Mijn moeder & O.L. Vrouwe van Altijddurende Bijstand

Leestijd circa 7 minuten

Twee jaar geleden, bij gelegenheid van de 100ste verjaardag van mijn moeder, wilde ik een wat groter webartikel over haar schrijven. Al snel bleek dat dit meer intens en veel intensiever was, dan ik had verwacht. Schrijven over je ouders, roept zoveel op, dat dat meer vergt dan een paar spontane regels op het scherm. Ik besloot toen om mijn ambitie een paar jaar op te schuiven. Grappig genoeg heeft WordPress daar niet op gewacht. Ik had het concept van het artikel namelijk ingepland op 8 september 2020; en toen het betreffende tijdstip zich aandiende, is mijn rudimentaire stukje tekst van een paar jaar geleden spontaan online gegaan. Achteraf kun je je afvragen of het mijn moeder was die niet wilde wachten.

Hoe dat ook zij, het begin is er; een begin dat ik in de loop van de komende jaren stukje bij beetje ga vervolgen, bijwerken, aanvullen en noem maar op. Ongetwijfeld zal ik haar beter leren kennen en vrijwel zeker ook een aantal herinneringen bij moeten stellen. Daar heb ik ook mijn zussen en broers voor. En dat maakt dit werk des te mooier.

En Onze Lieve Vrouwe van Altijddurende Bijstand, zul je denken? Waar blijft die in dit verhaal? Een tipje van de sluier licht ik op aan het einde van deze pagina … *

Mijn ouders, Mimi Vogels en Wolter van Hellenberg Hubar, met de tweeling Peter en Bernadette (rechts), geboren op 29 februari 1956.

Mimi (Wilhelmina Johanna Maria Hélène) Vogels (1918-1999) 

Mijn moeder zou dit jaar 102 jaar geworden zijn. Ze werd in 1918 tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog geboren op De Besterd in Tilburg, als eerste kind van mijn grootouders. Dat ze niet de oudste was in het gezin, kwam omdat mijn grootmoeder uit een eerder huwelijk twee zoons had, mijn oom Noud en oom Bart. Toen mijn grootouders elkaar ontmoetten waren ze weduwe en weduwnaar: Mien De Kanter-Beukenex was 33 jaar en Pierre Vogels 44. Hij heeft vast niet kunnen bedenken dat hij na een kinderloos huwelijk vader zou worden van liefst twee dochters en vier zoons. Dankzij het onderzoek van mijn neef Joep naar de broer die direct onder haar kwam, Theo Vogels, weten we meer over de omstandigheden waarin de familie leefde.1 Het begon heel eenvoudig daar op De Besterd, in een klein huisje in de Molenbochtstraat, waarin de hoofdruimtes door doeken waren opgedeeld in kamers. Toch was het geen armoe troef, want mijn moeder herinnerde zich dat ze al heel jong vloeiend Duits sprak, doordat ze een Duits kindermeisje had. Ze vertelde er ook bij dat op dat moment veel Duitsers ‘in betrekking’ gingen in Nederlandse huishoudens, omdat het land na de oorlog volledig verarmd was. Als je alleen al denkt aan de zware herstelbetalingen die door de geallieerden aan Duitsland waren opgelegd, zal die toestroom niet van korte duur zijn geweest.

Toen mijn moeder vijf was, maakte het gezin een sterke ontwikkeling door. Mijn grootvader had in 1915 een gloeilampenfabriek opgericht, die zo goed liep, dat hij in 1923 een groot huis in de professor Dondersstraat kon laten bouwen. Het ging om een nieuwe straat in de stadsuitleg langs de Ringbaan Oost, waar zich meer vermogende families vestigden, onder wie de twee Joodse broers, Hans en Alfred Polak.2 Toen mijn moeder er al woonde, zag ze in de buurt nieuwe huizen verrijzen, waaronder die van Hans en Bertha Polak-Cohen (1927-1928) en Alfred en zijn gezin. Het was kennelijk een buurt voor jong en/of Joods kapitaal, te recent vergaard om bij de gevestigde industriëlen te horen die buiten de andere textielfabrikanten geen omgang zochten, of van een bloedgroep waartegen men als katholiek ingesleten bedenkingen koesterde. Dat maakte alles zo dubbel: aan de ene kant herinnerde mijn moeder zich één van de dochters (van Alfred) als een schattig meisje met blonde pijpenkrullen; aan de andere kant vertelde ze me hoe de kerk in die tijd vasthield aan het beeld van het volk dat Christus had vermoord.

Collage met het huwelijk van mammie met Frans van Thiel en het 25-jarig huwelijk grootouders. Collage bvhh.nu 2020.

Op de foto rechtsonder zit Theo Vogels, aan wie mijn neef Joep Vogels een boek heeft gewijd.1 Ook deze foto’s komen daarin voor. Dankzij het werk van Joep heb ik mijn moeders familie beter leren kennen. Klik op de afbeelding voor een uitvergroting.

Mijn grootvader was, zo vertelde mijn moeder, van eenvoudige komaf. Ze wist niets van zijn vader of grootvader, de een metselaar en de ander stratenmaker.1 In 1936, verhuisde het gezin naar kasteeltje Groenendael in Hilvarenbeek. Mijn moeder was toen achttien en vertelde ons dat ze na de verhuizing onmiddellijk rijles kreeg, zodat ze de jongere broers en haar zusje naar school kon brengen. De periode van de Tweede Wereldoorlog is heel mooi door mijn neef Joep in beeld gebracht. Een van de afbeeldingen in zijn boek behelst de trouwfoto van mijn moeder en de vader van mijn drie oudste zusjes, Frans van Thiel die – beiden 24 jaar oud – in 1942 met elkaar trouwden. Mijn zusje Yvonne (1946), die drie jaar scheelde met Annemie (1943) en anderhalf jaar met Margariet (1944), was nog maar een jaar toen hun vader onverwacht ‘s avonds overleed aan een hersenbloeding. Voor mijn moeder, 29 jaar oud, brak toen een zware tijd aan, niet omdat er onvoldoende middelen waren, maar omdat haar schoonvader nauwelijks nog interesse had in haar en de kinderen, omdat ze geen kleinzoon had gebaard.

De foto’s tonen nog even een gelukkig moment, want in 1942 zou de Duitse bezetting een steeds grimmiger karakter krijgen; zowel voor mijn moeder als mijn vader. Mijn moeder verloor haar broer Theo die in 1943 werd opgepakt, en mijn vader kwam in 1942 via het Oranjehotel in Den Haag terecht in Kamp Haaren, in afwachting van zijn proces. Uiteindelijk zou hij als een vrij man de gevangenis op het Wolvenplein in Utrecht verlaten. Het typeert de situatie in de jaren 1950 dat mijn moeder niets wist van de ervaringen van mijn vader toen ze met hem trouwde. 

Wordt vervolgd!

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


In 2019 herdacht ik mijn moeder met #Gom | Gedicht op maandag. Collega bvhh.nu 2019.

De afgelopen jaren heb ik mijn moeder op een alternatieve manier herdacht: http://bit.ly/2ZWDcnS

Verwijzingen
  1. Joep Vogels, Theo Vogels. Student in verzet. Gedreven door geloof, Tilburg 2017, ISBN/EAN 978-90-9030354-3. Het boek kost 22 euro exclusief verzendkosten en kan besteld worden bij de auteur via: j.vogels@vogelvrij.nl Zie verder het item onder deze link.
  2. Over de broers Polak en hun familie is recent het boek verschenen van Arnoud-Jan Bijsterveld, Ons Huis. Op zoek naar een Joodse familie in Tilburg. Verkrijgbaar bij uitgeverij Verloren.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2Md8IqB-MimiVogels