Revisited | Sinterklaas 2011

Revisited — Toen ik vorig jaar (2017) startte met de rubriek ‘Gedicht op maandag’, voelde ik me rond Sinterklaas zowaar overvallen door de Goedheiligman, wat toch vreemd is voor een jaarlijks terugkerend feest. ‘Doe ik nu net alsof er niets aan de hand is, of speel ik er op in?’ Het werd het laatste. Ditmaal gaan we naar 2011, naar het gedicht wat ik voor Annelei Engelberts schreef, nadat ze mij het mooie boekje met ‘Brieven aan een jonge dichter’ van Rainer Maria Rilke als Sinterklaascadeau had gestuurd.* Annelei en ik hadden niet lang daarvoor de bundel Sur place* geproduceerd, zij de tekeningen en ik de gedichten, dus het leek me voor de variatie wel aardig om zelf eens een poging te wagen om lijnen op ‘t papier te zetten. Aandoenlijk vond ze het.

Revisited | Collage Sinterklaas met Annelei Engelberts, 'Sur place' en R.M. Rilke (2011). bvhh.nu 2018

En suivant

Voor 2011 gorden wij ons aan
het kompas gericht op
Spaanse krochten het
kerkhof der verloren boeken
achterna
waar vreemd genoeg
niet veel
te wachten staat

De sjamaan die van Turkije kwam
en schimmel en knecht
kreeg toebedeeld van
Wodan
die allesheerser
wereldwijd opgetuigd
met namen van Zeus
of Allah of Jahweh
of Demiourg, architect
van het universum
Die wijze wit bebaarde man
met tabbard, mijter en staf
als gekerstende insigniën
een koning te paard zijn
zwarte schildknaap
een tegenspeler
archetypes

… aartsbeelden
waarvan ieder
van ons
ze in het gedeelde
geheugen bezit
Daar liggen de verhalen
die oeroud
gezaaid zijn
in ons bloed
en af en toe
ruisend
op onze hartslag
naar boven dringen
tot
bewustzijn hun
een kleed aantrekt
dat wij met
onze zintuigen
omhelzen.

Laat dat het
avontuur zijn
dat in 2011
wacht.

Bernadette van Hellenberg Hubar & Annelei Engelberts in Soissons (2009). Foto Poul de Haan.

__________________________________

Naschrift — Annelei en ik hebben elkaar leren kennen tijdens een van de excursies van ‘Kunst der vormen’.* Ik vertelde haar dat ik al enige tijd zocht naar iemand om een bundel mee te maken: mijn partner de tekeningen en ik de gedichten. Ze reageerde heel spontaan dat zij dit wel wilde proberen. Van haar werk heb ik om te beginnen dankbaar gebruik gemaakt voor de bundel Poèmes de Picardie (2009). Daarna hebben we een jaar samengewerkt aan Sur Place. Met haar Delftse stedenbouwkundige achtergrond leek het haar aardig om iets te doen met een stad, en dan wel een met een interessant stedenbouwkundig verleden. Het werd Roermond, een stad waar ik zoveel onderzoek heb gedaan dat de bijzondere onderwerpen voor het oprapen lagen. Hoogleraar Peter Nissen was dat jaar bezig met zijn grote monografie over Roermond en nog altijd ben ik hem dankbaar dat hij tijd vrijmaakte om mijn historische post scriptum te lezen. Dat is mijn makke … ik kan niet zomaar gedichten over de schutting gooien, ik wil de lezer ook graag voeden met informatie om ze te interpreteren. Of dat nog steeds een taboe is in schrijvend Nederland, weet ik niet en dat boeit me ook niet zo.

En dan Rilke met zijn adviezen aan een jonge dichter. Goede wijn behoeft geen krans en dat geldt ook hiervoor. Je zou iedereen zo’n liefdevolle mentor gunnen en misschien heeft iedereen die ook wel nodig. Wat ik in ieder geval al die jaren ter harte genomen heb is Rilke’s opmerking ‘Kunstwerken zijn van een oneindige eenzaamheid en met niets zo weinig nader te komen als met kritiek. Alleen liefde kan ze omvangen, bewaren en recht doen wedervaren.’* Bij geen enkel poëtengezelschap heb ik me aangesloten, geen enkel forum heb ik opgezocht. Alleen in binaire sferen deel ik de gedichten uit, laat ik ze los in de wereld, geef ik ze vleugels door mijn periodieke rubriek ‘Gedicht op maandag’.

Hoe vreemd dat ook schijnt te zijn, Rilke heeft bij mij een bijzondere plaats gekregen in het boek over de nieuwe Bavo, en wel bij de Unvollendete. Het was de inmiddels oud-plebaan van de kathedraal die me attendeerde op het gedicht uit Das Stundenbuch (1905) over de niet te voltooien kathedraal. Ik heb dit gedicht van Rilke eerder aangehaald bij het gedicht ‘Atomen’ uit de minicyclus over de Medersa Ben Youssef in Marrakesh.*

Tja, en dan het onvermijdelijke onderwerp … Zwarte Piet. Ik herhaal hier wat ik op Facebook in besloten kring al heb gezegd naar aanleiding van de afgewogen blog van Jaïr Cijntje: ‘Dit is zo’n discussie waar ik buiten wil blijven, omdat ik de escalatie op z’n zachtst gezegd verontrustend vind. Maar eerlijk is eerlijk … dit is een evenwichtig verhaal [van Jaïr Cijntje]. En als we alles terzijde schuiven – ook de cultuurhistorische argumenten die heel valide (kunnen) zijn – dan gaat het alleen nog maar om de menselijke maat’.*

In mijn gedicht refereer ik aan archetypen. Hoe sterk dat achteraf voor deze discussie op blijkt te gaan, onthullen twee jonge filosofen in hun artikel over het ‘feest van impliciet racisme’.*

Is december geen mooie maand om te wijden aan de menselijke maat?

Alle Menschen werden Brüder!*

B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!  


Bronnen en verdere informatie

De * in de tekst hierboven verwijst naar de volgende bronnen (opgemaakt met Zotero):

  • Rilke, Rainer Maria, en Theodor Duquesnoy (vertaling). Brieven aan een jonge dichter. Amsterdam: Balans, 2009.
  • Engelberts, Annelei, en Bernadette van Hellenberg Hubar. Sur place, Roermond in dertien beeldgedichten. 1ste dr. Amsterdam/Ohé en Laak, 2011. http://bit.ly/Surplace-2011. Daarna hebben we samen Wikken en wegen gemaakt, in opdracht van de Rechtbank Roermond toen deze opging in de Rechtbank Limburg (2013-2014).
  • Surf daarvoor naar deze link.
  • Rilke, Brieven aan een jonge dichter, p. 16.
  • Hubar, De nieuwe Bavo, p. 163, Rilke, Ranson en Hutchinson, Rainer Maria Rilke’s The Book of Hours, pp. 19-10, 201 (blijkens p. 201 schreef Rilke dit gedicht uit Das Stundenbuch (1905) in 1899). Van Ogtrop had dit gedicht weer doorgekregen van Eric Ottenheijm, assistent hoogleraar Joodse en bijbelse studies. De gecursiveerde woorden zijn van toepassing op het aanzien van de nieuwe Bavo. Het roept natuurlijk de vraag op of Joseph Cuypers dit ooit heeft gelezen. Mocht dat zo zijn, dan is het vast een feest van herkenning voor hem geweest. Surf naar het gedicht ‘Atomen’ uit de minicyclus over de Medersa Ben Youssef in Marrakesh via deze link.
  • Cijntje, Jaïr. “Zwarte Piet: wat is er nou precies racistisch aan?” Ondertussen.nl, 26 september 2018. http://bit.ly/2QCv8br-Evernote. Mijn Facebook bericht dateert van 21 november 2018.
  • Jongepier, Fleur, en Sem de Maagt. “Waarom Zwarte Piet onacceptabel is”. De Groene Amsterdammer, 4 december 2014. http://bit.ly/2U5pddO-Evernote
  • Uit de Ode an die Freude van Friedrich von Schiller uit 1785/1803. Dit gedicht heeft vooral naam gemaakt doordat Beethoven de tekst op muziek heeft gezet in het laatste deel van zijn Negende symfonie in 1823. De tekst is onder meer te vinden op Wikipedia. De ode van Schiller/Beethoven werd in 1972 door de uitgekozen als volkslied. Op Youtube is een hele menigte uitvoeringen te vinden!

 

Gedicht op maandag | #Gom op Twitter

De serie ‘Gedicht op maandag’ #Gom kan direct op twitter bekeken worden via deze link.

Wat ik daar nu toch mee wil, met dit soort gedichten, lees je hieronder naar aanleiding van mijn eerste bundel ‘Assez de place’ (2008).


Mijn eersteling*

Ik liep er al een hele tijd mee rond, voordat ik me waagde aan mijn eerste bundel gedichten – Assez de place pour être heureux – die ik schreef tijdens een excursie in de Picardie met het gezelschap ‘Kunst der vormen’ in 2008. De titel is ontleend aan de tekst die Marjan ons tijdens een briefing voorlas, waarin de regel voorkwam: ‘Pense qu’il faut si peu de place pour être heureux’. Wat mij betreft, was er op de plek waar we waren ‘assez de place pour être heureux’. Ik heb het als een gunst ervaren om zowel in ambiance als gezelschap zoveel inspiratie te vinden dat mijn droom werkelijkheid werd. De ‘notice explicative’ bij de gedichten ben ik gestart met een soort beginselverklaring die niets van haar kracht verloren heeft:

De gedichten zijn het resultaat van vrije associatie en zijn in de kiem vaak in enkele minuten op locatie tot stand gekomen, waarna het tijdrovende schaafwerk en het wikken en wegen van subtiele woordschakeringen volgde. Bij de opzet ervan heb ik vanwege de beoogde relatie met de ‘kunst der vormen’ geen enkele poging gedaan me los te maken van mijn discipline als kunsthistoricus. Ook al deed zich hier niet de noodzaak voor om mijn interpr taties wetenschappelijk te onderbouwen, om ze te kunnen geven – hoe verdicht ook – moest ik een beroep doen op mijn individuele schatkamer aan beelden en woorden. Daar schuilt natuurlijk ook een pracht van een paradox achter die ik graag bewaar voor een volgende keer.

Net zoals architectuur – en de kunst in het algemeen – kunnen gedichten vanuit verschillende lagen gelezen worden. Dat geldt al helemaal als er ook nog een plaatje bij zit. Het bleek een spannende worsteling te zijn om een goede onderlinge groepering te vinden tussen de twee media. Bij een gedicht op locatie zijn woord en beeld immers onverbrekelijk met elkaar verbonden. Eigenlijk gaat het om een soort stripverhaal en dan staat zo’n zin er zonder figuratieve ondergrond maar naakt bij.

Bij deze stripgedichten bestaat de eerste laag van de interpretatie uit datgene wat iedereen er zelf van maakt. En dat kan iets heel anders zijn dan ik bedoelde. Dat is niet erg. Zoals de kunstfilosoof Jacques de Visscher ooit met de nodige verve beweerde, is de bestemming van de kunst niet de maker zelf, ‘maar het publiek, en dat bijgevolg de zaak van het begrijpen van een kunstvoorwerp niet in de eerste plaats bij de maker ligt die dit dan buiten het werk om aan de toeschouwer als aangesprokene dicteert’. Kunstwerken zijn niet aansprekelijk omdat ze ‘in de particulariteit van de wereld van de maker’ gevangen zitten, maar juist omdat ze steeds weer ‘nieuwe verhalen genereren’. Het staat ieder dus vrij er van te maken wat men wil, zoals ik met mijn vrije associatie eveneens heb gedaan. Maar de meeste mensen blijken daar wel een handvat bij te kunnen gebruiken. Vandaar dat ik enige achtergrondinformatie bij de gedichten geef.

En zo ben ik dat blijven doen.

Meer weten over de gedichten die ik vanaf 2006 schreef? Volg dan deze link.

;-) B.

Omslag gedichtenbundel 'Assez de place' (2008) | Gedicht op maandag #Gom
De eerste bundel met erfgoedgedichten op locatie was ‘Assez de place’.

* Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2fEzLO1-Assez

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewarenBewarenBewarenBewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

#Gom | Gedicht op maandag


Vanaf 2006 heb ik gedichten geschreven, met name rond erfgoedthema’s, maar ook over andere vormen van ‘human interest’. Eens in de zoveel tijd stof ik er eentje af en zet dat on line onder de titel Gedicht op maandag | #Gom.

Gom | Met Kunst der Vormen in Wylre, bezig met een gedicht over dit werk van Leo Vroegindeweij. Collage bvhh.nu 2010.
Met Kunst der Vormen in de tuin van kasteel Wylre, bezig met een gedicht over dit werk van Leo Vroegindeweij voor de bundel ‘In ‘t Zuie’. Collage bvhh.nu 2010.

Verkorte link: bit.ly/2ySQKG7-Gom

Unieke Tag: 2ySQKG7

Cyclus Rome

Cyclus Rome: het Colosseum
Het Colosseum te Rome (72-80). Foto auteur, 2015.

Van 12 tot 22 juni 2015 was ik met een kleine groep op excursie in Rome onder leiding van Cis Brenders, klassiek archeoloog te Antwerpen, die zich onder meer bezighoudt met de vertaling van De architectura Libri X (De tien boeken over architectuur) van Vitruvius, voluit Marcus Vitruvius Pollio (circa 85 — 20 voor Christus).1 Behalve in de Romeinse kunst – waarbij Brenders veel aandacht besteedde aan een van mijn favoriete onderwerpen, monumentale muurschilderkunst – maakte hij ons ook wegwijs in de vroegchristelijke cultuur. Heel bijzonder was het bezoek aan Ostia waar hij al jaren bezig is met een graffitiproject, klassieke graffiti wel te verstaan.

Daarnaast was er  voldoende gelegenheid voor enkele toppers als de Villa Farnesina, de Villa Borghese, de Agnese van Borromini – om er een paar te noemen – en een superbe ontdekking om de hoek van het hotel: de Joachimkerk met de Hollandse kapel die naar aanleiding van het vijftigjarig priesterfeest van Leo XIII werd gebouwd rond dezelfde tijd als de nieuwe Bavo in Haarlem. Waar ik ook ben, het project waarmee ik bezig ben komt altijd wel een keer om de hoek kijken. Een andere verrassing was het beeld van de zalige Ludovica van Bernini, waar een van de reisgenoten ons op attendeerde. Dit vrijwel onbekende kunstwerk bevindt zich in de Franceso da Ripa in Trastevere en laat – net als beroemde Theresa van Avila van Bernini – de extase zien als gevolg van de mystieke eenwording van de ziel met God.2 Het boeiende hiervan is dat Bernini de iconografie volgt van de Madonna lactans die zo’n prominente rol speelt in de mystiek van Bernardus van Clairvaux.3 Dat vraagt om nader onderzoek!

Bij de verschillende bezienswaardigheden kwamen als vanzelf woorden naar boven die de ene keer resulteerden in gedichten op locatie – gecombineerd met wat reflecties op de achtergrond – en de andere keer inspireerden tot korte essays op vakgebied. De eerste items staan inmiddels on line:

B.4

 


  1. De resultaten van dit project zijn te volgen via www.vitruvius.be. Voor Vitruvius zie ook het lemma op Wikipedia

  2. Zie het betreffende lemma op Wikipedia

  3. Zie daarover in het bijzonder: Kingma, De mooiste onder de vrouwen → Bibliografie

  4. Verkorte link van dit item: http://bit.ly/Cyclus-Rome 

Pas de deux à Rome

Cyclus Rome | Pas de deux

Cyclus Rome: Perseus en Minerva, Museo Palentino (foto auteur, 2015)

Zij dansen …
met tussen hen in de Gorgoon
een pas de deux op de metoop
in ‘n eenparig versneld ritme
Perseus en Minerva
Het schild als een spiegel gepoetst
zal telkens weer het
schrikbeeld weerkaatsen
dat versteent …
Deinst zij achteruit,
Stapt hij naar voor
op gevleugelde voeten
in ‘n haast niet te stuiten pas
komt de Gorgoon dichterbij
dood
of grijnzend aan ‘t ontwaken?
De schedel van de ossenkop
‘n stille verteller daaronder
laat alles in het midden …

Cyclus Rome: Perseus en Minerva, Museo Palentino (foto auteur, 2015)

______________

Post scriptum — De voorstellingen van Perseus, Minerva en de Gorgoon Medusa zijn in terracotta gebakken en vervolgens gepolychromeerd. Ze maken deel uit van een serie metopen (circa 28 voor Christus) die Augustus bestemd had voor de tempel van Apollo, maar die in werkelijkheid nooit zijn geplaatst. Ze kwamen terecht in een put, welke situatie verklaart waarom de kleuren door de inwerking van vocht en chemicaliën wel aan kracht hebben verloren, maar de lijnen van de reliëfs op de brokstukken zo gaaf zijn gebleven. Ze zijn nooit blootgesteld aan weer en wind.

De terracotta’s bevinden zich in het Museo Palentino te Rome, dat ik bezocht tijdens een excursie van 12 tot 22 juni 2015 onder leiding van Cis Brenders, klassiek archeoloog te Antwerpen die zich onder meer bezighoudt met de vertaling van De architectura Libri X  (De tien boeken over architectuur) van Vitruvius, voluit Marcus Vitruvius Pollio (circa 85 — 20 voor Christus). De resultaten van dit project zijn te volgen via www.vitruvius.be.1

Wil je meer weten over – de andere items uit – de cyclus Rome, volg dan deze link.

B.2

_________________________________

Voetnoten:


  1. Voor Vitruvius zie ook het lemma op Wikipedia

  2. Verkorte link van dit item: http://wp.me/p4eh3s-1E7

Schoonbrood in de Hubertuskerk te Maastricht

Dit is een doorverwijspagina naar: Interbellumdatabase: Schoonbrood in de Hubertuskerk te Maastricht.

Doorverwijspagina

Meer weten over mijn gedichten? Volg dan deze link.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

Blues

Gedichtencyclus Georgië
De reis naar Georgië in 2011 was onvergetelijk!.

Een van de mooiste reizen die ik gemaakt heb, was naar Georgië in 2011, waarbij ook nog een klein stukje Turkije aan de Zwarte Zee in het programma zat.1 Daar kwam een rijke verzameling impressies en beeldgedichten uit voort. Teveel keuze, zeg je terecht. Dus heb ik er, los van de inleiding, drie voor je geselecteerd:

Met name de laatste plek was overweldigend. Daar bleef een stukje van mezelf achter, dat ik later in gedachten op heb moeten halen. De heimwee wilde maar niet overgaan. Wat is de Kaukasus toch mooi.

Ga er heen, nu het nog kan!

B.2

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


  1. Hubar, Bernadette van Hellenberg, ‘Georgië, impressies en beeldgedichten’, op: bernadette-van-hellenberg-hubar.blogspot.nl, http://bit.ly/Georgie-2011 (2011). 

  2. Verkorte link van dit item: http://wp.me/p4eh3s-Pt 

Mamelis revisited

Binnenkort heb ik een afspraak op de Sint Benedictusberg in Mamelis, een abdij die jammer genoeg niet zozeer bekend is vanwege de prachtige expressionistische architectuur van Dominikus Böhm, maar vanwege dom Hans van der Laan. Natuurlijk is het heel bijzonder wat deze laatste architect aan innovaties heeft bedacht, maar ik blijf het betreuren dat dat ten koste is gegaan van het werk van zijn oudere collega.1

Hoe ‘t ook zij, ik was er in 2010 met Kunst der Vormen, een aparte vereniging van haast exclusief Delftenaren die samen op excursie gingen om te tekenen en te fotograferen. Ik zat daar zo’n beetje bij als buitenbeentje, geen bouwkunde in Delft, maar kunstgeschiedenis in Utrecht, niet om te tekenen of te fotograferen, maar om gedichten te maken. Uit deze samenwerking ontstonden beeldgedichten. Hieronder kun je zien wat dat ten aanzien van Mamelis bracht.

Ditmaal ga ik niet naar Mamelis voor het werk van Böhm, noch voor Van der Laan, maar vanwege de Clemenskerk in Merkelbeek. Ik ben bezig met een kleine publicatie over de onlangs gerestaureerde schilderingen daar. Nu waren de benedictijnen die in Mamelis zitten, rond 1900 gevestigd in Merkelbeek. Een van hen was de jonge dom Romanus Jacobs die van zijn abt de opdracht kreeg om de kerk te beschilderen. Maar dat verhaal ga ik hier niet vertellen.2

Er is echter nog een reden voor mij om Mamelis te bezoeken. Dankzij dit project kwam ik erachter dat een oude klasgenoot van mij daar ingetreden is. Een van de gedichten hieronder speelt zich af in de kapel, en daar meende ik hem destijds al te herkennen. Gezichtsbedrog, hield ik me zelf voor. Maar nu, zoveel jaar later … enfin, blader maar eens door naar beneden en klik gewoon op het plaatje als de letters te klein zijn. Mocht je de dichtbundel als geheel willen zien, dan vind je beneden een snelkoppeling.3



Klik om te vergroten! Mamelis revisited | Gedichtenbundel 'In 't Zuie', Kunst der Vormen, Raar mei 2010, p. 18.
Op de cour van Sint Benedictusklooster te Mamelis, ontworpen door dom Hans van der Laan, met een tekening van Maarten Ruyters. Herkomst: ‘In ‘t Zuie’, 2010.

Klik om te vergroten! Mamelis revisited | Gedichtenbundel 'In 't Zuie', Kunst der Vormen, Raar mei 2010, p. 19.
Collage van een tekening van Janke de Boer tussen foto’s van Hans Ringnalda en Marjan van den Bos. Herkomst: ‘In ‘t Zuie’, 2010.

Klik om te vergroten! Mamelis revisited | Gedichtenbundel 'In 't Zuie', Kunst der Vormen, Raar mei 2010, p. 20.
Collage van foto’s van Hans Ringnalda. Herkomst: ‘In ‘t Zuie’, 2010.

Klik om te vergroten! Mamelis revisited | Gedichtenbundel 'In 't Zuie', Kunst der Vormen, Raar mei 2010, p. 21.
Collage van foto’s van Hans Ringnalda. Herkomst: ‘In ‘t Zuie’, 2010.

Een fijne sfeer hangt daar. Ga er maar eens heen!

B.4

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren


  1. Zie de lemmata Dominikus Böhm en Abdij Sint Benedictusberg Mamelis op Wikipedia. 

  2. Zie het item Clemenskerk in Merkelbeek op deze site 

  3. Hubar, In ‘t zuie op Issuu: http://bit.ly/In-t-Zuie, of via http://bit.ly/IntZuie-VHHorg

  4. Verkorte link van dit item: http://bit.ly/1NHZMGc | http://wp.me/p4eh3s-Li 

Van ons voor jou …

Het altijd leuk om iets weg te geven: aan mensen die je zijn gaan volgen via de sociale media of iemand die je net hebt leren kennen of zomaar …

Omslag historische novelle 'Se non è vero'. Klik op het plaatje om te vergroten (bvhh.nu 2008). Omslag historische novelle 'Het labyrint''. Klik op het plaatje om te vergroten (bvhh.nu 2007). Tussen Gabriel en Michael. De schilderingen naar Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Rotterdam: HH. Laurentius & Elisabethparochie, 2018.

Vandaar deze keur aan mooiste dingen die de afgelopen decennia zijn gemaakt, fact and fiction naast elkaar:

  • Het labyrint, Fanfiction gewijd aan Pierre J.H. Cuypers en opgedragen aan Wies van Leeuwen, Ohé en Laak 2007. Als je al zo lang met iemand als Cuypers bezig bent, is het heel verfrissend om af en toe je fantasie de vrije loop te laten. Vandaar deze historische novelle die Bernadette opdroeg aan haar vriend en vakgenoot Wies van Leeuwen bij gelegenheid van het verschijnen van zijn Cuypersbiografie.
  • E kas blou / Het blauwe huis, gedichten op locatie met reisimpressies, Curaçao 2011. Mateloos genieten van ‘n stukje Caribisch ‘Nederland’. Dit kun je mooi door bladeren via Issuu.
  • Sur place, Roermond in dertien beeldgedichten (2010-2011), met Annelei Engelberts. Hoe je een historische stad door twee poëtische brillen kunt bekijken. Alweer iets om mooi door te bladeren met Issuu.
  • Se non è vero, Fanfiction gewijd aan Nenny Alberdingk Thijm, Ohé en Laak 2008. Het was heel plezierig om de vrouw achter Cuypers op een wat vrije manier tot leven te brengen. Net als Het labyrint speelt deze historische novelle een rol in de Cuyperscode.
  • De muziek van het licht, Cuypers’ polychromie, Res nova, Ohé en Laak 2007. Ooit geweten dat Cuypers zeer waarschijnlijk synesthesie had? Dat lees je in deze studie, waarin ook de kleuren van het Rijksmuseum aan de orde komen. Het stuk verkeert nog steeds in de conceptfase en dat is maar goed ook, want sinds we met de nieuwe Bavo van Joseph Cuypers bezig zijn geweest, zijn er heel wat nieuwe inzichten naar voren gekomen.1
  • Het poepende mannetje‘ over een bijzonder beeld aan de buitenkant van de nieuwe Bavo inVitruvius, onafhankelijk vakblad voor erfgoedprofessionals, 10, nummer 40 (2017). Wat betekent zo’n geuzennaam en wat stond Joseph Cuypers voor ogen?
  • ‘Retort in het borgingsproces, De erfgoedSWOT© en de Wederopbouwkernkwaliteiten in de AMvB Ruimte’, in: Vitruvius, onafhankelijk vakblad voor erfgoedprofessionals 4, nummer 13 (2010), pp. 16-21 en 5, nummer 14 (2011), pp.18-25. Wederopbouw is hot, maar er is wel heel veel van. In dit artikel zit een handreiking voor een selectiemethode. Speciaal voor lezers die van abstract denkwerk houden.
  • En tenslotte uiteraard het laatste E-boek, Tussen Gabriel en Michael, waarover je onder deze link meer vindt.

Blader er maar eens doorheen en neem wat van je gading is.

Wil je meer weten over ons? Kijk dan eens bij het persoonlijke verhaal van B & M.

B & M2

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


  1. Meer weten? Surf naar de projectpagina op deze site. 

  2. Verkorte link van dit item: http://bit.ly/VHH4U. 

Presentatie Wikken & wegen bij de rechtbank Limburg

Presentatie Wikken & wegen bij de rechtbank Limburg — Hoe het samenvoegen van twee rechtbanken tot een beeldende/poëtische reflectie leidde.

De omslag van de bundel 'Wikken en wegen' met beeldgedichten over rechtspraak in Roermond (2014).
De bundel ‘Wikken en wegen’ met aquarellen van Annelei Engelberts en gedichten (met een toelichting) van mij verscheen 6 januari 2014.

Het was een verrassend project, Wikken en wegen. Iemand had de kunstcommissie van de rechtbank van Roermond de bundel Sur place laten zien die Annelei en ik gemaakt hadden over de stad.* Dat leidde tot een uitnodiging om iets dergelijks te maken bij gelegenheid van de fusie van de rechtbanken van Roermond en Maastricht die opgingen in de rechtbank Limburg. Vele gesprekken, zittingen en interviews later rolde Wikken en wegen van de pers. De president van de rechtbank van Limburg, mr Peter Pulles, schreef het voorwoord, waarin hij het bijzonder noemde dat ‘het recht ook een bron van inspiratie vormde voor de kunstenaars’. Hem sprak vooral de laatste regel van de bundel over de ‘menselijke maat’ aan.

Wikken en wegen is mooi uitgegeven, maar jammer genoeg niet in de handel. Als project van de Kunstcommissie in Roermond was de publicatie bestemd voor het personeel en voor representatie. Algemeen zijn de reacties positief, vooral omdat men verrast is dat rechtspraak zich – zo goed – leent voor een poëtisch beeldende benadering.

Een paar reacties:

Han Groen, rechter en zelf dichter liet de kunstcommissie weten:

Mijn buitengewoon grote complimenten met deze uitgave. Zowel de inhoud als de uitvoering zijn van hoge kwaliteit en met heel veel gevoel voor wederzijdse verhouding in een opvallend mooie vormgeving tot uitdrukking gebracht. Papierkleur, lettertype, bladspiegel en de wijze van vermengen van text en illustratie is heel smaakvol en gebalanceerd. Zelf niet onkundig van het proces van ontstaan tot uitgave van boeken, weet ik hoeveel moeite, spanning, druk en wanhoop er per definitie daarin besloten liggen.

Mijn vriend Antoon Erftemeijer schreef:

Ik heb er met plezier en interesse in zitten lezen; je teksten over die rechtsgeschiedenis zijn ook bijzonder pakkend en fraai geschreven (en soms schokkend van inhoud). Lof ervoor.

Een van de beeldgedichten uit Wikken en wegen met aquarellen van Annelei Engelberts en tekst van Bernadette van Hellenberg Hubar (2014)
Een van de beeldgedichten uit ‘Wikken en wegen’ geschreven bij de synagoge van Roermond. Klik op het plaatje voor een leesbare vergroting.

Wie een indruk wil hebben, kan een blik werpen op het inkijkexemplaar: http://bit.ly/Wikken-en-wegen

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren