgende projecten vinden:

  • De nieuwe Bavo te Haarlem: medegebruik door de benadrukking van de museale kwaliteit van de inrichting, de orgelconcerten en het KathedraalMuseum.
  • De Clemenskerk te Merkelbeek: herbestemming voor kleinschalige publieke bijeenkomsten en optredens.
  • De Paterskerk: herbestemming als ceremoniehuis voor DELA en evenementen voor en door derden. Dit project dreigt een karakteristiek voorbeeld te worden van hoe verhalen in de marge worden gedrongen.

B.

Verhalen en herbestemming | Heb je vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen en verdere informatie

MMNieuws is een (deels gesloten) platform voor de creatieve en culturele industrie. Met ontwikkelingen, trends, cases, interviews, blogs, vacatures, recensies, whitepapers etc etc. Doe mee en registreer of abbonneer je via deze link.

In Nederland zijn verschillende partijen en specialisten bezig met het behoud van kerken en kerkelijk erfgoed. Enkele ervan – onder wie ikzelf – vind je hieronder met hun twitteraccount:

  • @AJCvanleeuwen | Wies van Leeuwen
  • @Bern4dette | Bernadette van Hellenberg Hubar
  • @Catharijne | Catharijneconvent
  • @Cuypersgenoten | Cuypersgenootschap
  • @EMFVerheggen | Evelyne Verheggen
  • @Heemschut | Heemschut
  • @Ifthenisnow | If then is now
  • @JvanHest1 | Joost van Hest
  • @Kerkverhalen | platform van ifthenisnow.eu en VanHH.org
  • @RCE_erfgoed | De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed:
  • @Reli_erfgoed | Platform RCE Religieus Erfgoed
  • @Reliwikicontrol | Reliwiki
  • @Sander_van_Daal ‏| Sander van Daal
  • @TaskForceKerken | Taske Force kerken

Een tweede Salomon in vakblad Vitruvius

Een tweede Salomon — Voor het nieuwe nummer van Vitruvius heb ik een artikel geschreven met de hoofdlijnen van mijn E-boek dat in februari 2018 is verschenen. Het heeft me altijd gefascineerd, die toe-eigening of misschien beter nog, transpositie van grote mannen uit het verleden door de typering van ‘tweede’ of ‘andere’. Natuurlijk is dit een juweel van een retorische figuur die ongetwijfeld nog op de klassieken teruggaat en in de middeleeuwen leidde tot de eervolle benaming van de architect van Karel de Grote, Einhard, als een ‘Beseleel secundus’, een tweede Beseleel of Bezaleël. Dat was niemand minder dan de oudtestamentische bouwmeester van het mobiele heiligdom van de ark van het verbond, waarmee Gods volk door de woestijn trok. Vele eeuwen later zou Pierre J.H. Cuypers eveneens als een tweede Bezaleël betiteld worden, en wel door zijn zwager, de literator en kunsttheoreticus, J.A. Alberdingk Thijm. Werd de architect vernoemd naar zijn voorganger uit Exodus, de bouwheer werd vergeleken met de koning die opdracht gaf tot de bouw van de tempel in Jeruzalem, Salomon. En wat dat betekende voor het Rotterdam in het eerste decennium van de twintigste eeuw, daarover gaat dit artikel.

VIT_Apr.2018_Bernadette_v3

Je kunt dit artikel over de ‘tweede Salomon’ in het bovenstaande scherm downloaden via de knop rechts van ‘zoom’

Ook het E-boek kan gratis gedownload worden!

Er zijn nog altijd mensen die het niet zien, maar zoals ook bleek tijdens de excursie van het Cuypersgenootschap, oktober 2017, Rotterdam is machtig interessant!

;-) B.

Een tweede Salomon | Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen en verdere informatie

De * in de tekst hierboven verwijst naar de volgende bronnen (opgemaakt met Zotero):

  • Bernadette van Hellenberg Hubar, met medewerking van Jojanneke Post (Davique Sierschilderwerken) en Marij Coenen. Tussen Gabriel en Michael. De schilderingen naar Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Rotterdam: HH. Laurentius & Elisabethparochie, 2018. ISBN 978-90-820976-2-7.
  • Voor de ‘tweede Bezaleël’ (‘Beseleel secundus’) zie Hubar, van Hellenberg, Bernadette C.M. van. De nieuwe Bavo te Haarlem: ad orientem – gericht op het oosten. Zwolle; Haarlem: Wbooks ; Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, 2016 (zoektermen register: Beseleel, Bezaleël).

Ben je in Rotterdam, ga de kathedraal dan eens bezoeken:

  • Het parochiecentrum is vrijwel iedere dag geopend tot 13:00 uur: op werkdagen vanaf 10:00 uur en zondags na de mis.
  • Bezoekadres: Robert Fruinstraat 36 (achterzijde kathedraal)
  • Voor verdere contactgegevens en bereikbaarheid met openbaar vervoer surf naar de site van de kathedraal.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2IJISdn-VanHH2org

Eerste nieuwsbrief 2018 | Evaluatie

Eerste nieuwsbrief 2018 — Ook al wordt de stelling ‘meten is weten’ niet altijd even genuanceerd gebruikt, het kan geen kwaad om te onderzoeken of alle inspanningen om een aansprekende nieuwsbrief te maken effect hebben gesorteerd.

Eerste nieuwsbrief 2018 | Woordwolk met de volledige tekst van de voorjaarsbrief door bvhh.nu 2018.

Afgelopen week stuurde ik mijn nieuwsbrief via een introductiemail op La Posta naar circa 990 relaties, inclusief die op LinkedIn.*

Ik heb er weer veel van geleerd. Om de cijfers in perspectief te plaatsen is het wel nodig om te weten dat een klein deel van de adressen uit familie en vrienden bestaat, een substantieel deel uit relaties die de afgelopen decennia tot mijn netwerk zijn toegetreden en ruim de helft uit mijn contacten op LinkedIn. Dit was het resultaat:

  • Wat betreft de primaire bezorging zijn er nauwelijks berichten ‘gebounced’. Dat wil zeggen dat ruim 97% van de mailadressen actueel is.
  • De openingsscore lag aan het einde van de eerste dag op nagenoeg 55%, waarvan leesgehalte vervolgens ruim 91% was. Dat is heel mooi. Op den duur steeg dit naar bijna 59% en 92%.
  • Wat ik echter vooral wilde was dat de introductiemail (zie hieronder) mijn contacten naar de feitelijke nieuwsbrief op de website zou brengen. Dat was matig, want de klikratio (zoals dat in vaktermen heet) bedroeg niet meer dan 10,8%. Dit zou kunnen betekenen dat het toch beter is om de nieuwsbrief in zijn geheel in de format van La Posta te sturen. Als ik het vergelijk met een oudere nieuwsbrief, dan lijkt te bevestigd te worden.
  • En dan de uitschrijvingen. Het zijn er niet veel, maar gek genoeg vrij veel van LinkedIn. Een mooie reden om daar eens flink in te schoffelen.

Werken met La Posta is heel plezierig. Je moet één keer flink wat energie stoppen in het opstellen van één groot bestand, maar dan heb je ook wat. Binnen zo’n bestand kun je segmenten opstellen, bijvoorbeeld voor een mailing over een specifiek project. Maar het mooiste is, dat het programma van La Posta onthoudt wie zich afgemeld heeft. Dus als ik de volgende keer weer een spreadsheet met al mijn contacten op LinkedIn toevoeg, dan krijgen de mensen die zich hebben uitgeschreven geen mail meer. En zo wordt de grootste drempel voor het maken van nieuwsbrieven weggenomen.

Laatst vroeg iemand zich af, of het nog zin heeft om dat te doen. Dat kan ik volmondig met ja beantwoorden. Ik weet het, het is een van mijn stokpaardjes, maar het digibetisme onder senioren wordt steeds groter. Er is een grote groep die zich wel vertrouwd heeft weten te maken met de mail en met internet; maar de drempel tot de sociale media blijkt voor velen van hen te hoog. Zelf ervaar ik dat aan den lijve, niet alleen met mijn oudere generatiegenoten, maar ook ‘broekies’ zoals veertigers en vijftigers. Zolang dat het geval is, is de nieuwsbrief zeker geen overbodige luxe.

Als iemand hierop wil reageren, heel graag!

;-) Bernadette

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Introductie nieuwsbrief voorjaar 2018

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2HXvDo8-VanHH2Org

De E-publicatie over de Rotterdamse kathedraal is uit

… en je kunt die E-publicatie over de kathedraal hier gratis downloaden!


Download E-publicatie Kathedraal Rotterdam. Omslag bvhh.nu 2018.

Tussen Gabriel en Michael heb ik geschreven in het kader van het onderzoek naar de verdwenen schilderingen van – naar achteraf bleek – niet Jan, maar Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Dit project ging van start dankzij het gulle gebaar van een mecenas die zich ontfermde over de kalot van de apsis in de kathedraal. De voorstelling op dit gewelf was in 1964 verwijderd onder invloed van de vernieuwingen die tijdens het tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) Nederland bereikten. Na raadpleging van de parochie bleek de voorkeur uit te gaan naar een ontwerp dat herinnerde aan het verdwenen werk van Kees Dunselman. Die opdracht ging naar Jojanneke Post van Davique Sierschilderwerken, met wie ik tijdens mijn onderzoek nauw heb samengewerkt. Vooral de sessies op de steiger, lopende het project, waren heel inspirerend. Als je als kunsthistoricus zo nauw mag samenwerken met een kunstenaar en de chemie bruist, dan brengt dat heel veel.

Dat de E-publicatie gratis gedownload kan worden, hebben we te danken aan de kathedraal en het bisdom. Men wil graag dat zoveel mogelijk mensen kennis nemen van dit nieuwe kunstwerk en de achterliggende verhalen.* Die zijn er te over! Wat te denken van de mensen die de kerk – want de Elisabethkerk is pas sinds 1968 kathedraal – en haar inrichting tot stand hebben gebracht. Of de symbolische code die in de voorstellingen verborgen zit. Dat bleek een hersenkraker waar Dan Brown eer aan had kunnen behalen. Het was verder een heel avontuur om het geheim te achterhalen van de bijzondere schilderstechnieken van Kees Dunselman, waar Jojanneke Post een eigen variant voor heeft bedacht. En dan het verhaal van de liturgie, waar de bisschop zelf een bijzondere inbreng in heeft gehad.* Bij ieder project leg je weer nieuwe accenten. Ditmaal heb ik liturgie en iconografie dichter bij elkaar gebracht door het virtuele duet tussen de voorgestelde mensen op de muren en de kerkgangers in het gebouw in beeld te brengen. Alles bij elkaar vormt het nieuwe kunstwerk een bijzondere toevoeging aan het gesamtkunstwerk dat de kathedraal vormt: een toevoeging die van deze tijd is, geënt op wat er vroeger speelde.

Bezichtiging Laurentius & Elisabeth kathedraal

Als je het E-boek gelezen hebt – wat zeg ik, zelfs als je het E-boek alleen maar doorgebladerd hebt – dan word je als vanzelf nieuwsgierig naar de nieuwe schilderingen en het interieur van de kathedraal. Dus op naar Rotterdam!

  • Het parochiecentrum is vrijwel iedere dag geopend tot 13:00 uur: op werkdagen vanaf 10:00 uur en zondags na de mis.
  • Bezoekadres: Robert Fruinstraat 36 (achterzijde kathedraal)
  • Voor verdere contactgegevens en bereikbaarheid met openbaar vervoer surf naar de site van de kathedraal.

Wist je trouwens dat er aanwijzingen zijn dat de Elisabethkerk stiekem ontworpen is als kathedraal? Een juweel van een #erfgoedraadsel, waarvan je de oplossing vindt in de e-publicatie.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen en meer informatie

  • De volledige titel van de E-publicatie luidt: Bernadette van Hellenberg Hubar, met medewerking van Jojanneke Post (Davique Sierschilderwerken) en Marij Coenen. Tussen Gabriel en Michael. De schilderingen naar Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Rotterdam: HH. Laurentius & Elisabethparochie, 2018. ISBN 978-90-820976-2-7.
  • Voor een meer gespecificeerd beeld van wat je in het boek kunt vinden zie de inhoudsopgave.
  • Zie daarvoor het item ‘Een boek voor de bisschop‘.
  • Op deze site is heel wat te vinden over deze E-publicatie. Surf daarvoor naar de projectpagina.

Verkorte link van dit item http://bit.ly/Download-LauElKat-VanHH

Grand’ parade te Soissons

Grand’ parade

Grand’ parade, de faun in de groteske van 'le petit cloître' van l'Ancienne abbaye de Saint-Jean-des-Vignes te Soissons. Foto Poul de Haan 2009.

Onbeschaamd
de dijen gespreid
wachtte de faun
de eeuwen af
steunend op zijn geslacht
een slang uit de doodskop van zijn buik

Ontdekt als groteske
in de ruïnes van het paleis
kreeg hij een plaats
op het timpaan boven
de voluut op de zuil
die de beer geleedde
De verheerlijking van de klassieken
een schaamlap
om zich open en bloot
te tonen
aan de pandgang van de abdij

Toen de tijd
zijn werk had gedaan
en ranken zijn
benen verlengden
werd het effect bizar uitvergroot
decoratief, obsceen en grotesk

Gemaskerde koppen
monsterden het resultaat
gillend grijnslachend om zoveel lef
in een sacrale ambiance
Grand’ parade

Het gedicht 'Grand' parade' in de bundel 'Poèmes de Picardie' uit 2009. Tekst en collage bvhh.nu 2009.

___________________

Grand’ parade Dit gedicht schreef ik tijdens de derde excursie die ik met Kunst der Vormen meemaakte, opnieuw in de Picardie (2009). In Soissons hadden Marjan van de Bosch en Marja Langenberg al vastgesteld waar ik dit zou moeten maken: bij het beeldhouwwerk van le petit cloître van l’Ancienne abbaye de Saint-Jean-des-Vignes te Soissons. Mijn aandacht werd direct getrokken door de ruïneuze decoratie op een van de steunberen die een wat scabreuze indruk maakte. ‘Volgens mij is het een faun’, zei ik tegen Poul de Haan die zich zette aan het fotograferen van de details. ‘Leunt hij op zijn geslacht?’, vroeg Poul wat verbaasd. Daar leek het sterk op. Nu we dankzij de scherpe foto’s de details kunnen zien komt naar voren dat de buik van de faun – jawel, hij heeft hoeven – een doodskop is waaruit een slang glijdt als geslacht. Hoe bizar kun je het bedenken.

Als het gaat om de belangstelling voor monsters is er niet zoveel verschil tussen de Middeleeuwen en de renaissance. Zoals zo vaak gebeurt in de cultuurgeschiedenis, krijgt hetzelfde beestje een andere naam. Toen men in Rome rond 1490 onder vele lagen puin de domus aurea van Nero ontdekte, raakten de kunstenaars helemaal in de ban van het stucwerk en de schilderingen die ze daar zagen. De meest vreemdsoortige mythologische wezens, monstertjes, maskers, bladmotieven en architecturale franje passeerden de revue. Nadat Rafael deze eenmaal verwerkt had in de loggia’s van het Vaticaan, was de opmars niet meer te stuiten. Wie als kunstenaar in Rome vertoefde kon niet naar huis keren zonder tekeningen van deze grotesken, die vernoemd waren naar het grotachtige karakter van de ondergrondse ruimtes van het paleis van Nero. Kijken we naar de verspreiding van dit type decoratie benoorden de Alpen, dan zijn het met name de graveurs geweest die daarin een grote rol hebben gespeeld. Bij ons heeft vooral Hans Vredeman de Vries (1527 – circa 1609) met zijn architectuurtraktaten de toon gezet. Concentreren we ons op de Franse invloed­­sfeer dan valt de naam van zijn tijdgenoot, Jacques Androuet du Cerceau (1515 –1585). De abt die le petit cloître liet bouwen liep dus helemaal in de pas met de ontwikkelingen van zijn tijd.

Toch wordt hier een vreemde boodschap afgegeven en lijkt de scabreuze faun op dezelfde manier gelegitimeerd te worden als de bekoringscènes die Jeroen Bosch rond 1500 in zijn werk opnam: om aan te geven waar het kwaad in school moest het wel afgeschilderd worden en dus werden de verleidingen zo onomwonden mogelijk op doek en paneel en in hout en steen uitgebeeld. De legitimatie school bij de faun niet alleen in de klassieke herkomst, maar ook en opnieuw in de suggestie van grens tussen goed en kwaad, het aardse en het hemelse.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen

  • Gedicht en toelichting zijn ontleend aan Hubar, Bernadette van Hellenberg. Poèmes de Picardie. Art des formes à la recherche de structures du passé. Ressons le long/Ohé en Laak: VanHH.org, 2009. http://bit.ly/Poemes-de-Picardie.
  • Voor de achtergronden van de groteske zie onder meer
    Rackham, Don, Bernadette van Hellenberg Hubar en Karl Pesch-Konopka. Kasteel Wolfrath, Cultuur- en bouwhistorische analyse. Erfgoed in ontwikkeling 6. Ohé en Laak/Horn: Res nova, 2006. Zie Google Boeken.
  • De foto’s zijn van de hand van Poul de Haan. Hierop zijn alle rechten voorbehouden.

Ben je een keer in Soissons, ga dan eens kijken op de locatie waar dit gedicht zich afspeelt.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2F1WQFW-Dichtwerk

De balustrade van de koepel in de nieuwe Bavo

De balustrade van de koepel in de nieuwe Bavo te Haarlem (foto BvHH 2013)

In geen gebouw is zoveel terracotta verwerkt als in de nieuwe Bavo te Haarlem, ontworpen door architect Joseph Cuypers. In geen gebouw is zo vroeg al verglaasde terracotta verwerkt. Toen de eerste bouwfase voltooid was – vanaf de apsis aan de oostkant tot en met de eerste bouwlaag van viering en transept, in 1898 – vormde het interieur een grote verrassing: het licht in de kathedraal werd opgevangen en gereflecteerd door vele strekkende meters terra cotta sierbanden over pijlers en muren, kapitelen en imposten en lijsten van ramen en bogen.

Er was op dat moment maar één fabriek in Nederland die in staat was dit toen nog hoogst experimentele bouwmateriaal te leveren: E.C. Martin te Zeist. En zo ingewikkeld was het maakproces dat slechts één op de vier exemplaren gaaf uit de ovens tevoorschijn kwam. Vandaar dat op verschillende plaatsen ook de misbaksel werden gebruikt, die werden gevernist om toch een glanzend, verglaasd effect op te roepen. Nu zou je denken dat dat alleen op verborgen plaatsen gebeurde, maar niets is minder waar. Als resultaat van een wordingsproces pasten de misbaksels bij uitstek in het concept van de Unvollendete, de bewust onvoltooide kathedraal van Joseph Cuypers. Of liever, de kathedraal van de potenties, want ieder onaf onderdeel heeft de potentie om iets te worden. Bij dit worden wordt een traject van trial and error afgelegd, dat geïllustreerd wordt door de misbaksels. Vandaar dat je deze op soms wel heel opvallende plaatsen ziet zitten, zoals bij het hoogkoor of in de top van een van de bogen bij de entree aan de westkant.

Bij de tweede bouwfase, toen transept, koepel en schip werden gebouwd (1902-1906), ging Joseph Cuypers aan de binnenkant verder met Martin. Hij leverde onder meer de sierstenen voor deze balustrade, waar de architect, zoals hij zelf vertelt, ‘Spaansch-Arabische motieven’ heeft toegepast. Die herken je in de in elkaar geschakelde decoraties, ontworpen op basis van geometrische modules. Ter afwisseling zijn de consoles waarop de kolonetten van de koepel rusten, uitgewerkt als fraaie kopjes met verschillende gelaatsuitdrukkingen. Zouden het oosterse genii zijn, of andere wezens?

Heb je een idee waar deze voor staan? Geef het me dan door. Je weet het, ik ben dol op erfgoedraadsels.

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen en verdere informatie

  • De intrigerende terracotta’s, de glanselementen en het thema van de Unvollendete heb ik meer diepgaand behandeld in mijn boek over de nieuwe Bavo: Hellenberg Hubar, Bernadette van,  De nieuwe Bavo te Haarlem.Ad orientem | Gericht op het oosten, WBOOKS-Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, op initiatief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Zwolle-Haarlem 2016.
  • Erftemeijer, Antoon, Arjen Looyenga en Marieke van Roon, Getooid als een bruid, De nieuwe Sint-Bavokathedraal te Haarlem, Haarlem 1997.
  • Thompson,M.A., De nieuwe kathedrale kerk ‘St. Bavo’ te Haarlem. Bouwgeschiedenis, constructie en symboliek, Haarlem 1898.
  • Eggenkamp, Wim, ‘Restauratie Kathedrale complex van Sint Bavo halverwege’, in: Haerlem Jaarboek 2014, Haarlem 2015, pp. 133-179.
  • Een interessant stuk over E.C. Martin staat op de site van Capriolus Contemporary Ceramics – Keramiek Galerie onder deze Evernote link.

Meer lezen, bestel het boek via: bit.ly/Bavo-Ao

Bezoekadres

Heb je belangstelling om de kathedraal een keer te bezichtingen. Dat is mogelijk vanaf april tot en met oktober en in de kerstvakantie, waarbij je ontvangen wordt door kathedraalgidsen die je van alles over de nieuwe Bavo kunnen vertellen. Kijk voor je gaat even op de website van de kathedraal voor de precieze tijden.

De entree bevindt zich bij het hoofdportaal van de kathedraal aan het Bottemanneplein, onder de twee torens.
Er is ruime parkeergelegenheid op het Emmaplein, direct naast de kerk.
Voor autobussen zijn aparte plaatsen aan het Bottemanneplein.

De entree bedraagt € 4,00 en voor kinderen tot 12 jaar € 1,00.