Met de schikgodinnen het jaar uit …

Surf naar deze blog op onze site voor het gedicht en het achtergrondverhaal.

;-) B&M

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


En verder nog …


Wil je weten hoe het allemaal begon met de gedichten op deze site, klik dan op deze link.

Meer gedichten en verhalen lezen, die Bernadette bij gelegenheid van Kerstmis, Oud & Nieuw en Driekoningen schreef? Pluk dan eens wat uit dit rijtje:

  • 2018 Kerstmis en Nieuwjaar 2019 via deze link.
  • Tweemaal Driekoningen | Sweet memories (2016; 2018) via deze link.
  • Nieuwjaarswens op Driekoningen (2017) via deze link.
  • Kerstverhaal in de Poolse Kapel (2017) via deze link.
  • Deinend … (2009; 2017) via deze link.
  • Zalig kerstfeest allemaal! (2016) via deze link.
  • Driekoningenfeest (2016 op if then is now) onder deze link.
  • Draaiende spiralen (2015) via deze link.
  • Wat schikt het … (2015) via deze link.
  • Een ster en een kroon (2015-2016) via deze link.
  • De Kerstkapel van de nieuwe Bavo (2015) via deze link.
  • De vlam van de kosmos tegen ‘t blauw | Nieuwjaarswens 2014 via deze link.
  • Rood | Colourfield (2014) via deze link.
  • Boven de Kerstkapel (2013) via deze link.
  • Daar schoten drie stralen dooreen … (2013) via deze link.

Voor een volledig overzicht van ‘Gedicht op maandag’ surf je naar deze pagina met het Twitteroverzicht van 2017.

‘Gedicht op maandag’ komt eens in de twee à drie weken langs op onze Facebookpagina: http://bit.ly/VanHHOrg2FB
Ga eens kijken en ‘like’ de pagina, zodat de erfgoedgedichten een nog grotere actieradius bereiken!

Druiven plukken op Roozendael

Deze diashow vereist JavaScript.

De stilte bestond uit zonlicht

Uit de wind die in de ranken draalde

Tegen een achtergrond van landbouwruis

En het zachte timbre van stemmen

De schreeuw van de buizerds in de lucht

begeleidt pirouettes boven de wijngaard.

Staccato geklik van de snoeischaar

gevolgd door de geluidloze plof

van trossen als kolven

’n blauw mozaïek in allerlei tinten

Tot berstens toe ontploft

zoet fruit in je mond

papillair verrast onstilbaar genot

Oogsttijd op Roozendael

Druiven plukken op landgoed Roozendael in Reuver. Foto Marij Coenen 2018.


Druiven plukken op Roozendael

Welk Roozendael zullen kenners als eerste vragen? Want er zijn wel heel veel Rozendalen in allerlei schrijf varianten in Nederland. Dit Roozendael is een landgoed in Reuver (Midden-Limburg) dat bestierd wordt door wijnboer Henk Stiekema en zijn vrouw, mijn Probus collega, Marieke Kruit. Na al het onderzoek wat ik in het verleden naar boerderijen en landelijke gebieden heb gedaan en begeleid, raak je je fascinatie voor toponiemen niet meer kwijt. Dat deel ik met de eigenaren, want op hun website staat dit aardige stukje:

Het landgoed bevindt zich op een maasterras, een voormalige dalbodem, aan de oostzijde van de rivier. Door deze ligging bestaat er geen gevaar voor wateroverlast bij hoge waterstanden van de Maas. Meer naar het oosten (richting Duitsland) bevinden zich nog een aantal hogere maasterrassen, zodat de geologische ontwikkeling van het gebied goed zichtbaar is in het landschap. De grond bestaat uit voormalige stuifzanden (maasduinen), maar in de diepte bevindt zich een oude kleilaag. Deze is in de jaren 60 van de 20ste eeuw doorgestoken, om wateroverlast in de nabij gelegen woonwijk te verminderen. Tot dan toe bevond zich aan de noordoostelijke zijde een groot ven met begroeiing. Daar is waarschijnlijk ook de naam van het gebied van afkomstig. Ross (maar ook reuss) is een oude benaming voor riet en dal duidt op een laagte in het land. Er zijn in Nederland meer plaatsen die op deze wijze een soortgelijke naam hebben gekregen. Dat de naam in de loop der jaren aangepast is, blijkt uit de topografische kaarten, waarop het gebied aangegeven is met de naam Roosendaal.*

Het landgoed wordt overigens niet alleen uitgebaat als wijngaard en wijnmakerij. Marieke heeft er ook haar atelier voor grafiek, beeldhouwen en glas in lood, waar ze eveneens cursussen verzorgt. Wijn en kunst, altijd een goede combinatie.

Het gedicht geeft het al aan: ‘t was een dag met een gouden randje. Waar anderen duizenden kilometers rijden om in mediterraan weer wijngaarden te bewonderen, konden Marij en ik hetzelfde doen op nog geen half uur van ons huis! En wat zo apart is … je stapt uit en bent haast meteen van de wereld! Alles valt van je af als je tussen de stokken zit en meter voor meter opschuift om de trossen te knippen. Af en toe een prikkende braamstengel weghalen of wat verhullende bladeren en verder niets. Er is een rust die alles omhult en waarin ook het praten telkens weer wegzinkt. Vredig …

En zoet! Zo zoet had ik het niet verwacht. Zelfs de spontaan ontwikkelde rozijnen die aan de trossen zaten, waren zoet en dat schijnt nogal bijzonder te zijn. Voor we zo’n tros in de emmer mochten doen, moesten we eerst proeven of de rozijn inderdaad niet zuur was, want anders … weg ermee. Maar de hoeveelheid zonuren had voor veel zoets gezorgd en dat was voor mij überhaupt een verrassing, omdat ik niet van zoet houd.

Door de hete droge zomer is de oogst dit jaar tweemaal zo groot als andere jaren. Dus wie belangstelling heeft om te plukken kan zich melden bij hoeve Roozendael via de website of Facebook.*

Tot slot nog een dankwoord aan mijn andere Probus collega en medeplukker, Steef Stevens, die tussen het plukken door mompelde dat ik vast aan het denken was over een gedicht.

Et voilà!

;-) Bernadette

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen en verdere informatie

De * in de tekst hierboven verwijst naar het volgende:

  • “Beschrijving Landgoed Roozendael”. Roozendael.nl, 2013. bit.ly/2Nvhuks-Roozendael. Voor deze informatie wordt verwezen naar Tussen Maas en Meerlebroek, Toponiemen in de gemeente Beesel. Auteur Loe Giesen, uitgave Heemkunde vereniging Maas- en Swalmdal, Reuver, 1990.
  • Voor de site zie de voorgaande noot. Voorts: “Hoeve Roozendael”. Facebook. Geraadpleegd 8 oktober 2018. bit.ly/2NuSAlc-Roozendael.

Routebeschrijving:

Verkorte link: bit.ly/2y75AID-VanHH2Org

Gedicht op maandag: Onbeslist

Ook benieuwd naar mijn vorige #Gom?

Nog meer? Surf dan naar deze pagina of ga kijken hoe het allemaal begon.

;-) B.

Gedicht op maandag: Onbeslist | Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Le va et vient à Pierrefonds

Le va et vient à Pierrefonds


Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), Het binnenplein van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto bvhh.nu (2008). Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), Het binnenplein van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto bvhh.nu (2008).

Le va et vient …
het plein van Pierrefonds
lost op in een markt
waar mensen slenteren …
Iedere gevel
als een apart gebouw
organisch gegroeid
tous les temps, tous les lieux
ogenschijnlijk lukraak
maar au fond
resultaat
van een
tekentafel
waar de meester van het werk
zich fronsend over buigt
en ziet dat het goed is.

Le va et vient | E.E. Viollet-le-Duc (ontwerp), De bouwvakker in een van de sluitstenen van kasteel Pierrefonds (1861-1885). Foto Poul de Haan (2008).

______________________________________________________________________

Postscriptum | La va et vient

Dit gedicht met de uitleg in het citaat hieronder komt uit mijn eerste bundel met Kunst der Vormen in de Picardie – Assez de place (2008)* – en is hier geplaatst in het kader van het initiatief Gedicht op maandag | #Gom. Toen ik met deze groep op excursie ging, realiseerde ik me helemaal niet dat we zo dicht bij Pierrefonds zouden zijn.* En dat stond al zo lang op mijn verlanglijstje. Op het notebook dat ik bij me had, had een lezing staan over Pierre Cuypers die ik aanvulde met wat foto’s die Poul de Haan, Marja Langenberg en ik bij een verkennend bezoek hadden gemaakt. En zo kon ik een presentatie geven, voordat we er met het hele gezelschap naar toe gingen. Dat was ook wel nodig: we schrijven 2008, het Rijksmuseum was nog niet herontdekt (dat gebeurde pas na de opening in 2013) en in de groep heerste de nodige argwaan jegens de neostijlen. Er was dan ook geen onverdeeld enthousiasme over dit meesterwerk van Cuypers’ grote voorbeeld, Eugène Viollet-le-Duc. Min of meer schoorvoetend gaf men zich over …

Dit thema dank ik aan Maarten* wiens eerste reactie op het binnenplein van Pierrefonds was dat het zo van de tekentafel kwam. Die opmerking activeerde een paradox die tekenend is voor dit soort complexen: Viollet-le-Duc had als opdracht om in Pierrefonds een microcosmos van het Franse rijk en zijn verleden te tonen, waarvan de organische groei in de verschillende bouwvolumes en geveldelen tot uitdrukking moest komen. In het spoor van Lodewijk XIV wilde keizer Napoleon III zichzelf in het midden van dit rijk plaatsen: het was zijn Versailles. Analoog aan de al wat oudere landschapsparken moesten hier ‘tous les temps et tous les lieux’ verbeeld worden. Marja herkende dan ook direct tijdens de voorexcursie nagenoeg rechtstreekse stijlcitaten van de Sainte Chapelle en van kastelen als Blois en Chambord.

In het spoor van de microcosmos onthult het plein nog een favoriet thema uit deze tijd: architectuur als stad in het klein. Algemeen werd die ‘stad’ alleen als silhouet getoond, zoals Cuypers met name laat zien bij het Centraal Station. Door de bijzondere opgave van Pierrefonds was Viollet-le-Duc hier in de gelegenheid om de stad in het klein ook van binnen te tonen door het plein het aanzien te geven van een markt met verschillende gebouwen.

Van de middeleeuwse bouwkunst hadden Viollet-le-Duc en Cuypers het thema van de recursie overgenomen, dat vergelijkbaar is met het Droste Cacao-effect.* De grote kathedralen zijn een verbeelding van het hemelse Jeruzalem dat ik hiervoor heb aangestipt en bevolkt met heiligenbeelden wier baldakijnen opnieuw een hemels Jeruzalem vormen. Heel fraai zien we dat bij ons broddellapje in het frontispies, waar een prachtig gedetailleerd gotisch Jeruzalem is neergedaald.*

Dit thema werd op verschillende manieren uitgewerkt in Pierrefonds, waar het grote kasteel onder meer een recursie krijgt in de bekroning van de beren van de loge naar de keizerlijke vertrekken. Bij haar speurtocht naar een detail om zich op te concentreren attendeerde Janke me hierop. We zien het dan ook terug in de tekening die zij maakte.

Le va et vient | Janke de Boer, Een van de steunberen van Pierrefonds, bekroond door een miniatuur kasteel. Foto Marjan van den Bos, 2008.
Janke de Boer, Een van de steunberen van Pierrefonds, bekroond door een miniatuur kasteel. Foto Marjan van den Bos, 2008.

Over de foto’s nog het volgende: de twee in de kop zijn van mijn hand. Wat ze bijzonder maakt is dat ze genomen zijn met mijn eerste GSM met fotocamera, een Nokia. Vergeleken met de iPhone die ik nu heb, was het een soort stoommachine, maar wat was ik destijds blij met dit hulpmiddel. Ik heb toen ontdekt hoe gemakkelijk het is om een fototoestel direct bij de hand te hebben.

De foto van de bouwvakker in een van de sluitstenen van Pierrefonds is van Poul de Haan, wiens werk ik voor nagenoeg alle bundels heb mogen gebruiken die ik met Kunst der Vormen maakte. Het was delen in de overvloed wat ook gold voor de andere fotografen en de tekenaars in het gezelschap. Dat maakte het bundelen van de gedichten een dankbaar werk.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Verwijzingen

  • Hubar, Bernadette van Hellenberg. Assez de place pour être heureux. Art des formes visite la Picardie. Gedichten op locatie. Ohé en Laak: VanHH.org, 2008. http://bit.ly/2yS3tYj-Assez, pp. 16-17.
  • Voor zie dit lemma op Wikipedia.
  • Maarten Ruijters, architect en begenadigd topografisch tekenaar. Van hem is ook de tekening op de omslag van Hubar, Assez de place.
  • Voor het Droste-effect of de recursie zie dit lemma op Wikipedia.
  • Het broddellapje slaat op de kerk van Saint Martin au Montigny Lengrain, een onvoltooide symfonie par excellence. Van het frontispies is een foto van Poul de Haan te zien in Hubar, Assez de place, p. 17.
  • Wat betreft de achtergrond van mijn observaties, zie Hubar, Arbeid en Bezieling, zoektermen: microcosmos; Louis de Carmontelle in verband met ‘tous les temps et tous les lieux’; Aart Oxenaar voor de stad in het klein. Het thema van de recursie heb ik verder uitgewerkt in mijn monografie over de nieuwe Bavo.

Ben je in de buurt van Pierrefonds, ga dan zeker kijken!

Verkorte link van dit item: bit.ly/2Iyqt70-VanHH2Org

Duet voor Gerard | Tussen de hond en de kat

Duet voor Gerard — Vandaag gaan we verdrietig genoeg een dierbare vriend naar zijn laatste rustplaats begeleiden: Gerard van Wezel (1951-2018), mijn opdrachtgever bij De genade van de steiger.* Als ik zeg opdrachtgever, klinkt dat heel afstandelijk. En dat was onze werkrelatie die lopende het project uitgroeide tot een vriendschap, allerminst. Ik kom er nog op terug in een blog, die ik binnenkort zal plaatsen. Vandaag, in het kader van de serie ‘Gedicht op maandag’ (#Gom)*, haal ik twee items naar voren, die Marij en ik in beeld en woord maakten voor de jaarwisseling van 2012/2013 en 2016/2017. Gerard was namelijk een echt hondenmens die bij de eerste ontmoeting al vriendschap sloot met Dogle en ons later hielp toen we problemen hadden met haar opvolgster Frieda. Dankzij hem ontwikkelde de laatste zich tot een plezierige huisgenoot. Overigens was Gerard zo honds nog niet of er kon wel een kat bij. Zo kwam in huize Van den Akker/Van Wezel Pip de boxer Twinkel gezelschap houden. Vandaar dit duet voor een inspirerende vakgenoot en loyale vriend.

Duet voor Gerard | Onze Hovawart Dogle (2004) en Troef de kat die in 2012 zijn entree maakte. Collage van Foto's van Marij Coenen en bvhh.nu 2013.
Onze Hovawart Dogle (2004) en Troef de kat die in 2012 zijn entree maakte. Collage van foto’s van Marij Coenen en bvhh.nu 2013.

Vertrouwen (2013)

Stapsgewijs
naderden ze elkaar
het onbegrip in de genen
gebakken
de staart die
vreugdevol groet of
juist vervaarlijk zwaait
leidt tot een lik of een haal
en toch groeide vertrouwen
worden slaapplaats,
eten en drinken gedeeld
de tuin samen verkend
het spel samen gespeeld
als kat en hond
zonder woorden
vol vertrouwen
in elkaar, in ons
in het ongewisse
dat toch wel komen zal
maar gezamenlijk
genomen kan worden.

Kakafonie in rood en blond (2017)

De dag dat de koningen in Bethlehem kwamen
Wordt steevast gevierd met een boon
Nog altijd zijn wij in de bonen
Met onze nieuwe huisgenoot
hoe rood en blond elkaar hier raken
Soms in gekwispel,
dan weer een klauw
geblaas en geblaf als dissonanten
spel en jacht in één parcours
soms op het randje, maar …
nooit rancuneus
nooit langer dan een brok of kluif
nooit zonder ook in peis en vree
de bank te delen
Zou dat vaker passeren
in dit nieuwe jaar?
lam en leeuw, havik en duif?

Duet voor Gerard | Troef en zijn nieuwe huisgenoot Frieda de Hovawart (2016). Collage van Foto's van Marij Coenen en bvhh.nu 2017.
Troef en zijn nieuwe huisgenoot Frieda de Hovawart (2016). Collage van Foto’s van Marij Coenen en bvhh.nu 2017.

Rust zacht Gerard!

B & M

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Nieuwsbrief voorjaar 2018

Nieuwsbrief voorjaar 2018 — Op weg naar de zomertijd is het terugblikken op de oogst van de winter en al het andere wat het afgelopen jaar heeft gebracht. Wil je direct naar een bepaald onderwerp, volg dan de inhoudsopgave!


Jojanneke Post ontmoet Kees Dunselman in de schilderingen in de kathedraal van Rotterdam. Collage bvhh.nu 2018.

Gratis E-boek schilderingen kathedraal Rotterdam

Tussen Gabriel en Michael heb ik geschreven in het kader van het onderzoek naar de verdwenen schilderingen van – naar achteraf bleek – niet Jan, maar Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Dit project ging van start dankzij het gulle gebaar van een mecenas die zich ontfermde over de kalot van de apsis in de kathedraal. De voorstelling op dit gewelf was in 1964 verwijderd onder invloed van de vernieuwingen die tijdens het tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) Nederland bereikten. Na raadpleging van de parochie bleek de voorkeur uit te gaan naar een ontwerp dat herinnerde aan het verdwenen werk van Kees Dunselman. Die opdracht ging naar Jojanneke Post van Davique Sierschilderwerken, met wie ik tijdens mijn onderzoek nauw heb samengewerkt. Vooral de sessies op de steiger, lopende het project, waren heel inspirerend. Als je als kunsthistoricus zo nauw mag samenwerken met een kunstenaar en de chemie bruist, dan brengt dat heel veel.

Dat de E-publicatie gratis gedownload kan worden, hebben we te danken aan de kathedraal en het bisdom. Men wil graag dat zoveel mogelijk mensen kennis nemen van dit nieuwe kunstwerk en de achterliggende verhalen. Die zijn er te over! Wat te denken van de mensen die de kerk – want de Elisabethkerk is pas sinds 1968 kathedraal – en haar inrichting tot stand hebben gebracht. Of de symbolische code die in de voorstellingen verborgen zit. Dat bleek een hersenkraker waar Dan Brown eer aan had kunnen behalen. Het was verder een heel avontuur om het geheim te achterhalen van de bijzondere schilderstechnieken van Kees Dunselman, waar Jojanneke Post een eigen variant voor heeft bedacht. En dan het verhaal van de liturgie, waar de bisschop zelf een bijzondere inbreng in heeft gehad.* Bij ieder project leg je weer nieuwe accenten. Ditmaal heb ik liturgie en iconografie dichter bij elkaar gebracht door het virtuele duet tussen de voorgestelde mensen op de muren en de kerkgangers in het gebouw in beeld te brengen. Alles bij elkaar vormt het nieuwe kunstwerk een bijzondere toevoeging aan het gesamtkunstwerk dat de kathedraal vormt: een toevoeging die van deze tijd is, geënt op wat er vroeger speelde.

Een korte blik op de inhoudsopgave van het E-boek maakt duidelijk, dat ik dit nooit had kunnen schrijven zonder de twee grote monografieën van de afgelopen jaren: De nieuwe Bavo te Haarlem (2016) en De genade van de steiger (2013).

De documentaire over glazenier Annemiek Punt

In de sociale media, de pers en op de vaksites is veel aandacht besteed aan het boek over glazenier Annemiek Punt van producent Joost de Wal (juli 2017), waaraan ik heb meegewerkt. Een bijzonder project, waarbij ik voor het eerst een waardestelling heb geschreven over het oeuvre van een levende kunstenaar. Maar dat was niet het enige. Naar aanleiding van mijn analyse is me gevraagd om ook een bijdrage te leveren aan de documentaire van Fokke Baarssen over haar werk. In de trailer hieronder heb ik heel kort iets verteld over de beelddenker die Annemiek Punt is:


Jaar van het verzet en het boek over oom Theo van Joep Vogels

2018 is door het Platform Herinnering Tweede Wereldoorlog (Platform WO2) uitgeroepen tot themajaar ‘Jaar van Verzet’.* Dat biedt een uitgelezen kans om het boek over mijn oom Theo van mijn neef Joep Vogels voor het voetlicht te plaatsen. Joep schreef dat naar aanleiding van het initiatief van de universiteit Tilburg om een digitaal monument voor de vrijheid op te richten. De universiteit vertelt daarover:

  • Op onze universiteit lopen meer dan 12.000 studenten rond, hun levensgeschiedenissen zijn even talrijk. Studenten zijn mensen, geen nummers. Daarom willen wij de 22 studenten die zijn omgekomen op dit digitaal monument uit de anonimiteit halen, een naam en een gezicht geven.*

Een van die studenten was mijn oom Theo, die in het gezin direct na mijn moeder kwam. Omdat de twee broers daarboven, uit een eerder huwelijk van mijn oma, veel ouder waren, lag het voor de hand dat de twee daaropvolgende kinderen min of meer op elkaar aangewezen waren. Mijn lievelingsbroer zei mijn moeder altijd, als ze na tafel verhalen over vroeger vertelde. Er kwamen daarna nog drie broers – Pieter, Harrie en Ton – en als laatste een zusje, Marie-Therese of Muis, zoals iedereen haar noemde. Mijn tante Muis vertelde me ooit dat ze als puber best wel jaloers was op mijn moeder, omdat oom Theo haar meenam naar zijn studentenfeestjes. Een vrolijke jongeman die net als veel anderen aan de – toen nog – hogeschool het voorbeeld volgde van zijn rector magnificus Martinus Cobbenhagen door de loyaliteitsverklaring aan de bezetter niet te ondertekenen. De universiteit heeft de betekenis van dit verzet geactualiseerd door huidige studenten een brief te laten schrijven aan de 22 gevallenen. Onder deze link vind je die voor Theo.


De foto van Theo Vogels op de omslag van het boek is vermoedelijk genomen bij aankomst in de Kriegswehrmachtsgefängnis in Antwerpen (1943). Herkomst: familie Vogels.
De foto van Theo Vogels op de omslag van het boek is vermoedelijk genomen bij aankomst in de Kriegswehrmachtsgefängnis in Antwerpen (1943). Herkomst: familie Vogels.

Alle bewondering voor mijn neef Joep die op een volhardende manier alle informatie over oom Theo bij elkaar wist te krijgen en zo een beeld heeft kunnen reconstrueren over de jeugd en het verzet van deze student die, 25 jaar oud, net na de bevrijding overleed in Siegburg. Om Joep aan het woord te laten:

  • Hij was gewoon een jonge student, die de loyaliteitsverklaring weigerde te tekenen en min of meer toevallig in het verzet verzeilde. Maar zoals veel studenten, nam hij uit naam van geloof en vaderland de handschoen op en verleende hand- en spandiensten aan een verzetsgroep die een van de pilotenlijnen over de Belgische grens organiseerde. Eind 1943 werd een groot deel van die verzetsgroep opgepakt en een aantal leden ter dood veroordeeld, waaronder Theo Vogels. Uiteindelijk zijn 16 van hen overleden in de gevangenis of gefusilleerd, waaronder een 6-tal studenten. In mijn boek beschrijf ik Theo’s levensverhaal vanaf zijn prille jeugd in Tilburg, het Odulphus lyceum, de tijd op kasteel Groenendael in Hilvarenbeek, zijn studententijd met Olof, het verzet, de rechtszaak, de Nacht und Nebel periode daarna tot zijn dood in mei 1945.

Ik ben blij voor mijn oom en trots op mijn neef. Voor mij en mijn tweelingbroer is hij een baken als we aan de slag gaan met het boek over mijn vader.

Volledige titel: Joep Vogels, Student in verzet. Gedreven door geloof, Tilburg 2017, ISBN/EAN 978-90-9030354-3.

Rijp & groen …

Een nieuwsbrief moet je kort houden en dat is niet eenvoudig, want ik heb nog zoveel te vertellen! Daarom een rijtje van enkele dingen waar ik de volgende keer aandacht voor wil vragen:

  • De schijnwerper op … Op het gebied van erfgoed worden heel wat blogs geschreven, dus het ligt voor de hand dat je er na verloop van tijd een paar favorieten op na houdt. Een paar van die bloggers wil ik de komende tijd in het licht zetten.
  • Tussen organisch en synthetisch: de brochure over het gebruik van materialen en technieken in de monumentale schilderkunst van de twintigste eeuw voor de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) ligt bij de redactie.* Ik heb dit overzicht geschreven in goed overleg met en dankzij de geweldige input van Bernice Crijns en Rutger Morelissen van de RCE. De laatste heeft de kopij voor zijn nieuwe E-boek ter beschikking gesteld, dat in detail laat zien hoe verrassend groot de variatie aan middelen en methodes was na de oorlog. Ondertussen is ook dankbaar gebruik gemaakt van het hoofdstuk van Angelique Friedrichs over materialen en technieken in het interbellum, uit De genade van de steiger. Tegelijkertijd met deze brochure verschijnt die over stromingen in de monumentale schilderkunst tussen 1890-1980: Op de steiger.
  • Samen met Menno Heling van het platform voor cultuur, erfgoed en toerisme if then is now, ben ik bezig met de opdracht van het Cuypersgenootschap om een transitie voor te bereiden van een vereniging oude stijl naar een organisatie anno nu. Virtueel floreert het Cuypersgenootschap als je afgaat op de ruim 1100 volgers op Twitter bij @Cuypersgenoten. Kijken we naar de prozaïsche praktijk dan gaat het er net zo aan toe als bij veel andere erfgoed organisaties: men kampt met een slinkend ledental en een forse vergrijzing. Wat kunnen we daaraan doen?
  • #Gom staat voor gedicht op maandag! Grappig, als het woord gedicht valt, hoor je de mensen al kreunen. Maar bij mij hoef je niet te schrikken, want het zijn gewoon kleine verhaaltjes bij een plaatje en dat plaatje gaat meestal over erfgoed. Dat kan van alles zijn en dat maakt het zo gevarieerd. Ongeveer eens in de veertien dagen graai ik in mijn collectie en zet een exemplaar online. Ze doen het heel aardig op Twitter.

Wordt vervolgd!

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Even verder surfen op mijn site? Klik dan op het plaatje en neem een kijkje bij:

De diashow van de kalotschildering van Jojanneke Post, geïnspireerd door het ontwerp van Kees Dunselman in de Laurentius & Elisabeth Kathedraal te Rotterdam. Foto bvhh.nu 2018.   Een prachtig project was #KunstinBreda dat ik met Marjanne Statema heb uitgevoerd. Foto bvhh.nu 2016.   Een van mijn mooiste projecten: 'De nieuwe Bavo te Haarlem, Ad orientem | Gericht op het oosten', Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, WBOOKS 2016.

Verkorte link van dit item: bit.ly/2DHF7BJ-VanHH2org

Grand’ parade te Soissons

Grand’ parade

Grand’ parade, de faun in de groteske van 'le petit cloître' van l'Ancienne abbaye de Saint-Jean-des-Vignes te Soissons. Foto Poul de Haan 2009.

Onbeschaamd
de dijen gespreid
wachtte de faun
de eeuwen af
steunend op zijn geslacht
een slang uit de doodskop van zijn buik

Ontdekt als groteske
in de ruïnes van het paleis
kreeg hij een plaats
op het timpaan boven
de voluut op de zuil
die de beer geleedde
De verheerlijking van de klassieken
een schaamlap
om zich open en bloot
te tonen
aan de pandgang van de abdij

Toen de tijd
zijn werk had gedaan
en ranken zijn
benen verlengden
werd het effect bizar uitvergroot
decoratief, obsceen en grotesk

Gemaskerde koppen
monsterden het resultaat
gillend grijnslachend om zoveel lef
in een sacrale ambiance
Grand’ parade

Het gedicht 'Grand' parade' in de bundel 'Poèmes de Picardie' uit 2009. Tekst en collage bvhh.nu 2009.

___________________

Grand’ parade Dit gedicht schreef ik tijdens de derde excursie die ik met Kunst der Vormen meemaakte, opnieuw in de Picardie (2009). In Soissons hadden Marjan van de Bosch en Marja Langenberg al vastgesteld waar ik dit zou moeten maken: bij het beeldhouwwerk van le petit cloître van l’Ancienne abbaye de Saint-Jean-des-Vignes te Soissons. Mijn aandacht werd direct getrokken door de ruïneuze decoratie op een van de steunberen die een wat scabreuze indruk maakte. ‘Volgens mij is het een faun’, zei ik tegen Poul de Haan die zich zette aan het fotograferen van de details. ‘Leunt hij op zijn geslacht?’, vroeg Poul wat verbaasd. Daar leek het sterk op. Nu we dankzij de scherpe foto’s de details kunnen zien komt naar voren dat de buik van de faun – jawel, hij heeft hoeven – een doodskop is waaruit een slang glijdt als geslacht. Hoe bizar kun je het bedenken.

Als het gaat om de belangstelling voor monsters is er niet zoveel verschil tussen de Middeleeuwen en de renaissance. Zoals zo vaak gebeurt in de cultuurgeschiedenis, krijgt hetzelfde beestje een andere naam. Toen men in Rome rond 1490 onder vele lagen puin de domus aurea van Nero ontdekte, raakten de kunstenaars helemaal in de ban van het stucwerk en de schilderingen die ze daar zagen. De meest vreemdsoortige mythologische wezens, monstertjes, maskers, bladmotieven en architecturale franje passeerden de revue. Nadat Rafael deze eenmaal verwerkt had in de loggia’s van het Vaticaan, was de opmars niet meer te stuiten. Wie als kunstenaar in Rome vertoefde kon niet naar huis keren zonder tekeningen van deze grotesken, die vernoemd waren naar het grotachtige karakter van de ondergrondse ruimtes van het paleis van Nero. Kijken we naar de verspreiding van dit type decoratie benoorden de Alpen, dan zijn het met name de graveurs geweest die daarin een grote rol hebben gespeeld. Bij ons heeft vooral Hans Vredeman de Vries (1527 – circa 1609) met zijn architectuurtraktaten de toon gezet. Concentreren we ons op de Franse invloed­­sfeer dan valt de naam van zijn tijdgenoot, Jacques Androuet du Cerceau (1515 –1585). De abt die le petit cloître liet bouwen liep dus helemaal in de pas met de ontwikkelingen van zijn tijd.

Toch wordt hier een vreemde boodschap afgegeven en lijkt de scabreuze faun op dezelfde manier gelegitimeerd te worden als de bekoringscènes die Jeroen Bosch rond 1500 in zijn werk opnam: om aan te geven waar het kwaad in school moest het wel afgeschilderd worden en dus werden de verleidingen zo onomwonden mogelijk op doek en paneel en in hout en steen uitgebeeld. De legitimatie school bij de faun niet alleen in de klassieke herkomst, maar ook en opnieuw in de suggestie van grens tussen goed en kwaad, het aardse en het hemelse.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Bronnen

  • Gedicht en toelichting zijn ontleend aan Hubar, Bernadette van Hellenberg. Poèmes de Picardie. Art des formes à la recherche de structures du passé. Ressons le long/Ohé en Laak: VanHH.org, 2009. http://bit.ly/Poemes-de-Picardie.
  • Voor de achtergronden van de groteske zie onder meer
    Rackham, Don, Bernadette van Hellenberg Hubar en Karl Pesch-Konopka. Kasteel Wolfrath, Cultuur- en bouwhistorische analyse. Erfgoed in ontwikkeling 6. Ohé en Laak/Horn: Res nova, 2006. Zie Google Boeken.
  • De foto’s zijn van de hand van Poul de Haan. Hierop zijn alle rechten voorbehouden.

Ben je een keer in Soissons, ga dan eens kijken op de locatie waar dit gedicht zich afspeelt.

Verkorte link van dit item: http://bit.ly/2F1WQFW-Dichtwerk

Wat schikt het …

Wat zouden ze in petto hebben,

de schikgodinnen van Nicolas

Wat schikt het ‘t komend jaar?

Een onzekere zwaai

van het spinnewiel?

Als rad van fortuin

met stro dat in goud wordt omgezet?

Maar waar leidt die ene draad dan heen …

wat wil die harpij met haar schaar?

Of wordt het een gelukkige worp?

Vol concentratie gegooid

waarbij vier en zes en één

in stapels voorspoed

veranderen?

Gezondheid, vrede, welvaart

laat het dat schikken

in het nieuwe jaar.

Wat schikt het ... Nicolastentoonstelling Cuypershuis

___________________________

Postscriptum — De collage bij deze nieuwjaarswens is gemaakt aan de hand van foto’s van Marij Coenen bij de tentoonstelling van het werk van Joep Nicolas in museum Cuypershuis te Roermond (2014-2015). Dit gedicht is eerder gepost op 3 januari 2015 en verspreid als nieuwjaarswens voor 2015. Zowel het schilderij (synresite op hout, BR 0369, 1955) als de latere tekening (verf, papier, board, BR 0355, 1965-1968) zijn eigendom van de Stichting 1880. Als die niet tijdig werken van Nicolas hadden verworven, was er nu in Nederland nergens een representatief beeld van deze kunstenaar behouden gebleven.
Voor meer informatie zie de blog over de voetsporen van Nicolas uit 2014 en de webartikelen, waarin delen van de paragraaf over Joep Nicolas zijn overgenomen uit ons boek De genade van de steiger (2013):

Ook dit jaar wordt in Roermond aandacht besteed aan de glazenier, en wel in het kader van Roermond Glazeniersstad: in dit verband kun je tot 3 februari 2019 terecht bij Panorama Nicolas in het Historiehuis in Roermond. Daar is voor het eerst – letterlijk – op de kaart gezet, waar het werk van Nicolas zich wereldwijd bevindt.

Verkorte link van dit item: bit.ly/2Sqzhww-Gom

B&M

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Schoonbrood in de Hubertuskerk te Maastricht

Dit is een doorverwijspagina naar: Interbellumdatabase: Schoonbrood in de Hubertuskerk te Maastricht.

Doorverwijspagina

Meer weten over mijn gedichten? Volg dan deze link.

;-) B.

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

Erfgoedverhaal, een virtueel Djemaa el Fnaplein

Place Djemaa el Fna in Marraksh
Place Djemaa el Fna in Marraksh, waar met name ‘s avonds de verhalenvertellers bij elkaar komen en een eeuwenoude traditie voortzetten. Maar ook acrobaten, slangenbezweerders, hennaververs en kooplui horen tot het beeld. Vandaar dat het plein door de Unesco is aangewezen tot immaterieel werelderfgoed. Foto auteur 2014.

Verhalenverteller — Ik ben een echte verhalenverteller. Je hoeft me maar op een plek, in of bij een gebouw, een museum, een landschap, het maakt niet uit, te zetten, en er rolt als vanzelf een verhaal uit mijn vingers. Vandaar het opzetten van @Erfgoedverhaal, waarmee ik graag de aandacht wil vestigen op de rijke epische kant van mijn vak. Ieder onderzoek, ieder veldwerk en iedere excursie brengt zoveel nieuws, dat ik er – los van de rapportage – hele verhalen over zou kunnen schrijven. Sterker nog, dat heb ik bij de meeste projecten in het verleden min of meer al gedaan, maar dan was het toch mondjesmaat: in de vorm van artikelen, een item op het forum van Res nova of LinkedIn, of een PowerPointpresentatie.

De Cuyperscode — De grote uitzondering was De Cuyperscode, waarvoor ik tientallen achtergrondverhalen heb geschreven als educatieve toelichting bij de verschillende raadsels. Voor deel 2 is zelfs een tutorial ontwikkeld, waarin het verhalende element domineert. Nu dit spel binnenkort (anno 2018) off line gaat – Doornroosje kan zelfs digitaal niet meer wakker worden gekust –  kan ik die verhalen eindelijk laten circuleren. Ook voor die verhalen heb ik een virtueel Djemaa el Fnaplein bedacht om de inspiratie van het erfgoed uit te strooien. Dat geldt niet minder voor de erfgoedraadsels die ik af en toe ad hoc verzin. Als je een maal een spel hebt gemaakt, blijf je in raadsels denken.

#Kerkverhalen — Een apart segment binnen erfgoedverhaal vormt de community #Kerkverhalen die Menno Heling van if then is now en ik samen hebben opgezet. Je kunt een deel ervan op deze site bekijken, maar het gros staat op if then is now, waar een aparte #Kerkverhalen pagina circuleert.

Gedichten — En dan zijn er ook nog de gedichten. Ho, hoor ik je zeggen, maar dat is niet episch! Dan hebben we het toch over de lyrische kant van de medaille? Strikt genomen is dat natuurlijk zo, maar ondertussen gaan vele nu net over facetten van erfgoed en brengen ze allemaal wel een boodschap over. De meeste heb ik voorzien van een post scriptum dat een erfgoedverhaal apart vormt. Ga eens kijken bij #Gom (Gedicht op maandag).

Jouw erfgoedverhaal — Uiteraard verspreid ik via @Erfgoedverhaal ook graag de verhalen van andere actoren in het erfgoedveld, of het nu om roerend of onroerend erfgoed gaat, materieel of immaterieel. Via dit twitteraccount  – waarvan je hier de widget kunt bekijken – kun je me altijd op interessante items attenderen. Dus heb je een mooi erfgoedverhaal voor mij, laat het weten! Je verhaal is trouwens ook altijd welkom op de site of het twitteraccount van @ifthenisnow.

B.1

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!

 


  1. Verkorte link van dit item: http://bit.ly/Erfgoedverhaal.