De architecten Cuypers en het Vitruvianisme

Voor het oktobernummer van Vakblad Vitruvius (2018) hebben we een artikel gemaakt over het vitruvianisme en de architecten Pierre J.H. en Joseph Th.J. Cuypers. Daarmee sloeg ik twee vliegen in een klap. Ik wilde namelijk de balans opmaken van waarin vader en zoon Cuypers verschillen als het gaat om het zogenaamde ontwerpen op systeem. Daarom heb ik twee publicaties geklutst: hoofdstuk 10 van mijn proefschrift en verschillende passages in het boek over de nieuwe Bavo die opgezocht kunnen worden met de zoektermen: proportie, geometrie, geometrisch, cirkel, vierkant, driehoek.*

Of deze exercitie iets heeft gebracht? Ik denk het wel. Ik sta er iedere keer weer van te kijken hoe effectief een andere aanvliegroute kan werken. Heel interessant hoe nieuwe inzichten ontstaan; in dit geval niet alleen ten aanzien van de architecten Cuypers, maar ook wat betreft de wisselwerking tussen Joseph Cuypers en H.P. Berlage. Ga het verhaal maar eens lezen. Wil je er met de zoektoets doorheen gaan, download het artikel dan via het frame hieronder of deze link.

De architecten Cuypers en Vitruvius

Omdat hele stukken van een eerdere publicatie van mijn hand zijn overgenomen, wordt dit in academische kringen wel betiteld als ‘self plagiarism’. Voor mij valt dit onder de categorie ‘De honden blaffen en de karavaan trekt verder’. Zelfs in recensies word ik betiteld als iemand met ‘een missie’ en dat brengt met zich mee dat ik me bewust herhaal. Het is een oeroud pedagogisch adagium dat je alleen zo de boodschap in kunt slijpen. Zeker als het om een verhaal gaat dat voor de meeste mensen nog altijd als nieuw ervaren wordt en al helemaal als de lijn doorgetrokken kan worden naar lopend onderzoek, heeft – partiële – herhaling een evidente meerwaarde. Op dit punt zie je dat de wetenschap achterloopt op de sociale media, waar herhaling een erkend stukje gereedschap is. Pedagogiek en marketing vallen hier samen.

Overigens is dit ook een goed moment om een paar zaken aan te vullen en te corrigeren:

  • Bij de Teeken- en Ambachtsschool ontbreekt de architect die formeel het laatste gebouw ontworpen heeft, L.H. Luyten. Waarom er zoveel mensen aan mee hebben gewerkt? Dat kwam omdat Cuypers senior op dat moment in de gemeenteraad zat. Volgens de grote oeuvrecatalogus van het werk van Cuypers senior staat het vroegste ontwerp op naam van Joseph Cuypers (1894). Tevens blijkt dat verschillende tekeningen op het bureau van vader en zoon Cuypers in Amsterdam zijn gemaakt, waaronder een voorontwerp van het uiteindelijke complex aan de Godsweerdersingel.* Het ziet ernaar uit dat Joseph Cuypers een groter aandeel heeft gehad in het project, dan ik destijds in de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw dacht.
  • Bij afbeelding 12 ontbreekt de naam van de fotograaf, Jan Straus.
  • De spreuk uit het ‘Boek der Wijsh. IX, 21’ dat God als een demiurg de kosmos met maat, getal en gewicht heeft geschapen – lees geconstrueerd – staat níet in de onderdoorgang van het Rijksmuseum gekalligrafeerd. Ik moet het tijdens mijn promotieonderzoek ergens hebben gevonden, dus misschien was het een andere plaats in het Rijksmuseum of een nooit uitgevoerd voorstel. Maar ruim dertig jaar na dato wil het echte laatje in mijn geheugen niet opengaan. Hopelijk kan iemand me dit nog een keer vertellen.

Je weet het, schrijven is trial and error dus terugkoppeling is altijd welkom!

;-) B.

Een van de tegeltableaus van de Roermondse Teeken- en Ambachtsschool (1904-1908). Hierin zijn de drie primaire schema’s van het driehoekssysteem van Viollet-le-Duc gecombineerd tot een afbeelding, waaronder de drie sleutelwoorden uit de bijbehorende tekst in zijn ‘Dictionnaire’ staan: Geometrie, Stabiliteit en Proportie. Foto Jan Straus Roermond.


Bronnen en verdere informatie

Nota bene — Voor de verkorte titels zie de algemene bibliografie van deze site of een van de deelbibliografieën (Joseph Cuypers Collectie, Clemenskerk):

  • Hubar, Arbeid en Bezieling, pp. 325-348: ‘Het reliëf De Bouw- en beeldhouwkunst. De Griekse “meester van het werk” en Cuypers’ proportiesysteem’. Hubar, De nieuwe Bavo te Haarlem, register, zoektermen: proportie, geometrie, geometrisch, cirkel, vierkant, driehoek. Het hoofdstuk in mijn proefschrift gaat op zijn beurt terug op een artikel in de feestbundel van mijn promotor, Kees Peeters: Hubar, “‘De door wiskunst en verbeelding gebouwde kerk'”, pp. 249-259.
  • Berens e.a., P.J.H. Cuypers (1827-1921): het complete werk, p. 313.
  • Hubar, ‘”Een godin die nooit onverschillig blijkt”‘.
  • Het artikel in Vitruvius kan geciteerd worden als: Hubar, Bernadette van Hellenberg. “De architecten Cuypers en het vitruvianisme”. Vitruvius, onafhankelijk vakblad voor erfgoedprofessionals 12 (2018): 18–27. http://bit.ly/2zqa7qm-VanHH2Org Meer weten over Vakblad Vitruvius, volg dan deze link

Het Rijksmuseum kan iedereen vast wel zonder mij vinden, de nieuwe Bavo in Haarlem en de Dom van Keulen ook. Maar de Teeken- en Ambachtsschool in Roermond? Mocht je die willen bezoeken, neem dan van te voren contact op met de Limburgse Werkgevers Vereniging (LWV) die in de Teekenschool gehuisvest is. In de aanpalende Ambachtsschool zit het Limburgse Groenhuis. Ik heb het complex behandeld in hoofdstuk 4 van mijn proefschrift, nadat ik er eerder over gepubliceerd had in de vakbladen De Maasgouw en De Sluitsteen.* Heel bijzonder is de polychromie, waarover ik eveneens een artikel schreef na de voltooiing van de restauratie in 1997.* Kortom, zeer de moeite waard om een bezoek te brengen.

Verkorte link van dit item http://bit.ly/2zqa7qm-VanHH2Org

What’s in a name: Jos, Jos. of Joseph?

Knipsel artikel Joseph Cuypers op Delpher uit dagblad De Tijd 9 juni 1936 (screenshot en bewerking BvHH 2016).

Ik kan me nog goed herinneren dat we het binnen het Cuypersgenootschap (ik praat nu over de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw) altijd over Jos Cuypers hadden. Totdat een van zijn nazaten aan een van ons – Arjen Looyenga* – vroeg, waarom we hem zo noemden. Hij heette immers Joseph. Als zijn naam werd afgekort tot Jos., wat hij overigens zelf niet deed, maar met name in de pers gebeurde, was dat met een punt erachter. Dat wil zeggen, voor zover men dat niet vergat, want het artikel in de kop laat zien dat men in de krant af en toe gewoonweg álle variaties toepaste!* Ik moet eerlijk bekennen dat bij mij het kwartje pas viel toen er een punt van de punt was gemaakt. Met mijn achtergrond als archivaris had ik dat toch wel mogen weten. Wanneer iemand achter een woord een punt zet (zijnde geen eindpunt), betekent dat vanouds dat je er nog wat achter moet denken. Met losse letters als initialen bijvoorbeeld is dat vandaag de dag nog steeds zo.

Typisch is dat toch! Wanneer je eenmaal aandacht krijgt voor zo’n detail, dan zal het je niet meer ontsnappen. Zo ook met deze naamsvarianten. In het gemeentearchief van Roermond vond ik in de correspondentie van Cuypers’ zoon, dat zijn roepnaam inderdaad Joseph was, en niet Jos. De oude Cuypers schrijft hem steevast aan met ‘Lieve Joseph’ en dat geldt al niet anders voor zijn vrouw (de moeder van Joseph). Zelf heeft de architect zich, zowel zakelijk als persoonlijk, in brieven en in artikelen, zelden anders geschreven dan Joseph. Dit aspect krijgt nog eens een extra bevestiging in de vorm van zijn architectenstempel met de vertrouwde attributen van passer en driehoek en in het randschrift Joseph Th.J. Cuypers.

joseph_cuypers_logo
Het architectenstempel van Joseph Cuypers (Herkomst: Gemeentearchief Roermond; gevectoriseerd door wolthera.info).

Dit soort emblemen werd niet alleen op papier gebruikt, maar ook in gebouwen als de kathedraal. Zelf liet Joseph Cuypers zich in de nieuwe Bavo als hoofd van het bouwteam afbeelden met de meest elementaire geometrische figuren van cirkel, vierkant en driehoek. Deze staan veelzeggend genoeg voor de volmaakte modules waarmee God het universum heeft geschapen. Het embleem dat Joseph in zijn stempel draagt, vinden we in een aangepaste vorm terug in deze serie bouwvakpictogrammen. Het gaat om passer en tekenhaak die hij heeft gereserveerd voor zijn opzichter en latere vennoot, Jan Stuyt: volgens zijn vader een bedreiging voor zijn zoon, volgens Joseph zelf een aanstormend jong talent vol potentie. Opvallend genoeg zie je dat Joseph zelf de driehoek nam en de passer met de tekenhaak toekende aan Stuyt: wat de een ontwierp, tekende de ander. Oftewel, wat de een al kon, zou de ander al doende leren.

De emblemen van Joseph Cuypers en Jan Stuyt in de apsisgalerij van de nieuwe Bavo (foto's BvHH 2013)
Links het embleem van Joseph Cuypers, waarmee hij zich spiegelde aan de goddelijke architect van het universum met cirkel, driehoek en vierkant. Rechts de gecombineerde passer en winkelhaak die Jan Stuyt als eretekens kreeg (foto’s BvHH 2013).

Nu heb ik je natuurlijk nieuwsgierig gemaakt naar deze geheimzinnige tekens, maar helaas … op dit moment kun je de hier bedoelde emblemen niet meer zien: ze zitten in de doorgang van de galerij van de apsis en zijn relatief kort zichtbaar geweest, toen dit deel van de kathedraal in de steigers stond. Wil je toch graag weten wat er nog meer was te zien, dan moet je verder surfen naar mijn artikel ‘Hommage aan het bouwteam’.*

Er is trouwens wel een andere plek in het complex waar een deel van deze pictogrammen op ooghoogte is te vinden. Probeer daar maar eens achter te komen en laat het me vooral weten als het is gelukt.

B.1

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Meer informatie & bestelgegevens

Het teken * in de bovenstaande tekst verwijst naar de volgende informatie en bronnen:

  • Bernadette van Hellenberg Hubar, Ad orientem | Gericht op het oosten. De nieuwe Bavo te Haarlem, WBOOKS-Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, op initiatief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Zwolle-Haarlem 2016. Voor een samenvatting ga je naar http://bit.ly/Ifthenisnow-Bavo.
  • Delpher, zoekterm “Jos. Cuypers”. Dit leverde onder meer het artikel in de kop van deze blog op uit: De Tijd, Godsdienstig-staatkundig dagbladd. 09-06-1936, getiteld Joseph Cuypers Een bouwmeester die 75 jaar wordt (onder deze link).
  • Voor meer informatie over het Cuypersgenootschap surf naar cuypersgenootschap.nl. Arjen Looyenga was een van de auteurs van het vorige boek over de kathedraal, waarin dan ook consequent over Joseph Cuypers wordt gesproken: Erftemeijer, Antoon, Arjen Looyenga en Marike van Roon, Getooid als een bruid, De nieuwe Sint-Bavokathedraal te Haarlem, Haarlem 1997.
  • Bernadette van Hellenberg Hubar, ‘Hommage aan het team’, op: org, http://wp.me/P4eh3s-7q (2013).

Geïnteresseerd in het boek over de nieuwe Bavo? Je kunt het als volgt bestellen:

  • NieuweBavo@gmail.com, als je in of vlak bij Haarlem woont (vergeet niet je contactgegevens te vermelden). Na bevestiging van de betaling van € 49,95 kun je het boek bij de kathedraal ophalen. De opbrengst komt ten goede aan de restauratie van dit monument, waar op dit moment nog heel wat middelen voor nodig zijn.
  • http://bit.ly/WBOOKS-nBavo, als Haarlem buiten je horizon ligt. Zo kun je het boek voor dezelfde prijs rechtstreeks kopen bij de uitgever, inclusief verzendkosten.

Ben je toevallig in Haarlem of ga je er een keer naar toe, breng dan een bezoek aan de kathedraal die tijdens de kerstvakantie en vanaf april tot eind oktober open is voor publiek.

De nieuwe Bavo wordt gerestaureerd door Van Hoogevest Architecten te Amersfoort (http://bit.ly/Hoogevest-Bavo) in opdracht van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo te Haarlem: http://bit.ly/Bavo2Ao.


  1. Dit item maakt deel uit van de serie ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo‘ en is gepubliceerd op de Facebookpagina van de kathedraal, 5 februari 2016.
    Verkorte link: http://bit.ly/1LmJgbB