Powervrouwen helpen to ‘Free a girl’ →

Untitled

Deze pagina is om door te verwijzen naar het bericht ‘Help Powervrouwen to ‘Free a girl‘: http://bit.ly/2i1Dmpj

Errata en voortschrijdend inzicht boek nieuwe Bavo

Signeren op de Open Monumentendag in de nieuwe Bavo.
Signeren tijdens de Open Monumentendagen in de nieuwe Bavo. Foto Marij Coenen, 2016.

__________

‘Waar gehakt wordt vallen spaanders’, luidt een oer-Hollands gezegde. Die spaanders nemen we hier onder de loep onder de noemer van errata (vergissingen). Vroeger bestonden die uit een los briefje in een boek, dat natuurlijk steevast kwijt raakte. Vandaag de dag kunnen we hiervoor het wereldwijde internet gebruiken. Of dat minder vergankelijk is dan zo’n strookje papier is de vraag, maar je bereikt er in eerste instantie wel meer mensen mee.

Loop je even met me mee? Dan zie meteen op welke momenten mijn hoofd tijdens het schrijven en corrigeren overliep.

  • p. 4: niet te geloven, maar bij de inhoudsopgave hebben we er met het hele team overheen gelezen dat bij paragraaf 4.3.6 hét Unvollendete staat. Dat moet natuurlijk zijn de Unvollendete.
  • p. 13: door wijzigingen op het allerlaatste moment zijn in het dankwoord twee namen weggevallen van mensen die me geweldig geholpen hebben. Dat is allerleerst Carien van de Boer-van Hoogevest met wie ik archiefonderzoek heb gedaan naar de manier waarop de kathedraal kunstmatig verlicht werd. In het boek komt dat verder niet ter sprake, maar hier is het wel interessant om te vermelden dat dat van meet af met electriciteit gebeurde. Daarnaast drs David Mulder, werkzaam bij de atlas van het gemeentearchief van Amsterdam. Hij attendeerde me op die andere Unvollendete, de Willibroridus buiten de Veste te Amsterdam.
  • p. 27: Wies van Leeuwen attendeerde me er op dat Van Heukelom moet zijn Van Heukelum (op p. 91 staat de naam wel correct).
  • p. 43 t.h.v. noot 72: bij de Vioolstruikavond werd de ‘Gentilhomme bourgois’ of parvenu van Molière opgevoerd en niet de Tartuffe. Meer hierover is te vinden in het Spiegelend Venster van Matthijs Sanders of de Thijmbiografie van Michel van der Plas.
  • p. 72: De muurschilderingen van Bernard Meddens in de Willibrorduskapel heb ik verward met die van Jan van Druten in de Mariakapel (met dank aan Letty Muizelaar).
  • p. 269: abusievelijk staat in het bijschrijft de naam van Jan Loots, terwijl dat moet zijn Lambert Lourijsen. Ik heb de twee mozaïekmakers hier door elkaar gehaald (met dank aan Letty Muizelaar).
  • p. 321: bij noot 934 is een deel van de tekst weggevallen: Walle, H.J.,  ‘Verslag der 1057ste Gewone Vergadering, gehouden in het genootschapslokaal Hotel-Americain, Leidscheplein alhier op woensdag 15 sept 1897’, in: Architectura, Orgaan van het Genootschap Architectura et Amicitia Amsterdam 5 (1897), pp. 171-172. | http://bit.ly/ Architectura-Tresor. Deze titel ontbreekt ook in de bibliografie.
  • In de bibliografie ontbreekt volstrekt ten onrechte de prachtige tentoonstellingscatalogus van Gerard van Wezel van Jan Toorop (2016).

Zo zullen vast nog meer correcties en aanvulingen volgen. Naar mate de tijd voortschrijdt en er meer onderzoek uit deze periode beschikbaar komt, zal dat ook inhoudelijk het geval zijn. Dat zal me niet verdrietig maken, maar trots, omdat ik met dit boek een aantal nieuwe thema’s op het podium heb gezet – zoals het bewust onvoltooide ontwerp van Joseph Cuypers – dat ongetwijfeld tot een verdiepingsslag zullen leiden. Dat hoort allemaal bij het proces van trial and error, waarmee we de wetenschap vooruit helpen. Om maar een voorbeeld te geven:

  • In het kader van een ander project – #KunstinBreda – kwam ik er achter dat de manier waarop Bekkers en Meijsing in hun boek uit 1923 de kathedraal als gebouw vergelijken met het mystieke lichaam van Christus, waar alle gelovigen deel aan hebben, geïnspireerd is door de liturgische visie van de priester-theoloog R. Guardini.* Dat is in meer opzichten interessant, omdat deze man zich in de voorhoede bevond van de liturgische vernieuwing. Wat zegt dat over de situatie in Haarlem? Wat zegt dat over bouwheer en architect die immers beiden hun goedkeuring aan dit boek hebben gehecht?
  • Van Philip Weijers ontving ik een stuk met interessante feed back die hier binnenkort een plaatsje zal krijgen.

Wie aan dit voortschrijdend inzicht bij wil dragen is van harte welkom, of dit nu op een letterlijk niveau is, of inhoudelijk!

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

Verwijzingen

De * verwijst naar de volgende bronnen en annotaties.

  • Hubar, De nieuwe Bavo te Haarlem, pp. 215-219. Melchers, Marisa, Het nieuwe religieuze bouwen, liturgie, kerken en stedenbouw, Amsterdam 2015, p. 59.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2eJhLjZ

Nieuwe Bavo genomineerd voor Nationale SchildersVakprijs 2016

Jojanneke Post van Davique Sierschilderwerken heeft de afgelopen vijf jaar bij de nieuwe Bavo een van de meest interessante opdrachten uit haar carrière uitgevoerd. Met haar team heeft ze zowel de buitenpolychromie als de gekleurde onderdelen van het interieur gerestaureerd, gereconstrueerd of opnieuw aangebracht. Dat gebeurde in hechte samenwerking met kleuronderzoeker Judith Bohan en met mij. Dit is werkelijk zo’n project waarbij de expertises elkaar op een inspirerende manier aanvullen en er synergie ontstaat. De namen van Jojanneke Post en Judith Bohan kom je dan ook zeer regelmatig tegen in mijn boek over de kathedraal, met name in hoofdstuk 6 ‘De tinteling der atmosfeer’ dat over licht en kleur gaat.1

Maar dat terzijde, want hier wil ik graag Jojanneke aan het woord laten en iedereen oproepen om op haar project van de nieuwe Bavo te stemmen.


De Nationale SchildersVakprijs is een initiatief van Eisma Bouwmedia, uitgever van onder andere de SchildersVakkrant, Eisma’s Schildersblad en SchildersVak.nl.

Je kunt je stem uitbrengen via deze link: http://bit.ly/Stem-op-Jojanneke.
En natuurlijk kun je haar ook helpen door dit bericht te delen op de sociale media.

B.2

Jojanneke Post aan het werk bij de nieuwe Bavo. Foto Margaratha Svensson 2013.


  1. Om het boek over de nieuwe Bavo te bestellen surf je naar http://bit.ly/Bavo-Ao

  2. Vergeet niet te stemmen, dus klik op deze link: http://bit.ly/Stem-op-Jojanneke.
    Wil je meer over Jojanneke weten, bezoek dan haar website of volg haar op Twitter – @davique2001 – en Facebook.
    Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2e2G9Ne 

Speech bij de presentatie van ‘De nieuwe Bavo te Haarlem’


Toen ik Paul van den Akker de laatste drukproef stuurde om zijn causerie voor vandaag voor te bereiden, vergeleek hij die met een doos chocolaatjes, waarvan je er af en toe eentje neemt om ervan te genieten. In de tien minuten die ik nu heb, wil ik hetzelfde doen. Want wat moet je in hemelsnaam vertellen over een boek van ruim 300 pagina’s in tien minuten.

Het chocolaatje dat ik er als eerste uit heb gehaald heet uniek. En nu zie ik de marketingmensen onder u al fronsen. Want niets is zo afgesleten als het woord uniek. We worden ermee doodgegooid in de reclames, waarmee we iedere dag weer gebombardeerd worden. Uniek. Nu mag u eens raden hoe vaak ik dat woord in mijn boek gebruik. Niet! Het zit een keer in een citaat en dan houdt het op. Daarmee heb ik ‘t me niet gemakkelijk gemaakt, want tja … de kathedraal is wel uniek. Dus vindt u bij mij omschrijvingen als ‘zonder weerga’, ‘zonder precedent’, ‘hoogst bijzonder’ en ga zo maar door. Waar heb ik het dan over?

Daar komt u natuurlijk het snelst achter als u dadelijk het boek gaat kopen. Blader meteen naar bladzijde 25 en dan krijgt u zo’n drie pagina’s nova voorgeschoteld. Die hebben we verpakt als – jawel – chocolaatjes. Of liever – want we zijn in Haarlem – als Droste flikken. In een reeks medaillons zijn de vondsten te zien die lopende het onderzoek zijn gedaan. En dan zie je hoe toepasselijk het thema ‘Iconen en symbolen’ van de Open Monumentendagen dit jaar is.

De belangrijkste ontdekking – het lekkerste chocolaatje – is zojuist door Paul van den Akker genoemd: de Unvollendete. Dat item op zich is al bijzonder genoeg. Maar als mijn analyse klopt dan heeft Joseph Cuypers hier een van de kerngedachten van het icoon Thomas van Aquino gesymboliseerd: dat de hele schepping uit potentie bestaat die ieder moment iets, of liever, iets anders kan worden. Alles is voortdurend bezig zichzelf te voltooien. En dat maakt de kathedraal in de meest letterlijke zin ‘buitengewoon’.

Dan is er de buitenpolychromie die nergens anders in Nederland te vinden is. Ook dat is al genoeg, maar hier gaat die ook nog eens terug op de kleuren van de edelstenen die Johannes in zijn visioen van het hemels Jeruzalem noemt. Als ik hier een lezing over geef zeg ik: sla er thuis de bijbel eens op na, maar nu zeg ik: lees mijn boek.

Wat te denken van de symboliek van de bruid van het westen en de bruid van het oosten, met Maria als kosmische vrouw. Daar zit niet zomaar een verhaal achter, maar een liefdesgeschiedenis die iedere dag als de zon opkomt symbolisch wordt herhaald. Zo vindt iedere dag weer in de Mariakapel de conceptie van Christus plaats volgens een oeroude symboliek. Want iedereen mag dan denken dat de kathedraal van circa 1900 dateert, maar in het parallelle universum van de symboliek is ze veel ouder. Volgens de programmamaker, bisschop Callier, gaat de kathedraal tenminste terug tot de tijd van Willibrordus en staat hier een benedictijner stichting die herinnert aan de oudste tijd van het christendom in de lage landen. Zo wilde het bisdom Haarlem zich profileren. Hoezo iconen en symbolen!

De nieuwe Bavo gonst van de verhalen en een van de meest actuele wil ik hier graag noemen. Dat verhaal wordt namelijk verteld door de koepel. In het begin wilde ik er helemaal niet aan, aan dat oriëntalisme in de kathedraal. Wat een onzin, een broodje aap, dacht ik nog. Vele woorden later blijkt die oosterse invloed er wel degelijk te zijn en tot één zin herleid te kunnen worden: Arabische ornamenten van Aristoteles tot Aquino. Dat klinkt vreemd, want wat hebben decoraties met filosofie te maken. Voor die decoraties keek Joseph Cuypers naar de Arabische cultuur van het Midden-Oosten – het heilige Land – en het Moorse erfgoed uit Spanje. Maar hij keek ook naar zijn muze, Thomas van Aquino. En deze middeleeuwse denker dankte zijn kennis van Aristoteles aan de Arabische scholen: aan stukken die hij ter beschikking kreeg via Spanje en zijn islamitische tradities van Arabische signatuur. Daarmee construeerde hij zijn eigen filosofie, zoals Joseph zijn eigen koepel bouwde. De nieuwe Bavo slaat een brug tussen de christelijke en islamitische cultuur door te laten zien wat de een vol respect van de ander heeft overgenomen en in iets eigens heeft getransformeerd. De boodschap die rond 1900 werd afgegeven, blijkt anno 2016 verrassend actueel te zijn.

Zo zou ik graag willen dat u straks dit boek gaat lezen: blader er eens door heen, laat het oog eens vallen op een mooi stukje en proef dat. Het prikkelt de nieuwsgierigheid om verder te lezen en wie weet op een goed moment … bereikt u de laatste pagina.

Dank u wel.

Bernadette van Hellenberg Hubar

Bernadette van Hellenberg Hubar, 9 september 2016 (foto Anton van Daal).

Boek bestellen? Ga naar http://bit.ly/Bavo-Ao

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2cpv3Da

Joseph Cuyperscollectie

Benieuwd waar dit over gaat? Klik op de afbeelding of op deze link.

Joseph Cuypers in De Limburger (11 februari 2016).

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Kunst met een kleine en een grote K in de nieuwe Bavo | 5 feb 2016

Het valt toch werkelijk niet altijd mee voor Joseph Cuypers. Zit je al met die zware schaduw van je vader, aan wie een groot deel van je oeuvre wordt toegeschreven, en dan wordt ook nog eens voortdurend je naam verhaspelt. Daar heb ik zelf nog aan meegedaan, zoals je kunt lezen in deze blog op de Facebookpagina van de nieuwe Bavo: http://bit.ly/Facebook-nBavo-Jo.

Jos, Jos. of Joseph?

Het hele verhaal lezen? Surf dan naar: http://bit.ly/Facebook-nBavo-Jo.

Ben je geïnteresseerd in meer van dit soort blogs, ga dan naar ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo‘ op deze site.

O ja, en ik ben natuurlijk héél benieuwd of iemand die andere plaats in de kathedraal met bouwvaksymbolen kan vinden.

;-) B.1

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


  1. Zie ook What’s in a name: Jos, Jos. of Joseph? op deze site. 

Joseph Cuypers in De Limburger

Het zoemde in de pers over de nieuwe Bavo deze week. Enkele dagen geleden werd het nieuws bekend dat prinses Beatrix op 4 maart bij de afsluiting van de derde fase van de restauratie zal zijn. Dat was hét moment voor de stichting Kathedrale Basiliek om de schijnwerper op de nieuwe glazen van Jan Dibbets te richten, waarvan de laatste van de week op 9 februari zijn geplaatst.1 De blog die ik zo’n anderhalf jaar geleden over dit project schreef, heeft de afgelopen dagen opvallend veel bekijks gehad.2

Ondertussen heeft journalist Peter Janssen in De Limburger aandacht besteed aan het archief van Joseph Cuypers dat de nazaten in bewaring hebben gegeven aan het gemeentearchief in Roermond.3 De nieuwe Bavo komt hierin prominent aan de orde. Als voorbeeld van de ‘kathedraal vol potentie’ wordt het glas in lood van Dibbets, gemaakt door Glasatelier Hagemeier in Tilburg, hierin eveneens besproken.4

Het artikel vind je in het scherm hieronder. Om het makkelijk te lezen kun je het artikel vergroten met de knop in de werkbalk.

Joseph-Cuypers-De-Limburger-11-feb-2016-Peter-Janssen

Het proefschrift dat in deze tekst is vermeld, wordt voorbereid door Gert van Kleef, Cuyperskenner en oud-penningmeester van het Cuypersgenootschap.

Overigens is voor het project van Joseph Cuypers in Roermond aanvullende financiering nodig, dus ik ben bezig met de voorbereiding van een projectomschrijving waarmee het Cuypershuis fondsen gaat benaderen. Wie suggesties heeft …

Wordt vervolgd!

B.5
Monogram van Joseph Cuypers circa 1925 (bouwtekening nieuwe Bavo, Noord-Hollands Archief; foto BvHH 2014).


  1. Zie het bericht op de site van Van Hoogevest Architecten. 

  2. Zie ‘Jan Dibbets ontmoet Joseph Cuypers’. 

  3. Peter Janssen, ‘Joseph, de (nog) te onbekende zoon van Pierre Cuypers’, in De Limburger van 11 februari 2016. 

  4. Zie de site van Glasatelier Hagemeier. 

  5. Geïnteresseerd in het boek over de nieuwe Bavo? Ga dan naar de bestelpagina http://bit.ly/Bavo-Ao.
    Verkorte link van dit item: http://bit.ly/1PHUJ7J. 

Archief Joseph Cuypers naar Roermond

De sociale media hebben er al vol van gestaan, dus hier op de website mag het nieuws over het archief van Joseph Cuypers zeker niet ontbreken.

Je kunt het bericht lezen op de site van If then is now via deze link. Dat is in ieder geval een aanrader voor smartphones, tablets en iPads.
Maar het is ook mogelijk om het in te kijken en te downloaden via het scherm hieronder. De downloadknop zit in de werkbalk rechts van de zoom.

Archief-2-Joseph-Cuypers-naar-Roermond-if-then-is-now

Ook voor dit project is een derde geldstroom nodig, dus wie nog tips voor fondsen heeft, kan dat mailen naar museum@roermond.nl of naar mij.

;-) B.
Lichtkroon van Joseph Cuypers in de Cuyperszaal van het Cuypershuis (foto Marij Coenen, 2014).

Verkorte link: http://bit.ly/1SlJIwW

De glazen van vader en zoon Cuypers in de lucida van de nieuwe Bavo

Het vijfde raam uit de lucida van de nieuwe Bavo (programma A.J. Callier, figuraties Pierre J.H. Cuypers, ornamenten Joseph Th.J. Cuypers) (foto BvHH 2014).
Het vijfde raam van de lucida in de nieuwe Bavo toont links Koning David die de aanval van zijn zoon ervaart als beproeving van God (Oude Testament) en Maria Magdalena die vergeven wordt door Christus (Nieuwe Testament).

De hier afgebeelde glazen zijn ontworpen door Pierre J.H. Cuypers, die de figuraties verzorgde, en zijn zoon Joseph Th.J. Cuypers, die de ornamenten voor zijn rekening nam (1896-1898). Ze bevinden zich in de lucida van de nieuwe Bavo te Haarlem – de lichtbeuk van de apsis – waar ik ze in de zomer van 2014 heb kunnen fotograferen vanaf de steiger. Dat alleen al was een ervaring om nooit te vergeten! En zonder weerga, want er zal heel wat water door de Leidsevaart zijn gestroomd, eer er op deze plek weer steigers staan! Afgezien van de prachtig kleuren, waarin blauw, groen en rood domineren, valt op hoe op een bescheiden manier lichte partijen hun entree maken in dit glas-in-lood. Juist daar zou Joseph Cuypers bij de verdere ontwikkeling van de kathedraal veel waarde aan hechten. Wat betreft de symboliek geeft de schrijver van het boekje over de Bavo uit 1898, de priester Marie A. Thompson, de nodige uitleg over het programma dat door de bouwheer, A.J. Callier ontworpen is.* Om te beginnen legt hij uit dat het de bedoeling is om de centrale positie van de heilige Geest uit te beelden. Deze voor ons wat ongrijpbare derde persoon van de Drie-eenheid staat voor de zeven gaven die het de mens mogelijk maken een godvruchtig en vervullend leven te leiden. Bij Thompson gaat deze passage gepaard met een soort liturgische numerologie, waarin driemaal zeven parallelle verhalen centraal staan:

‘zoo wordt ons nu een drievoudig tafereel voor oogen gesteld, een historisch beeld uit het Oud Testament, uit het Nieuw Testament en uit de Overlevering en wel deze laatste genomen uit de geschiedenis van ons eigen vaderland en uit de allereerste prediking of predikers van het Christendom in deze streken. Aldus zien wij een groot stuk der katholieke theologie over den H. Geest verzinnebeeld in den koormuur van dezen luistervollen tempel. De gaven en de vruchten des H. Geestes omhoog uitgebeeld; de deugd, als vrucht dier zevenvoudige gaven, opwaarts strevend en als triumfeerend in het aardsche licht, dat door de hoge lucida-vensters neerschiet in het heiligdom, symbool van het eeuwig, ondoofbaar licht, waarin die deugd eenmaal voor aller oog zal uitblinken’.*

Het bijzondere hiervan is dat Thompson zo voortborduurt op het systeem van de Concordia novi ac veteris testamenti die tot het vroege Christendom te herleiden is en teruggaat op de Joodse tradities. Deze harmonieën of parallellen tussen het Oude en het Nieuwe Testament bestaan uit een systeem van typen, prototypen en antitypen dat in de loop van de tijd steeds verder werd verfijnd en uitgewerkt: een bepaalde figuur of gebeurtenis uit het Oude Testament (prototype) werd met terugwerkende kracht gekoppeld aan een equivalent uit het Nieuwe Testament (antitype). Zo werd koning David opgevat als voorafbeelding van Christus. Een ander bekend voorbeeld vormt het Joodse Pascha of paasmaal dat het type was van de Eucharistie, ingesteld tijdens het Laatste Avondmaal. Wat vóór de geboorte van Christus had plaatsgevonden werd dus opgevat als een prefiguratie, voorafbeelding, voorafschaduwing of voorbeduiding van hetgeen de Verlosser tijdens zijn leven en door zijn dood vervulde.*

Twee glazen uit de lucida van de nieuwe Bavo (programma A.J. Callier, figuraties Pierre J.H. Cuypers, ornamenten Joseph Th.J. Cuypers) (foto BvHH 2014)

Dat geldt ook voor de twee ramen hierboven, waarin de hoofdrolspelers niet zonder oermenselijke angst en twijfel een verantwoordelijkheid op zich nemen, die de een met haar eer en de ander met zijn dood moet bekopen. Maar daarmee is wel de verlossing verzekerd:

  • Judith (links) tussen de priesters, terwijl zij op het punt staat om naar Holofernes te gaan (Oude Testament). Wie herken je trouwens als je op de foto inzoomt?
  • Zij vormt de prefiguratie van het tafereel rechts met Christus tussen de slapende apostelen in de hof van Olijven (Nieuwe Testament).*

In ‘Ad orientem’ heb ik de achtergrond van deze ‘Biblia pauperum’ van A.J. Callier diepgaand onderzocht. Er zit veel meer achter dan je zo op het eerste gezicht zou denken.
Meer weten? Bestel dan het nieuwe boek over de kathedraal!*

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Meer informatie & bestelgegevens

Het teken * in de bovenstaande tekst verwijst naar het volgende:

  • M.A. Thompson, ‘De nieuwe kathedrale kerk ‘St. Bavo’ te Haarlem. Bouwgeschiedenis, constructie en symboliek’, Haarlem 1898, pp. 40, 49- 50, 47-48.
  • Bernadette van Hellenberg Hubar, ‘Ad orientem | Gericht op het oosten. De nieuwe Bavo te Haarlem’, WBOOKS-Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, op initiatief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Zwolle-Haarlem 2016, paragraaf 3.2.2 en 5.3.

Bibliofiele uitgave — Er komt een uitgave van ‘Ad orientem’, waarvan de opbrengst ten goede komt aan de restauratie van de nieuwe Bavo. Dat is een aparte, genummerde en gesigneerde editie, waarin de naam van de begunstigers wordt vermeld. De ondergrens is € 100,00 per exemplaar, maar meer mag natuurlijk ook! Het boek is te bestellen via NieuweBavo@gmail.com (graag verzendadres vermelden).

Korting van € 10,00 — Op dit moment kan het boek ook besteld worden tegen een prijs van € 39,95 per exemplaar. Na het verschijnen, medio 2016, wordt dit € 49,95. Het boek is te bestellen via NieuweBavo@gmail.com (graag verzendadres vermelden).

Voor wie dit een sympathiek doel vindt, maar geen boek wil, is er ook de mogelijkheid om een lager bedrag naar vrije keuze te doneren. Wees zo goed om dit per mail door te geven aan NieuweBavo@gmail.com, onder vermelding van het te doneren bedrag.

De nieuwe Bavo wordt gerestaureerd door Van Hoogevest Architecten te Amersfoort (http://bit.ly/Hoogevest-Bavo) in opdracht van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo te Haarlem: http://bit.ly/Bavo2Ao.

Tussen ἰχθύς en garnaal

Marc Mulders bovenlicht doopkapel nieuwe Bavo 2013
Marc Mulders met de net voltooide koepelschaal voor de doopkapel van de nieuwe Bavo. De emailleschildering laat de ἰχθύς (ICHTUS) zien. Het werk werd uitgevoerd bij GBB te Tilburg. Foto: Stephan van Rijt 2013.

We hebben in de nieuwe Bavo niet alleen te maken met kunst uit voorbije tijden, maar ook met ontwerpen van vandaag de dag. Daar horen natuurlijk de nieuwe glazen van Jan Dibbets bij, die inmiddels zowat allemaal zijn geplaatst. Maar er komt nog meer aan. Want ook de opdracht aan Marc Mulders voor de verdere decoratie van de doopkapel gaat door. De meeste mensen denken dat hij daar allang klaar is. We kijken immers al enige jaren tegen de ‘oersoep’ of de ‘garnaal’ aan, zoals de voorstelling op de schaal in de centrale opening van het gewelf van de doopkapel wel wordt genoemd. De kunstenaar speelt hiermee in op de oeroude symboliek van het letterspel ἰχθύς (ICHTUS), waarvan de beginletters in het Grieks staan voor Jezus Christus, Gods zoon, Redder. Omdat ἰχθύς tevens het woord is voor vis, ontstond al in de catacomben een vaste associatie tussen dat beeld en die afkorting. Een mooi voorbeeld van hoe gewijde tekens ontstaan. Is ondertussen wat de volksmond ervan maakte beledigend? Welnee! Geuzennamen in de kunst zijn zo oud als de weg naar Rome en sommige werden uiteindelijk zelfs gepromoveerd tot officiële stijlaanduidingen. Wat dacht je van ‘gotiek’ wat barbaars betekent. En helemaal erg was ‘neogotiek’ dat bedoeld was om heel denigrerend de namaak te onderstrepen van het werk van architecten als Pierre Cuypers, de vader van Joseph. Nu zal niemand dat meer van zijn hoogst originele ontwerpen zeggen, de geijkte uitzonderingen daargelaten. En zo zal het ook met de koepelschaal van Marc Mulders gaan.

Trouw — Een andere keer ga ik verder in op wat de kunstenaar in de doopkapel van plan is. Hier wil ik graag aandacht vragen voor het artikel van Henny de Lange dat afgelopen week in Trouw verscheen over de relatie tussen Joost Zwagerman en Marc Mulders. Ook al is de aanleiding vanwege de dood van de dichter triest, het geeft een goed idee van de kunstenaar die met hem samenwerkte. Dat begint al met de manier waarop Zwagerman contact met de kluizenaar Mulders maakt: ‘Als ik het goed heb, houd jij niet zo van telefoneren, dus ik leg je mijn vraag per mail voor.‘ Daarmee begon, zo schrijft De Lange, een ‘match made in heaven’, want Mulders zou de beelden leveren bij de laatste bundel gedichten van Zwagerman, Wakend over God. Het doet vreemd aan dat iemand die zo expressief gelovig is als Marc Mulders zo goed aanvoelde wat de worsteling van Joost Zwagerman inhield: zijn gevecht met de engel, waarin alle wanhoop en twijfel die een mens maar kan hebben tot uitdrukking komt.

Ga het interview lezen, zou ik zeggen: http://bit.ly/Mulders-Zwagerman-Trouw. Misschien raak je dan net als ik geïnspireerd om een bezoek te brengen aan museum De Pont in Tilburg waar de gedichten en beelden van Zwagerman en Mulders tot 13 maart 2016 naast elkaar hangen.

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Meer informatie &
  • Het nieuwe werk van Marc Mulders in de kathedraal krijgt een aparte plek in het boek Ad orientem | Gericht op het oosten. Weet je het nog?
    • Er komt een bibliofiele uitgave van het boek, waarvan de opbrengst ten goede komt aan de restauratie van de nieuwe Bavo. Wat houdt dat in, die bibliofiele uitgave? Dat is een aparte, genummerde en gesigneerde editie, waarin de naam van de begunstigers wordt vermeld. De ondergrens is € 100,00 per exemplaar, maar meer mag natuurlijk ook! Wie belangstelling heeft kan zich opgeven via NieuweBavo@gmail.com (vergeet niet je adresgegevens te vermelden).
    • Korting van € 10,00 — Op dit moment kan het boek ook besteld worden tegen een prijs van € 39,95 per exemplaar. Na het verschijnen, voorjaar 2016, wordt dit € 49,95. Meld je aan via NieuweBavo@gmail.com (graag verzendadres vermelden).
  • Voor de tentoonstelling in het De Pont Museum te Tilburg volg www.depont.nl.
  • Voor een handzame uitleg van ἰχθύς (ichtus) zie betreffende lemma op Wikipedia.
  • Bij de uitvoering van zijn glasontwerpen werkt Marc Mulders samen met GBB, GlasBewerkingsbedrijfBrabant te Tilburg.
  • Ad orientem | Gericht op het oosten. De nieuwe Bavo te Haarlem wordt uitgegeven door WBOOKS te Zwolle, in opdracht van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo. Het boek komt tot stand op initiatief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed te Amersfoort.
  • De nieuwe Bavo wordt gerestaureerd door Van Hoogevest Architecten te Amersfoort (http://bit.ly/Hoogevest-Bavo) in opdracht van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo te Haarlem: http://bit.ly/Bavo2Ao.

Dit item maakt deel uit van de serie ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo’ en is gepubliceerd op de Facebookpagina van de nieuwe Bavo op 8 december 2015.

Verkorte link: http://bit.ly/23dQKYj

Samenvatting ‘De nieuwe Bavo te Haarlem’

De nieuwe Bavo te Haarlem, Ad orientem | Gericht op het oosten

Het boek dat tijdens de restauratie geschreven werd

Op 9 september 2016 wordt de jongste publicatie over de Haarlemse kathedraal om 16:00 uur feestelijk gepresenteerd in de nieuwe Bavo bij gelegenheid van de start van de Open Monumentendagen in Haarlem, na een korte inleiding van professor dr Paul van den Akker van de OU te Heerlen. Iedereen is welkom: http://bit.ly/9sep-Bavoboek.

Ad orientem | Gericht op het oosten onthult hét leidmotief van het nieuwe boek over de Haarlemse kathedraal, beter bekend als de nieuwe Bavo van architect Joseph Th.J. Cuypers (1861-1949). De subtitel slaat zowel op de oriëntatie van het gebouw – met de apsis gericht op het oosten – als de lichtsymboliek van de dageraad en de oriëntaalse invloeden in de vormgeving. Dat heeft Joseph Cuypers niet allemaal alleen bedacht. Geen bouwmeester zonder bouwheer, dus ook zijn opdrachtgever hoort hier genoemd te worden. Dat was de bisschop van Haarlem, die vertegenwoordigd werd door zijn vicaris-generaal A.J. Callier (uit te spreken als rijmend op lier). Callier die als de programmamaker van de kathedraal beschouwd kan worden, werd in 1903 tot bisschop benoemd, tijdens de tweede bouwfase. De nieuwe Bavo kwam namelijk in drie fasen tot stand:

  • De oostpartij tot en met een deel van de viering in 1893-1898.
  • Het schip, de onderbouw van de westtorens, de rest van de viering en de koepel in 1902-1906.
  • De twee westtorens in 1925-1930, door Josephs zoon, Pierre J.J.M. Cuypers.


Nieuwe Bavo actoren web
afb. 1 De bouwheren en bouwmeesters van de nieuwe Bavo: bisschop Caspar Bottemanne, zijn opvolger vicaris-generaal Augustinus Callier, Joseph Cuypers en Jan Stuyt.

De architect en zijn ploeg

Wie de naam Cuypers hoort, zal waarschijnlijk in eerste instantie denken aan de ontwerper van het Rijksmuseum en het Centraal Station te Amsterdam. Dat ook zijn zoon Joseph en kleinzoon Pierre junior actief waren in het bouwvak is minder bekend. Hoewel er inmiddels verschillende publicaties aan Joseph Cuypers zijn gewijd – waarvan de meest recente van pastoor Crutzen over de kerk van Klimmen – is er nog veel dat niet bekend is over zijn visie en zijn creativiteit. Wat dat betreft zal met dit boek de achterstand ingelopen worden; en dat is vooral mogelijk gebleken doordat het hier om het meesterwerk gaat van Joseph Cuypers als kerkenbouwer. Bij de totstandkoming van de kathedraal waren overigens meer mensen betrokken: zijn vader kon het niet laten om in het begin zelf wat schetsen op tafel te leggen; bijna dertig jaar daarvoor was hem immers deze opdracht in het vooruitzicht gesteld. Behalve als klankbord is zijn inbreng verder beperkt gebleven tot het glas-in-lood in de lucida (de ramen in de apsis). Verder had je daar Jan Stuyt die aanvankelijk als opzichter werkzaam was, maar vanaf 1899 als vennoot van Joseph Cuypers. Ook met hem zal de architect vaak gespiegeld hebben over zijn ontwerpen. En ten slotte was daar Pierre junior die onder de hoede van zijn vader tekende aan de westtorens en het noorderportaal.[1] Los van deze creatieve mensen had je in het bouwteam bazen en onderbazen waarvan de belangrijksten in de galerij van de apsis in symbolen en initialen vereeuwigd zijn.[2]

Waarom een nieuw boek?

Nu zijn er sinds de kerkwijding van 1898 al verschillende publicaties aan de nieuwe Bavo gewijd, waarvan de laatste uit 1997: in Getooid als een bruid is uitvoerig aandacht besteed aan de ontwikkeling van het bouwplan, de iconografie en de verschillende kunstenaars die aan de inrichting werkten. Wat maakt ‘mijn’ boek anders, en sterker nog, waarom is er nog een boek nodig? Heel eenvoudig: de nieuwe inzichten als gevolg van de restauratie.[3] Het anders en nodig heeft namelijk te maken met de ontdekkingen die vooral vanaf de steiger zijn gedaan. Als een van de betrokken onderzoekers stond ik daar oog in oog met de verschillende onderdelen die van de grond af niet waren te zien. Daar kreeg ik uitleg over de vondst van minieme kleursporen wat er toe heeft geleid dat de buitenpolychromie voor een groot deel is hersteld. Daar werd ik op een wel heel directe manier geconfronteerd met onvoltooide, brute halffabricaten en zelfs misbaksels die bij zo’n verheven bouwwerk als een kathedraal eigenlijk niet passen. Daar zag je ook het vakmanschap van de baksteenpolychromie en het spannende verschiet waarin verschillende elementen hand over hand in een klimmende beweging omhoog stuwen naar het meest majestueuze onderdeel: de groenkoperen koepel. Alleen al het complexe spel van architectonische hoofdlijnen en verfijnde detaillering is een studie waard.


Nieuwe Bavo steigers web
afb. 2 Op de steiger zie je de dingen in heel andere dimensies. Maar het is vooral de sfeer die je niet loslaat. Een bijzondere plek tussen hemel en aarde.

Wat kan ik zoal vinden in ‘De nieuwe Bavo te Haarlem’?

Licht — Niet alleen de twee genoemde thema’s komen aan bod, want er speelt meer dan alleen de polychromie en de onvoltooide elementen. Ze gaven wel de richting aan van enkele andere bijzonderheden. Allereerst de opmerkelijke visie van Joseph Cuypers op licht in architectuur. Ik haal een klein stukje aan uit een van zijn belangrijkste artikelen over de nieuwe Bavo. Eerst vertelt hij over de sterke horizontale lijnen in de historische gebouwen van Nederland. Ons land is vlak en dat geldt ook voor de architectuur.

  • ‘Moet daarin niet worden erkend de weerspiegeling van wat het Hollandsche landschap dien ouden bouwmeesters te zien en te voelen gaf — eene groote ruimte, afgeteekend door fijne, teere profielen aan den horizon, zonder scherpe kleuren of harde contrasten: eene ruimte niet omschreven door krachtige bergruggen, maar voelbaar door de tinteling der atmosfeer en de afbleekende tonen van ’t geboomte onzer polders?’[4]

Pas toen ik dit las, realiseerde ik me dat Joseph geen Limburger is, maar een Hollandse jongen! Zijn vader, ja, dat was een echt ‘Remunsje jung’, maar Joseph had een Amsterdamse moeder, grootvader en overgrootvader en voelde zich dus ook Hollander. Zelf zou hij zeggen dat hij van zijn moeder een ‘Hollandsch gemoed’ erfde en van zijn Limburgse vader het ‘harmonisch kunst-inzicht’.[5] Het beste dus van twee werelden.

Wat betekende dit in de praktijk? Dat hij brak met het ideaal van de zwaar gekleurde, donkere Chartresachtige glazen omdat hij het licht van het Hollandse polderlandschap naar binnen wilde halen. Zo ontwikkelde hij een nieuw concept dat je als de architectonische variant van het impressionisme zou kunnen betitelen. Want lichtinval is iets dat elk moment verandert. En daardoor heb je eigenlijk niet met één gebouw te maken, maar met een hele serie gebouwen die ieder moment van aanzien veranderen. Een belangrijke inspiratiebron hiervoor was vrijwel zeker de beroemde reeks van Monet, van de kathedraal van Rouen. Die laat prachtig zien hoeveel verschillende gebouwen één kathedraal vormt op de verschillende momenten van de dag.[6]


Nieuwe Bavo collectie Monet web
afb. 3 Claude Monet, Cathédrale de Rouen (1892-1894)

De Unvollendete — De onvoltooide elementen, misbaksels en halffabricaten worden in het boek behandeld als onderdeel van de Unvollendete, onder verwijzing naar de beroemde symfonie van Schubert. Nu was Joseph Cuypers een beelddenker, geen filosoof. Ook al zou je het niet (of misschien juist wel) zeggen na het poëtische stukje dat ik net aanhaalde: hij dacht vooral in beelden en niet in woorden. En dat is wat al die onvoltooide stukken steen laten zien: hoe Joseph Cuypers als beelddenker een filosofisch concept wist te verwerken. In dit geval gaat het om een denkbeeld van Thomas van Aquino die hierbij weer steunde op Aristoteles. Kort door de bocht kun je stellen dat alles wat bestaat één grote bulk potentie is: alleen zo kun je verklaren hoe het mogelijk is dat iets is en op hetzelfde moment iets anders aan het worden is. Als we alleen al naar ons zelf kijken zijn we voortdurend in staat van verandering: we zijn niet helemaal meer wat we waren, maar ook nog niet helemaal wat we het aan het worden zijn. En het mooie hiervan is dat we ieder moment keuzes kunnen maken. Dat is precies wat uitgedrukt wordt door de Unvollendete: de potentie om na het wordingsproces tot een bepaald stadium doorlopen te hebben, iets anders te worden. En dat iets anders maakt deel uit van een eindeloos scala aan mogelijkheden. Al die mogelijkheden zitten in ons, net zoals in de steen direct uit de groeve een eindeloze hoeveelheid beelden zit besloten.[7]


Nieuwe Bavo Unvollendete web
afb. 4 De Unvollendete bestaat uit rudimentair beeldhouwwerk, halffabrikaten en misbaksels

Oriëntalisme — De kathedraal valt op door sterk oosters aandoende patronen en ornamenten, met de koepel als meest in het oog lopende uitdrukkingsvorm. Deze aandacht van Joseph Cuypers voor, zoals hij het zelf noemde, ‘Spaansch-Arabische motieven’ heeft niet alleen te maken met de erkenning van de inheemse architectuur van het heilige Land als inspiratiebron van christelijke cultuur, maar is opnieuw sterk beïnvloed door de figuur van Thomas van Aquino. Want zoals deze wijsgeer de geschriften van Aristoteles te danken had aan de islamitische denkers van Arabische signatuur, ontleende Joseph Cuypers daar een onderscheidend deel van zijn vormenschat aan.[8]

Polychromie — Er wordt wel gezegd dat dit oriëntalisme ook tot uitdrukking komt in de kleuren. En hoewel er zeker enige overeenkomsten zijn, steunt Joseph Cuypers hier toch vooral op de Farbenlehre van Goethe – de dichter, ja ! – en het onderzoek van Viollet-le-Duc; om de enorme ervaring van zijn vader op dit gebied niet te vergeten. Vooral de buitenpolychromie is heel bijzonder, omdat we van dit type geen enkel ander voorbeeld in Nederland (meer?) hebben. Voor de oorlog moet die voor een groot deel al zijn verweerd, want in het collectieve geheugen van Haarlem was geen enkele herinnering meer aan de eertijds rijke tooi van de torens, gevels en steunberen van de kathedraal. De polychromie werd ondersteund door verguldsel dat het licht en de kleuren reflecteerde, zoals ook aan de binnenkant gebeurde door middel van glanselementen als terracotta, edelsmeedwerk, mozaïeken en noem maar op.[9]


Nieuwe Bavo juwelen bruid web
afb. 5 Van de buitenpolychromie van de nieuwe Bavo was nauwelijks nog iets over.

Catechismus en Biblia pauperum — Ook de latere bisschop Callier was intensief bezig met het gedachtegoed van Thomas van Aquino. Hij liet zich zelfs vereeuwigen in het beeld van deze heilige bij het heilig Hartaltaar. Anders dan de architect was hij geen beelddenker, maar vooral een docent die elementaire geloofswaarheden, vervat in de catechismus, over het voetlicht wilde brengen. Daarvoor koos hij onder meer de systematiek van de middeleeuwse Biblia pauperum (armenbijbel), waarvan in het bisdom nog verschillende originele exemplaren bestonden, zoals in de Grote Kerk van Laren. Callier wist heel goed dat hij zijn ideeën niet kon realiseren zonder de tussenkomst van de uitvoerende kunstenaar, die hij dan ook een bijzondere status toekende. Zo werd zijn haast persoonlijke beeldhouwer, Johannes Maas, getypeerd als ‘priester van het Schoone’. Het geeft aan dat kunstenaars en geestelijken tijdens de bouw een bijna gelijkwaardige status hadden. Bijna, want uiteindelijk voelde de geestelijkheid zich toch ver verheven en bevoorrecht boven de leken. Wel kon de kunstenaar net als een geestelijke als een ingewijde worden beschouwd, iemand die door zijn scheppingsvermogen, kennis en inspiratie dieper doordrong tot de goddelijke geheimen dan de gewone gelovige.[10]

Netwerk en De Heilige Linie — Om het verhaal over de verschillende actoren in te kaderen, is zowel aandacht besteed aan het netwerk waarin zij verkeerden, als aan de gemene deler die onder het programma lag, het handboek over kerkbouwsymboliek van Josephs peetoom, J.A. Alberdingk Thijm, De Heilige Linie (1858).[11] Om te beginnen komt dit tot uitdrukking in de oriëntatie van de kerk, maar er spelen nog talloze andere thema’s mee die onder meer leidden tot de ontdekking van de bruid van het oosten en de bruid van het westen.[12]

Ervaring

Wat heeft het nu zo bijzonder gemaakt om dit boek te schrijven. Sowieso was het fantastisch om dit onderzoek te mogen doen, me te verdiepen in de verschillende persoonlijkheden die direct en zijdelings bij het project van 1895 tot 1930 waren betrokken – wat heb ik veel mensen leren kennen! – en bezig te kunnen zijn met alles wat zich op ons netvlies ontvouwt. Want daar gaat het per slot van rekening bij een kunsthistoricus om: om het visuele spel dat zich voor onze ogen afspeelt dankzij de kunst die door mensenhanden tot stand is gebracht. Maar wat dit boek toch wel extra bijzonder maakt, is dat ik het tijdens de restauratie heb mogen schrijven. En dat is behoorlijk apart in Nederland, want meestal gebeurt zoiets als het werk gedaan is. Dan kun je in principe al niet meer achter de schermen, of liever, vanaf de steigers kijken. Vooral dat laatste heeft dit me bij dit boek veel gebracht. Zo vond bij het herstel van de polychromie een directe wisselwerking plaats tussen onderzoek, schrijven en restaureren, waarbij over en weer een verdiepingsslag plaatsvond. Maar ook de gelukkige situatie dat het gebouw vanaf de steigers bestudeerd kon worden, leverde kennis en inzichten op die zonder dat onmogelijk zouden zijn geweest.


Nieuwe Bavo Dibbets web
afb. 6 Jan Dibbets (centraal met de stok) ontwierp eigentijdse glazen voor het schip van de nieuwe Bavo.

Lest best was het heel speciaal dat er een wisselwerking was met levende kunstenaars over hun recente bijdrage aan de kathedraal. Wat dacht je van de glazen van Jan Dibbets in het schip, de glasobjecten van Marc Mulders in de doopkapel of het mozaïek van Gijs Frieling bij de Sacramentskapel, allemaal na een proces van denken en overleggen tot stand gekomen in 2016. Hierbij speelde op de achtergrond de iconografische inbreng van de plebaan, met wie ik over actuele beeldprogramma’s kon praten: niet iets van gisteren, maar van vandaag, alhoewel uiteraard wel diep geworteld in de traditie. En zo vonden verschillende gesprekken plaats met de actoren van nu, variërend van de voorzitter van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo tot de koster en de conservator van het KathedraalMuseum; van de architect en de opzichter tot de metselaar; van de kleurhistoricus tot de meesterschilder. Deel uitmaken van een team, vergelijkbaar met dat wat de Bavo ooit tot stand bracht. Je kunt het slechter treffen als onderzoeker en schrijver.

Bernadette van Hellenberg Hubar

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Noten en bestelinformatie

  • Verschijningsdatum — Het boek zal voorafgaand aan de Open Monumentendag verschijnen op 9 september 2016.
  • Korting van € 10,00 — Op dit moment kan het boek besteld worden tegen een prijs van € 39,95 per exemplaar. Na het verschijnen, media 2016, wordt dit € 49,95. Meld je aan via NieuweBavo@gmail.com (graag verzendadres en het woord korting vermelden) of via http://bit.ly/WBOOKS-nBavo (inclusief verzendkosten).
  • Bibliofiele uitgave — Er komt een bibliofiele uitgave van ‘Ad orientem’, waarvan de opbrengst ten goede komt aan de restauratie van de nieuwe Bavo. Dat is een aparte, genummerde en gesigneerde editie, waarin de naam van de begunstigers wordt vermeld. Hiervoor kan op dit moment (half juli 2016) niet meer ingetekend worden.
Specificaties
  • Uitgever: WBooks in samenwerking met Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo te Haarlem
  • Aantal pagina’s: 400
  • Illustraties: circa 250 afbeeldingen in kleur en zwart-wit
  • Uitvoering: gebonden
  • ISBN 978 94 625 8119 7
  • Meer informatie: vanhellenberghubar.org
Beeldmateriaal boven de tekst
  • Omslag van Ad orientem | Gericht op het oosten, ontworpen door Marjo Starink met een foto van Sjaan van der Jagt/Pixelpolder (2015).
  • Video met behulp van een drone door Teun Kelting.
Beeldmateriaal in de tekst
  • afb. 1 Deze collage is gemaakt aan de hand van reprovrij beeldmateriaal uit het eerste boek over de nieuwe Bavo: M.A. Thompson, De nieuwe kathedrale kerk ‘St. Bavo’ te Haarlem. Bouwgeschiedenis, constructie en symboliek, Haarlem 1898. De portretten zijn van de hand van Theo Molkenboer.
  • afb. 2 Deze collage is gemaakt met foto’s van Bernadette van Hellenberg Hubar.
  • afb. 3 Deze collage is gemaakt aan de hand van reprovrij beeldmateriaal, afkomstig van Wikimedia Commons (zoektermen: Monet, Cathédral Rouen).
  • afb. 4 Deze collage is gemaakt met foto’s van Bernadette van Hellenberg Hubar.
  • afb. 5 Deze collage is gemaakt aan de hand van foto’s van Bernadette van Hellenberg Hubar en Jojanneke Post van Davique Sierschilderwerken.
  • afb. 6 Deze collega is gemaakt met foto’s van Judith Bohan en Bernadette van Hellenberg Hubar, en met een projectie van Van Hoogevest Architecten en een scan van Haarlems Dagblad.
Noten

[1]    Zie de uitleg van Arjen Looyenga in Erftemeijer e.a., Getooid als een bruid, pp. 44-58. De vennootschap van Joseph Cuypers en Jan Stuyt duurde van 1898 tot 1909 en niet, zoals vaak wordt gedacht van 1900 tot 1908 (vriendelijke mededeling Agnes van der Linden, onder verwijzing naar haar boek: Vrienden van Jan Stuyt en Louise Barozzi: Bijdragen aan een album anno 1928, Nijmegen 2015, p.86).

[2]    Bernadette van Hellenberg Hubar, ‘Hommage aan het team’, op: vanhellenberghubar.org, http://wp.me/P4eh3s-7q (2013).

[3]    Eggenkamp, Wim, ‘Restauratie Kathedrale complex van Sint Bavo halverwege’, in: Haerlem Jaarboek 2014, Haarlem 2015, pp. 133-179.

[4]    Hubar, Ad orientem, paragraaf 6.2.5 ‘De invloed van Goethe’.

[5]    Erftemeijer e.a., Getooid als een bruid, p. 214.

[6]    Hubar, Ad orientem, paragraaf 6.4 ‘Licht en atmosfeer’.

[7]    Hubar, Ad orientem, paragraaf 4.2 ‘De graden van volmaaktheid (Thomas van Aquino)’.

[8]    Hubar, Ad orientem, hoofdstuk 7 ‘De koepel als epiloog’.

[9]    Hubar, Ad orientem, paragraaf 6.1 ‘De juwelen van de bruid’.

[10]   Hubar, Ad orientem, hoofdstuk 5 ‘Te Deum laudamus’.

[11]   Hubar, Ad orientem, hoofdstuk 2 ‘Acte de présence’. Ibidem, hoofdstuk 3 ‘De Heilige Linie’.

[12]   Hubar, Ad orientem, paragraaf 3.4 ‘De onzichtbare patrones’.

Dit item maakt deel uit van de serie ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo’ en is op 25 november 2015 gepubliceerd op de ifthenisnow.eu: http://bit.ly/Ifthenisnow-Bavo.

Verkorte link: http://bit.ly/Bavo-samenvatting-vhhorg