Weefsel

Geschilderde weefsel op het beeld van Nicolaas van Tolentijn van atelier Custers (circa 1909) in de Paterskerk te Eindhoven.

Het lijkt wel een zoekplaatje, maar wat je hier ziet, is het gewaad van de hoofdfiguur van het altaarretabel in de kapel van Nicolas van Tolentijn, een van de belangrijkste augustijner heiligen in de Paterskerk te Eindhoven.* Het beeld komt uit het atelier van de gebroeders Custers te Eindhoven, wier werk tot de top van de houtsnijkunst uit de vroege twintigste eeuw behoorde.

Waarom ik dit detail laat zien? Omdat het zo’n mooi voorbeeld is van hoe weefsel werd gesuggereerd op een beeld. Vaak had een atelier voor dit werk in specialist in huis, een polychromeur die bedreven was in het beschilderen van sculptuur. Moet je kijken hoe knap hij dit heeft gedaan! Via een goud gestikt steentjesmotief op donkerblauwe stof accentueert hij de val van het gewaad: dat doet hij door de steentjes te verkorten en zelfs te vervormen, met name bij de scherpere plooien en op de plaatsen waar het been zich aftekent onder het weefsel. We hebben te maken met een echte verleider, want deze handwerksman verlokt het oog om als het ware te surfen over de golven van de stof die vol dik bollende toppen en holtes zit. Toen hij dit beeld onder handen nam, circa 1909, en er al zijn vaardigheden op los liet, zal deze polychromeur zich ongetwijfeld niet hebben gerealiseerd dat hij een uitstervend metier beoefende. De generatie beeldsnijders na hem zou afstappen van dat bonte palet, die horreur van de neogotiek, zoals dat door de kunstcritici en -historici vanaf de jaren dertig werd geformuleerd.

Nog een fase verder en dit soort beelden zou via rommelmarkten verdwijnen. Met name na Vaticanum II* daalde de waardering voor dit type kerkelijke kunst tot een absoluut dieptepunt, met alle gevolgen van dien. Zo kon het gebeuren dat de beelden van de Munsterkerk te Roermond, waar ieder atelier in de stad een exemplaar aan had bijgedragen, in de jaren zestig van de vorige eeuw volledig opgeruimd werden. Daarom is het ook zo bijzonder dat de Paterskerk in Eindhoven nog haar complete interieur heeft, waarvan de beelden een indruk geven van de veelzijdigheid van atelier Custers.

Als je een keer in de gelegenheid bent, moet je de kerk zeker gaan bezoeken!

B. *

Geschilderd weefsel in het retabel boven het altaar van Nicolaas van Tolentijn van atelier Custers (circa 1909) in de Paterskerk te Eindhoven.  Het altaar van Nicolaas van Tolentijn van atelier Custers (circa 1909) in de Paterskerk te Eindhoven.
Met één klik ga je naar ….

Post scriptum

Het teken * in de bovenstaande tekst staat voor de volgende informatie:

  • De informatie in deze blog is ontleend aan het waardenstellend cultuurhistorisch onderzoek naar de Paterskerk dat geciteerd kan worden als: Hubar, Bernadette van Hellenberg, De mantel der liefde, De Paterskerk te Eindhoven, ErfgoedSWOT©, onderdeel waardenstelling, Ohé en Laak 2014. Meer over dit project is te vinden onder deze link.
  • De foto’s zijn gemaakt door Barbara Bonfrer van Franken Projectmanagement. Voor meer surf naar http://bit.ly/Paterskerk2franken-pm.
  • Vaticanum II duidt op het Tweede Vaticaans Concilie dat van 1962 tot 1965 werd gehouden en leidde tot de modernisering van de R.K. Kerk. Hoe goed en opportuun ook, in Nederland leidde de implementatie tot een tweede beeldenstorm in Nederland. Voor meer achtergrondinformatie zie de lemmata op Wikipedia: http://nl.wikipedia.org/wiki/Tweede_Vaticaans_Concilie en http://nl.wikipedia.org/wiki/Tweede_beeldenstorm.
  • Voor een uitgebreide fotodocumentatie van de Paterskerk volg deze link.
  • Voor de Open Monumentendag van 2015 volg deze link.
  • De verkorte link van dit item is http://wp.me/p4eh3s-19U.

Volg deze link naar de hoofdpagina van de Paterskerk

Fotodocumentatie Paterskerk

De Paterskerk te Eindhoven met het heilig Hartbeeld

De Paterskerk te Eindhoven (1896-1898) met het heilig Hartbeeld hoog in de top van de toren. Deze riskante positie heeft het beeld de bijnaam bezorgd van Jezus waaghals, of Jezus de springer. Van een aangetrouwde oom hoorde ik dat de Amerikaanse soldaten die Eindhoven op 18 september 1944 bevrijdden, dachten dat het mr Philips was. Foto: Bas Gijselhart | BASEPHOTOGRAPHY (2014).

Het onderstaande stukje schreef ik in 2014, toen ik druk bezig was met het onderzoek en de waardenstelling van dit rijksmonument. Nog altijd vraag ik me af of ik niet te naïef ben geweest. Of het projectmanagement mij niet gewoon zag als een onvermijdelijke specialist die je d’r gang laat gaan, terwijl je ondertussen je eigen plan trekt. De besluitvorming is het zoveelste echec van de monumentenzorg en vroeg of laat zit er niets anders op dan deze taak weer bij de gemeentes weg te halen, omdat men daar de broodnodige distantie mist.

Soms bof je met een project en dat geldt zeer beslist voor de Paterskerk in Eindhoven. Afgezien van het genoegen dat ik beleef aan het schrijven over zo’n mooi gebouw met zo’n bijzondere uitmonstering, heb ik het ook getroffen met de fotografen. Terwijl ik bezig was met de waardenstelling, was ondertussen een ploegje druk in de weer met de opname van alle bijzondere onderdelen van het interieur.

Want dat was de gedachte die er achter zat: de Paterskerk zal – als alles goed loopt – herbestemd worden, en dan kun je niet vroeg genoeg beginnen met de documentatie. Een goede documentatie is nog altijd de achilleshiel van alles wat in Nederland aan cultuurgoed verdwijnt. Vaak heeft dat te maken met een kwaad geweten, niet omdat mensen per definitie de kwader trouw zijn, maar omdat iedereen zich toch diep in zijn hart schaamt als iets waardevols vernietigd wordt.

Nu gaat het daar met de Paterskerk helemaal niet om. Er wordt op dit moment uitermate prudent met het gebouw en zijn inrichting omgegaan. Bij dit project ben ik er dan ook eerder bang voor dat op een gegeven moment het proces in zo’n krachtige versnelling raakt dat zoiets als documentatie over het hoofd wordt gezien.

Daarom ben ik heel blij dat fotoclub De Gender in Eindhoven, en wel meer in het bijzonder Bas Gijselhart van BASEPHOTOGRAPHY en Anke Spijkers zich over de Paterskerk ontfermd hebben. Ze hebben prachtig werk verricht. Daarnaast hebben Barbara Bonfrer en Bart van Gestel van Franken Projectmanagement opnames gemaakt. Eigenlijk zou een centraal orgaan deze digitale collectie moeten beheren, maar zover is het nog niet.

De foto’s van Bas Gijselhart en Anke Spijkers staan grotendeels on line via de site van BASEPHOTOGRAPHY. Van het werk van het tweetal van Franken Projectmagagement heb ik zelf een selectie in een lage resolutie op Flickrgezet, die bekeken kan worden via http://bit.ly/Paterskerk2franken-pm.

Ik zou zeggen, ga een kijkje nemen en geniet, maar respecteer het auteursrecht van de makers!

Inderdaad, geniet, want verreweg het meeste is verdwenen of onzichtbaar gemaakt tegen de tijd dat het gebouw weer in gebruik genomen wordt.

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

Detail van het Augustinusaltaar in de Paterskerk

Detail van het Augustinusaltaar van de gebroeders Custers te Eindhoven (vóór 1908). Afgezien van de bijzondere iconografie is de uitvoering van een zeer hoog niveau. Het reliëf was bedoeld om in steen gerealiseerd te worden, maar daar gaven de augustijnen geen toestemming voor. Om toch die indruk te wekken werd het gedaan in wit beschilderd hout. Foto: Barbara Bonfrer van franken-pm.nl (2014).

Meer weten?

Het onderzoek over de Paterskerk is onder meer opgeleverd in de volgende twee delen:

  • Hubar, Bernadette van Hellenberg, De mantel der liefde, De Paterskerk te Eindhoven, ErfgoedSWOT©, onderdeel waardenstelling, Ohé en Laak 2014.
  • Hubar, Bernadette van Hellenberg, Met hart en ziel, De Paterskerk te Eindhoven, ErfgoedSWOT©, onderdeel perspectief, Ohé en Laak 2014.

Deze twee stukken zijn te vinden in de cassette van het project Paterskerk: http://bit.ly/2B0GejS-Paterskerk, waarvan de inhoud openbaar is gemaakt door de gemeente Eindhoven als bevoegd gezag.

Mijn opdrachtgever was coöperatie DELA te Eindhoven die met succes heeft deelgenomen aan marktconsultatie van de gemeente Eindhoven en de augustijnen:

‘De Orde der Augustijnen en de gemeente Eindhoven hebben naar aanleiding van de marktconsultatie Mariënhage besloten om verkennende gesprekken te voeren met coöperatie DELA over de verkoop van het gehele complex. DELA gaat een haalbaarheidsstudie doen naar het renoveren en exploiteren van gebied Mariënhage (exclusief het klooster) als ceremoniële locatie en daarmee opnieuw invulling geven aan de ‘hart en ziel’ gedachte. Verder wordt bekeken of er een samenwerking tussen DELA en Kapellerput (als beoogd huurder) mogelijk is om er zo ook ontmoetings- en overnachtingsfaciliteiten te realiseren ten behoeve van zakelijke en particuliere bijeenkomsten’.1

Het project wordt gecoördineerd door Karl Franken van Franken Projectmanagement en namens Dela begeleid door Peter Hoesbergen Advies. Als architecten zijn Diederendirrix en Architecten|en|en, beide te Eindhoven, bij dit initiatief betrokken. Projectleider vanuit de gemeente Eindhoven is Sandra Janssen-Poelman.
Verkorte link van dit item: http://bit.ly/1Pq4CZf

Door naar het hoofditem


  1. Persbericht van de gemeente Eindhoven d.d. 21 november 2013, ontleend aan de gemeentelijk website