Het poepende mannetje op de nieuwe Bavo

Collage van historische foto's van het zogenaamde poepertje op de nieuwe Bavo te Haarlem (collage en foto's BvHH 2014).
Historische opname van het kleimodel van het poepende mannetje, voordat het in steen gehakt werd. Herkomst Noord-Hollands Archief Haarlem, Parochiearchief nieuwe Bavo (collage en foto BvHH 2016 en 2014).

Laatst had ik een discussie met een vakgenoot over spotnamen in de kunst. Ze ergerde zich aan de titel ‘Van heilige tot amoeben’ van het boek over 150 jaar glas in lood van Zsuzsanna van Ruyven-Zeman (2014).* Dat amoebe bleek te slaan op de vormen van enkele hedendaagse ramen, waarvan ze aangenaam verrast was dat die in dit boek waren opgenomen. Maar vanwege de religieuze lading van deze werken vond ze de benaming ongepast. Zo nam je de kunstenaars niet serieus. Maar is dat inderdaad zo?

What’s in a name — Spotnamen in de kunst hebben namelijk de spannende neiging om zich te ontwikkelen tot geuzennamen die vaak weer resulteren in officiële aanduidingen van bepaalde soorten kunst of kunstenaarsgroeperingen. Dat gaat terug op een lange traditie. Als je het lemma op Wikipedia er op na slaat, vind je termen als impressionisme, fauvisme en Nazareners, allemaal geuzennamen die zich door de trots van de aangeduide kunstenaars voorgoed in de literatuur vestigden. Een van de meest bekende uit de bouwkunst ontbreekt overigens op Wikipedia. Dat is gotiek, wat barbaars betekent. En over barbaars gesproken, dat woord schuilt ook in de naam van Barbara, een van de oudste heiligen die we kennen. Een begrip waarvan ik zelf nog het gebruik als geuzennaam heb meegemaakt is neogotiek dat nu niemand meer – op een paar mastodonten na – in misprijzende zin zal gebruiken.

En nu wil je natuurlijk weten waar dat ‘geuzennaam’ vandaan komt? Ook dat kun je vinden op Wikipedia. Het is te aardig om hier niet aan te halen:

  • Met de woorden ‘N’ayez pas peur Madame, ce ne sont que des gueux’, ‘Wees niet bang mevrouw, het zijn slechts bedelaars’ zou Charles de Berlaymont, adviseur van Margaretha van Parma, in 1566 de lage edelen hebben aangeduid die het Smeekschrift der Edelen aanboden. Drie dagen later hief een van die edelen, Hendrik van Brederode, tijdens een feestmaal de volgende woorden aan: ‘J’ai bu à la santé des Gueux! Vive le Gueux!’, ‘Ik heb op de gezondheid van de bedelaars gedronken! Leve de bedelaar!’.*

Kortom, wat eerst negatief was, wordt positief.

De kruisbloem en het poepertje op de nieuwe Bavo (foto BvHH 2013)
De kruisbloem en het poepende mannetje op de nieuwe Bavo als onderdeel van een dekplaat van een steunbeer (ontwerp Joseph Cuypers, uitvoering atelier Cuypers & Co 1895-1898) (foto BvHH 2013).

Poepend mannetje — Je kunt je afvragen of zoiets ook gebeurd is met het poepende mannetje of kakkertje boven op de nieuwe Bavo. Bij deze figuur gaat het om een urban legend, vergelijkbaar met de erwtenman van de Bossche kathedraal. In allebei de gevallen staat de bouwvakker centraal, de man zonder wie de kathedraal niet had kunnen verrijzen. De bouwheer kan nog zo bevlogen zijn en de architect nog zulke mooie plannen hebben, zónder de bouwvakker die de steigers beklimt en zijn rug breekt op balen zand, stenen en houten balken, komt er niets van terecht. Joseph Cuypers realiseerde zich dat maar al te goed en hij bracht hem een bijzondere hommage.

Als je de afbeeldingen bij dit verhaal bekijkt zie je dat het poepende mannetje deel uitmaakt van een afdekplaat van een flinke steunbeer, in combinatie met een fraai gestileerde kruisbloem. Nou ja, bloem, meer een bloemachtig iets, want zo’n rechthoekig geval zul je in de natuur niet tegenkomen. Nu gaat het om de plek waar dit duo is aangebracht. Dat is schuin boven de Sacramentskapel, waar je verschillende niveaus kunt onderscheiden. Allereerst direct op het dak waar twee prachtige monsters zijn te zien, met achter zich een vleermuis en een springende vis. Vlak bij de laatste staat op de nok van de kapel – bij wijze van contrast – de zichzelf opofferende pelikaan die haar jongen met haar eigen bloed voedt. De middeleeuwse wijsgeer Thomas van Aquino (1225-1274) typeerde hem als het beeld van de zich opofferende Christus aan het kruis.* Direct in het verlengde van het monster met de vleermuis ontmoeten we een ruw, onbewerkt blok steen, terwijl daarboven op een hoger plan het koppel van de kruisbloem en het mannetje zit.

Unvollendete — Stellen de beelden van monsters en pelikaan het goed en het kwaad van de wereld voor, de steen die direct uit de groeve lijkt te komen symboliseert het wordingsproces. Er zitten meer van dit soort blokken aan de buitenkant van de kathedraal. Mensen die vaker verhalen van mij hebben gelezen, weten inmiddels dat dat te maken heeft met wat ik als de Unvollendete heb aangeduid. Joseph Cuypers heeft – uiteraard met instemming van zijn opdrachtgevers, de bisschop en zijn vicaris-generaal A.J. Callier – een gebouw neergezet dat bewust onvoltooid was. Zeer waarschijnlijk heeft hij een concept ‘verbeeld’ uit de filosofie van Thomas van Aquino die zich op zijn beurt heeft laten inspireren door Aristoteles. Het gaat hier om de actus (van handelen, doen, ontwikkelen) en de potentia (van aanleg, vermogen, talent).*

Betrekken we dat op ons zelf, dan zijn we in een voortdurende staat van wording, waarbij ieder moment iets anders kan ontstaan omdat we de potentie hebben om deze of die kant op te gaan.* In de nieuwe Bavo heeft Joseph Cuypers dat onder meer uitgedrukt in de bouwsculptuur: de kathedraal zit zowel binnen als buiten vol deels voltooid beeldhouwwerk dat elk een fase vormt van het totstandkomingsproces van een beeld. Het aardige hiervan is dat hij op deze manier ook het besluitvormingsproces illustreert, want juist dat onaffe laat zien dat het beeld nog alle kanten op kan. En dat is bij uitstek het geval helemaal aan het begin van het proces, met dat rudimentaire blok steen dat kersvers uit de groeve afkomstig lijkt te zijn.*

Onbewerkt blok steen bij de nieuwe Bavo, haast direct uit de groeve (foto BvHH 2013)
Onbewerkt blok steen bij de nieuwe Bavo, zo uit de groeve (foto BvHH 2013).

Wordingsproces — Maar waar een begin is, is ook een einde en dat wordt getoond door het bloemmotief en het poepende mannetje. Ze staan voor twee sporen in de beeldhouwkunst: de decoratieve kant met haar florale weelde en de figuratieve die zich op wezens van vlees en bloed concentreert. Wat Joseph Cuypers de vakmensen van zijn atelier in beide gevallen laat weergeven is hoe een blok steen een vorm wordt door er zo min mogelijk vanaf te halen. Volgens de acta en de potentia zit het beeld immers al in de steen, of liever gezegd, er zit een eindeloze verzameling beelden in die steen, waarvan deze twee worden vrijgelegd.

Maar we gaan nog een stap verder. Ons mannetje is nog maar net uit de steen bevrijd. Hij knijpt wat verbaasd met zijn ogen tegen het licht en zit nog even vast in zijn gedrukte houding. Maar het lijkt wel of hij ieder moment zijn handen van zijn hoofd kan halen om op te gaan staan. Ook die potentie is verbeeld. En laat nu juist de energie die hij bijna opstaand tot uitdrukking brengt door de beschouwers niet geïnterpreteerd zijn als een moment van belasting, maar van ontlasting. Een kakkertje dus!

Zouden de architect en zijn opdrachtgevers deze spotnaam gewaardeerd hebben? Hoogstwaarschijnlijk niet. Is het een geuzennaam geworden? In zekere zin wel, want de mensen rond de nieuwe Bavo zijn best wel trots op hun hoogsteigen poepende mannetje. Hij is dan ook op een hoogst vermakelijke manier tot leven gebracht in een uitzending van City Marketing Haarlem (2009) die je hieronder kunt zien.

Het goed recht van het publiek — En de laatste vraag: is dit nu erg? Is het een bespotting van de idealistische gedachte die er achter zit: van een scheppingsverhaal in steen? In mijn beleving is er geen ja of nee, omdat dit simpelweg hoort tot de receptiegeschiedenis van dit beeld. En als er iets getuigt van een effectieve receptie is het wel een spotnaam. Dan heeft het kunstwerk de mensen linksom of rechtsom gegrepen en dat is iets waarover de maker géén zeggenschap heeft. Wat dit betreft, mag ik graag verwijzen naar de kunstfilosoof Jacques de Visscher die hierover mooie dingen heeft gezegd. Hij is er heel stellig over dat de bestemming van de kunst niet de maker zelf is,

  • ‘maar het publiek, en dat bijgevolg de zaak van het begrijpen van een kunstvoorwerp niet in de eerste plaats bij de maker ligt die dit dan buiten het werk om aan de toeschouwer als aangesprokene dicteert’.*

Kunstwerken zijn niet aansprekend omdat ze ‘in de particulariteit van de wereld van de maker’ gevangen zitten, maar juist omdat ze steeds weer ‘nieuwe verhalen genereren’.* Het staat ieder dus vrij er van te maken wat hij of zij wil, zoals het poepende mannetje bij de nieuwe Bavo prachtig laat zien.

Wist je overigens dat Rembrandt ook een kakkertje heeft gemaakt? Heus waar! Probeer daar maar eens achter te komen en als je het vindt, laat het me weten.

B.1

Vragen? Stuur een mailtje naar bernadette@vanhellenberghubar.org!


Video van City Marketing Haarlem (2009) met onder meer het poepende mannetje.


Meer informatie & bestelgegevens

Het teken * in de bovenstaande tekst verwijst naar de bronnen die hieronder staan vermeld:

  • Hellenberg Hubar, Bernadette van, De nieuwe Bavo te Haarlem. Ad orientem | Gericht op het oosten, WBOOKS-Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, op initiatief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Zwolle-Haarlem 2016, paragraaf 4.2 en 4.3.4.
  • Ruyven-Zeman, Zsuzsanna van, Van heiligen tot amoeben, Honderdvijftig jaar monumentale glasschilderkunst in Nederland, Amersfoort 2014.
  • Visscher, Jacques de, Het verhaal van de kunst, een wijgerige hermeneutiek van het kunstwerk’ Amsterdam 1990, p. 80.
  • Wikipedia: https://www.wikiwand.com/nl/Geuzennaam.

Om het boek over de nieuwe Bavo te bestellen, volg deze link: http://bit.ly/Bavo-Ao

De nieuwe Bavo wordt gerestaureerd door Van Hoogevest Architecten te Amersfoort (http://bit.ly/Hoogevest-Bavo) in opdracht van de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo te Haarlem: http://bit.ly/Bavo2Ao.


  1. Dit item maakt deel uit van de serie ‘Kunst met de kleine en de grote K in de nieuwe Bavo’ en is gepubliceerd op ifthenisnow.nl, 24 januari 2016.
    Verkorte link: http://bit.ly/20LSvLB 

Ad orientem | Gericht op het oosten

Mijn boek over de nieuwe Bavo is tot de verschijning medio 2016 voor € 39,95 (dus met 10 euro korting) te bestellen via NieuweBavo@gmail.com (graag adresgegevens met e-mail vermelden) of via http://bit.ly/WBOOKS-nBavo (inclusief verzendkosten).

Bibliofiel exemplaar ten bate van de restauratie
Het is ook mogelijk om in te tekenen op een aparte editie, waarvan de opbrengst ten goede komt aan de restauratie van de kathedraal. De ondergrens is € 100,00 per exemplaar, waarbij de naam van de begunstiger in het boek vermeld wordt. Meer dan € 100,00 mag natuurlijk ook! Alle begunstigers krijgen een gesigneerd exemplaar uit de aparte, genummerde serie. Graag aanmelden via: NieuweBavo@gmail.com.
Voor wie dit een sympathiek doel vindt, maar geen boek wil, is er ook de mogelijkheid om een lager bedrag naar vrije keuze te doneren. Wees zo goed om dit per mail door te geven aan NieuweBavo@gmail.com, onder vermelding van het te doneren bedrag.

Voorproefjes

Ifthenisnow samenvatting 'Ad orientem | Gericht op het oosten, De nieuwe Bavo te Haarlem'
Op de site van Ifthenisnow is een samenvatting van ‘Ad orientem | gericht op het oosten, De nieuwe Bavo te Haarlem’ gepubliceerd.

Ik kreeg van verschillende kanten de vraag of er geen samenvatting kon komen van Ad orientem. Omdat ‘If then is now’ geïnteresseerd is in een serie korte stukjes over de nieuwe Bavo, vergelijkbaar met de voorproefjes die je hieronder kunt lezen, leek me dat wel een mooi platform voor een verhaal in kort bestek. Je vindt het onder deze link: http://bit.ly/Ifthenisnow-Bavo.

De samenvatting voor Ifthenisnow bood meteen een mooie gelegenheid om een vaak gestelde vraag te beantwoorden: waarom was er eigenlijk een nieuw boek nodig?

Nu zijn er sinds de kerkwijding van 1898 al verschillende publicaties aan de nieuwe Bavo gewijd, waarvan de laatste uit 1997: in Getooid als een bruid is uitvoerig aandacht besteed aan de ontwikkeling van het bouwplan, de iconografie en de verschillende kunstenaars die aan de inrichting werkten. Wat maakt ‘mijn’ boek anders, en sterker nog, waarom is er nog een boek nodig? Heel eenvoudig: de nieuwe inzichten als gevolg van de restauratie. Het anders en nodig heeft namelijk te maken met de ontdekkingen die vooral vanaf de steiger zijn gedaan. Als een van de betrokken onderzoekers stond ik daar oog in oog met de verschillende onderdelen die van de grond af niet waren te zien. Daar kreeg ik uitleg over de vondst van minieme kleursporen wat er toe heeft geleid dat de buitenpolychromie voor een groot deel is hersteld. Daar werd ik op een wel heel directe manier geconfronteerd met onvoltooide, brute halffabricaten en zelfs misbaksels die bij zo’n verheven bouwwerk als een kathedraal eigenlijk niet passen. Daar zag je ook het vakmanschap van de baksteenpolychromie en het spannende verschiet waarin verschillende elementen hand over hand in een klimmende beweging omhoog stuwen naar het meest majestueuze onderdeel: de groenkoperen koepel. Alleen al het complexe spel van architectonische hoofdlijnen en verfijnde detaillering is een studie waard.

Een van die halffabricaten heb ik hieronder besproken.

Fascinerend toch!

Creaturen in de kathedraal

Ad orientem: glimlachen of grijnzen
Creaturen in de kathedraal. Foto BvHH 2015.

Op de meest wonderlijke plaatsen zitten ze, de creaturen in de nieuwe Bavo. Zij horen bij het verhaal van de wereld in het klein, waarin goed en kwaad vertegenwoordigd zijn. In een kerk lijk je vaak alleen maar de extremen te zien: aan de ene kant vrome heiligen die vaak zo braaf worden afgebeeld dat ze als rolmodel eigenlijk mislukken. En daar tegenover, maar wel in de minderheid, grimmige duivels, de slang bij Maria of een monster dat vertrapt wordt onder de voet van een heilige. In dit verhaal van uitersten kun je je afvragen of de grens echt zo scherp moet worden gezien, want goed en kwaad vloeien immers in elkaar over en uit lelijke eendjes kunnen prachtige zwanen groeien.

Dat geldt ook voor dit creatuur dat op weg is om iets te worden, bijna een embryo in steen. Hij maakt deel uit van de Unvollendete die Joseph Cuypers in de kathedraal heeft ingebed. Op haar beurt heeft deze onvoltooide symfonie weer te maken met een van de belangrijkste onderdelen van de theologie van Thomas van Aquino, namelijk dat we allemaal één bonk potentie zijn. We zijn, maar omdat we veranderen zijn we ook weer niet, want ieder moment zijn we op weg naar het volgende. Dat laat dit wezentje mooi zien, want de beeldhouwer heeft zijn kop af, maar zijn hals ruw gelaten. Daar is hij om het in jargon te houden niet verder gekomen dan het punten: een voorbewerking die je maakt met een bepaalde beitel. Ook bij de uiteinden van de mond en de rechterwang is hij nog niet helemaal klaar, dus wat zou het precies gaan worden: glimlachen of grijnzen?

Nee, nee, ik ga niet verklappen waar dit wezentje zit, want dat is veel te leuk om zelf uit te zoeken.

Wil je meer informatie over de Unvollendete? Scrol dan verder of bezoek de kathedraal.1

Creaturen in de kathedraal

M.A. Thompson, schrijver van het eerst boek(je) over de nieuwe Bavo
M.A. Thompson (1861-1938), schrijver van het eerst boek(je) over de nieuwe Bavo. Herkomst Delpher.

Eindelijk is er een portret van hem tevoorschijn gekomen: Marie A. Thompson die in 1898 het eerste monografietje over de nieuwe Bavo schreef.2 Het past wel in de Unvollendete die vol potenties zit van dingen die gaan komen (of juist niet), dat hij hierin allerlei zaken als voltooid beschreef, die er nog lang niet waren. Voor sommige onderdelen geldt dat nog steeds, zoals de (on)betegelde boogtrommels in de Mariakapel. Het is nog altijd een zeer lezenswaardig boekje en voor mijn onderzoek van onschatbare waarde geweest. Je kunt je bijna niet voorstellen dat deze priester-journalist met zijn plezierige schrijfstijl een tijd lang de schrik van katholiek Nederland was. Dat was tijdens het zogenaamde integralisme, globaal van 1907 tot 1914, toen iedere geestelijke die ook maar enigszins ‘modernistisch’ leek door Thompson aan de schandpaal werd genageld. Ook dat leg ik uit in mijn boek: Ad orientem: http://bit.ly/Bavo-Ao.

Het portret van Thompson is getekend door Herman Moerkerk die als illustrator voor verschillende kranten en tijdschriften werkte, zoals De Tijd en De Katholieke Illustratie. Wil je meer over hem weten, kijk dan bij Wikipedia.3 De tekening werd bij enkele herdenkingsartikelen over Thompson gebruikt, zoals deze uit De Tijd van 1931, te vinden op Delpher. Foto’s van Thompson zijn tot dusver niet tevoorschijn gekomen, maar wie iets weet … ik houd me aanbevolen.

Wil je meer informatie over het boek? Scrol dan verder of bezoek de kathedraal.4

Creaturen in de kathedraal

Goot aan de zuidkant van de nieuwe Bavo (2015).
Zo simpel kan schoonheid zijn! De gerestaureerde goot aan de zuidkant van het schip van de nieuwe Bavo. Foto BvHH juni 2015.

Zelfs aan de buitenkant van de nieuwe Bavo zit veel glans. Het is een onderzoek waard om te kijken wat het licht hier allemaal doet. Prozaïsche mensen zullen het hebben over de hoek van inval en de hoek van weerkaatsing die gelijk is, maar daarmee vang je de poëtische interactie nog niet. Zie je hoe mooi het steigerwerk in de spiegeling van het koper opgenomen wordt. En is dit geen fantastische studie in perspectief met die zichtlijnen die elkaar zowat bij de toren raken? Ondertussen is dit voor het menselijk oog een wel heel tijdelijk beeld, want de steigers zijn al aan het zakken … En nee, hier kan zelfs geen drone tegen op.

Als we nu toch zo’n beetje aan het mijmeren zijn, mag ook wel verteld worden dat het nieuwe boek over de kathedraal op de steigers geboren is. Het idee was er langer, maar daar … daarboven op die ijle en toch stevige constructie tussen hemel en aarde, daar begon de inspiratie!

Of er nog meer in het verschiet ligt? Scrol maar ‘ns verder of bezoek de kathedraal.5

Creaturen in de kathedraal

Ad orientem: groepsportret van drie generaties Cuypers.
Groepsportret van drie generaties Cuypers: centraal op de stoel Pierre Cuypers met zijn jongste kleinzoon Charles. Achter hem Joseph Cuypers met rechts zijn oudste zoon en later co-architect Pierre Cuypers junior en links de beeldhouwer Michael. Ontleend aan de biografie over Pierre J.H. Cuypers van Wies van Leeuwen.6

Ik ben nog steeds aan het nagenieten van de lezing die de Vrienden van de nieuwe Bavo van de week (5 oktober 2015) hebben georganiseerd. Pierre Cuypers heeft een prachtig verhaal verteld over zijn grootvader Joseph die de kathedraal heeft ontworpen. Een geheel andere figuur dan zijn vader, wiens onverzettelijkheid nagenoeg legendarisch is. Daartegenover was Joseph de man van de samenwerking, van de coproductie, van de dialoog met andere kunstenaars.

Op dit punt doet hij me sterk denken aan zijn vriend Antoon Derkinderen, aan wie ik in De genade van de steiger de nodige aandacht heb besteed. Allebei zijn ze op de koffie gekomen: in het ene geval raakte Derkinderen in conflict met Albert Verweij en H.P. Berlage over zijn ontwerp voor schilderingen in de zaal van de Kamer van Koophandel in de Koopmansbeurs. Daartegenover kampte teamplayer Joseph Cuypers bij de nieuwe Bavo met soms ronduit achterbakse collega’s. Wat er allemaal passeerde, is mooi in beeld gebracht in het vorige boek over de kathedraal van Antoon Erftemeijer e.a., Getooid als een bruid (1997).7 Een prachtige monografie, die ik bij het schrijven naast me op tafel heb liggen. Op één van de conflicten die daarin uit de doeken is gedaan, ga ik dieper in, omdat dit niet alleen de persoonlijkheid van de architect in het licht zet, maar vooral ook zijn visie op het licht in de kathedraal onthult. En dat is zo wel zo mooi, omdat sommige onderzoekers dit afdoen als kinnesinne tussen kunstenaars, hetgeen beslist geen recht doet aan de integriteit van Joseph Cuypers.

Nieuwsgierig? Scrol dan verder of bezoek de kathedraal.8

Creaturen in de kathedraal


Hoe een drone de nieuwe Bavo ziet! Na LostPropellor verleden jaar nu Youtubeman Steun met een prachtige vue op de kathedraal.

Het is en blijft toch werkelijk een heel bijzonder gebouw. Een voorrecht om een boek over te mogen schrijven. Geniet dankzij deze drone even mee van de juwelen van de bruid, de prachtig gerestaureerde polychromie op de torens en de sculptuur die het motto van de kathedraal illustreren: ‘Getooid als een bruid’. Zo omschreef Johannes het hemels Jeruzalem dat hij in zijn visioen naar beneden zag dalen als symbool van Gods rijk: ‘Ik zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, vanuit God uit de hemel neerdalen, gereed als een bruid die zich voor haar man heeft getooid’.9

Wil je de nieuwe Bavo ook vanuit een ander perspectief zien? Scrol dan verder of bezoek de kathedraal.10

Creaturen in de kathedraal

NHA onderzoeksmoment Callier
De keuze van het beeldmateriaal voor ‘Ad orientem’ afgelopen dagen verliep prima dankzij de hulp van de mensen van het Noord-Hollands Archief. Ook zij zorgen ervoor dat er een mooi boek komt. Foto BvHH september 2015.

Voortgang — Het vlot goed met het manuscript. Vier van de vijf hoofdstukken liggen inmiddels bij de leescommissie. Ondertussen is de bulk van het historisch beeldmateriaal geselecteerd bij het Noord-Hollands Archief (NHA). Zo draagt deze instelling in natura bij aan de publicatie van Ad orientem. Daar zijn we (de Stichting Kathedrale Basiliek Sint Bavo, WBooks en ik) natuurlijk heel blij mee. Het gaat zowel om oude foto’s als archiefstukken, waaronder de bouwtekeningen en ontwerpen voor altaren, schilderingen, glas-in-lood, siersmeedwerk et cetera. Er zit prachtig materiaal tussen van architectenbureau Cuypers en verschillende kunstenaars, onder wie Jan Brom, Johannes Maas, Han Bijvoet, Jan van Druten en noem maar op. Maar ook de historische foto’s zijn heel informatief. Hierboven zie je Callier in 1897, de tijd dat hij met Joseph Cuypers druk bezig was aan de kathedraal en de fameuze ‘vodjes’ produceerde met allerlei concepten voor het beeldprogramma. Het decoderen van die ‘vodjes’ – zo werden ze letterlijk genoemd – krijgt de nodige aandacht in het boek.

Nog ‘n tipje van de sluier? Scrol dan verder of bezoek de kathedraal.11

Creaturen in de kathedraal

Untitled
Aan de Sacramentskapel in de nieuwe Bavo van Haarlem hebben verschillende kunstenaars gewerkt. Foto BvHH 2014.

Goud op snee — Overal schittert het in de nieuwe Bavo, maar nergens zo sterk als in de Sacramentskapel. Als je daar tussen al die glanselementen staat, zie je de kleuren door de reflectie naar alle kanten spreiden. Joseph Cuypers had hier zijn architectuur met de spiegelende terracotta’s op ingesteld, zoals je ziet in de banden, muurzuilen en kapitelen (1898). Hoewel de architect daar zelf ook een ontwerp voor had ingediend, was het Jan Brom die dit prachtige tabernakel mocht maken, in de vorm van een miniatuur hemels Jeruzalem (1900-1902). Lambert Lourijsen met wie Joseph Cuypers vaker samenwerkte, ontwierp het mozaïek met de Beuroner engelen en teksten uit de Sacramentshymne van Thomas van Aquino. De uitvoering werd verzorgd door de firma Peter Beyer & Sohne te Keulen (1923-1926).

Nieuwsgierig? Scrol verder of bezoek de kathedraal.12

Creaturen in de kathedraal

Untitled
Johannes P. Maas, Een van de basementen van de kooromgang van de nieuwe Bavo te Haarlem, getiteld ‘vermetel vertrouwen’ (kleimodel, 1914). Herkomst: Noord-Hollands Archief, Parochiearchief nieuwe Bavo. Foto BvHH 2014.

Vermetel — Een fantastische kop, met een opvallende expressie, zouden we vandaag de dag zeggen, maar daar dacht men in de tijd zelf anders over. Dit werk moet namelijk een van de zonden tegen de heilige Geest voorstellen, in dit geval ‘Op Gods genade vermetel vertrouwen’. Toen het programma in 1898 door de latere bisschop A.J. Callier werd bedacht, liet hij er het volgende over schrijven: ‘Dit gelaat is meer vrouwelijk dan mannelijk, lichtzinnig en wulpsch. Het verbrandt zijn vliegen- of muggenvleugelen aan het vuur van Gods gerechtigheid, terwijl het grijpt naar een bloeiende doornstruik (beeld van aardsch schijngenot)’. Wat wij nu vooral zien zijn de fijne lijnen in de steen, het meesterschap waarmee deze figuur net onder zijn mantel uit lijkt te komen en de kracht van spieren en handen. Voor de variatie best aardig, zo’n vermetele genius.

Meer weten? Scrol dan verder.

Creaturen in de kathedraal

Waarover het boek gaat?

Untitled

Voor het eerst sinds ruim een eeuw stond de kathedrale basiliek van Haarlem, beter bekend als de nieuwe Bavo, van binnen en buiten in de steigers. Tijdens de restauratie van het afgelopen decennium was er alle gelegenheid om dit ontwerp van Joseph Cuypers (1861-1949) – zoon van de architect van het Rijksmuseum, Pierre Cuypers – van dichtbij te onderzoeken. Dat leidde tot ontdekkingen die voor een groot deel het aanzien van de kathedraal hebben veranderd. Wat te denken van de polychromie aan de buitenkant van traptorens, topgevels en bouwsculptuur die in Nederland zonder weerga is. Of het herstel van de blauwe voegen in het interieur – ook al zoiets aparts – en de rijk versierde terracotta’s binnen en buiten. Door de reparatie en de uitbreiding van het glas-in-lood kwam de bijzondere visie van de architect op het licht in deze kerk aan de oppervlakte. Weinig andere vakbroeders waren zo bewust bezig om de atmosfeer van het Hollandse landschap naar binnen te halen. Maar ook een fenomeen dat al vanaf het ontstaan van de kathedraal zichtbaar was, maar niettemin vrijwel onopgemerkt bleef, kon dankzij de steigers minutieus onderzocht worden: het onvoltooide karakter van het gebouw waardoor het de architectonische pendant lijkt van de symfonie Die Unvollendete. Deze bewuste onvoltooidheid maakt de nieuwe Bavo wel heel bijzonder.

De nieuwe Bavokathedraal te Haarlem, bezien van het noordoosten. Foto auteur mei 2014
De nieuwe Bavo te Haarlem, bezien vanuit het noordoosten. Let op de onbewerkte blokken steen bij de koortribune (rechts). Ook de tamboer van de koepel wordt door dergelijke halffabricaten omringd. Foto auteur mei 2014.

Wat zich op het gebied van architectuur en toegepaste kunsten manifesteerde, was niet alleen aan het vormgevende talent van Joseph Cuypers te danken, maar ook aan het veelzijdige verhaal dat de bouwheer, de latere bisschop A.J. Callier (1849-1928), met de kathedraal wilde vertellen. Gezamenlijk hebben zij een programma ontwikkeld dat qua diepte en strekking haar middeleeuwse voorbeelden niet had misstaan. Heel bijzonder is de manier waarop het gedachtegoed van Thomas van Aquino tot uitdrukking is gebracht, die rond 1900 een rolmodel vormde voor vernieuwingsgezinde priesters en kunstenaars. In die zin kan de nieuwe Bavo getypeerd worden als een eigentijds gebouw dat in zijn inhoud en uitstraling balanceert op het scherp van de snede tussen traditie en vernieuwing.

Untitled
Thomas van Aquino (circa 1225-1274) in het glas-in-loodraam van Frans Balendong (1949) in de Sacramentskapel van de nieuwe Bavo. Niet eerder werd duidelijk hoe sterk het programma zowel in architectuur als iconografie geïnspireerd is door deze middeleeuwse filosoof, theoloog en dichter. Foto auteur 2014. 13

Dat uit zich ook in de titel Ad orientem die aan de ene kant refereert aan het oriëntalisme van die tijd dat tot een hernieuwde belangstelling leidde voor het Heilige Land. In dat verband werd de Arabische architectuur beschouwd als een streekeigen component die als inspiratiebron gebruikt kon worden voor christelijke architectuur, zoals de majestueuze koepel van de nieuwe Bavo laat zien. Anderzijds gaat om het om een oeroud iconografisch gegeven, waarbij men gewijde gebouwen situeerde op de Heilige Linie, georiënteerd op de dageraad die liturgisch gezien iedere dag weer opnieuw verwijst naar Christus als licht van de wereld. Zonder overdrijving behelst de nieuwe Bavo ruim twintig eeuwen cultuur die in dit boek aan de hand van de hiervoor genoemde thema’s over het voetlicht wordt gebracht.

Wil je meer weten? Kijk dan eens bij de verhalen over de nieuwe Bavo op deze site.
En bestellen tegen een aantrekkelijke korting kun je tot de verschijningsdatum medio 2016 voor € 39,95 (dus 10 euro minder) via NieuweBavo@gmail.com (graag verzendadres vermelden) of via http://bit.ly/WBOOKS-nBavo (inclusief verzendkosten).

Je kunt ook @nieuweBavo en @Bern4dette op Twitter volgen: daar komt een paar maal per week een interessant item over de nieuwe Bavo langs.

B.14


  1. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  2. Zie de bibliografie op deze site. 

  3. Herman Moerkerk (1879-1949) op Wikipedia

  4. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  5. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  6. Voor de volledige titel zie de bibliografie onder A.J.C. van Leeuwen. De foto staat op p. 62 en is afkomstig uit een particuliere collectie. 

  7. Voor de volledige titel zie de bibliografie

  8. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  9. Johannes, Apocalyps, 21, 2; geciteerd naar willibrordbijbel.nl. 

  10. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  11. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  12. Van 1 april tot 30 september geopend van dinsdag tot en met zaterdag: www.rkbavo.nl. Buiten het seizoen kan de kathedraal zondags na het bijwonen van de mis bekeken worden. 

  13. Zie het betreffende lemma op  Wikipedia

  14. Verkorte link van dit item: http://wp.me/p4eh3s-1JQ | http://bit.ly/Bavo-Ao2.